Hoe werkt de Rassenlijst?


Hoe werkt de Rassenlijst?

Ik heb een Rassenlijst gemaakt. Dit omdat vele paarden, pony, ezel en zebra rassen per land en zelfs per streek anders worden genoemd. Het is dus zo dat één ras vele verschillende 'namen' kan hebben. Dit schept soms verwarring. Daarom heb ik getracht een lijst te maken op alfabet.
Weet jij nog een verbetering of aanvulling voor de rassenlijst, dan hoor ik het natuurlijk graag van je!

zaterdag 21 maart 2009

Oerpaarden - fossielen

Oerpaarden - fossielen


De zogenaamde evolutie-lijn van het paard
De 'evolutie' van het paard is een heel populair onderwerp in de boeken over evolutie. De graduele ontwikkeling van een klein paardachtig dier met 4 tenen tot het modern paard met slechts 1 grote teen (de hoef) wordt voorgesteld als klassiek voorbeeld van hoe een soort in een andere verandert waarbij alle tussenvormen gekend zijn. Een typische tabel zie er dan als volgt uit:


Een typische tabel van de "evolutie" van de paarden.

In Noord-Amerika werden er een 250-tal paardachtige fossielen gevonden... die in een bepaalde lijn werden gerangschikt. Eigenaardig genoeg bestaan er wel zo'n 20 verschillende evolutielijnen van het paard. 3

Men concentreerde zich op de voor- en achterpoten maar het aantal lendewervels en het aantal ribben blijken totaal verschillend te zijn en zodoende de evolutielijn tegen te spreken. Men kent ook de voorouders niet van deze paardachtigen en er is eigenlijk ook geen aanwijzing dat ze van elkaar afstammen. Het zijn waarschijnlijk gewoon verschillende uitgestorven soorten en geslachten die arbitrair in een 'evolutielijn' zijn gerangschikt.

Veel evolutiewetenschappers zijn dan ook afgestapt van deze veronderstelde 'evolutielijn' van het paard als degelijk bewijs voor evolutie. Sommige wetenschappers menen zelfs dat Eohippus, het oerpaardje met vier tenen, vandaag nog leeft en helemaal geen paardachtige is maar een dier, Hyrax (klipdas) genoemd.


De achterpoten van oa Orohippus, Miohippus en equus (het moderne paard).

Prof. G. Simpson een autoriteit op dit terrein stelt het zo:

"De continue transformatie van Hyracotherium (een fossiele paardachtige) tot Equus (het modern paard), zo geliefd bij vele generaties boekschrijvers, is inde natuur nooit gebeurd."
(Simpson, G.L., 'Life in the Past', p.i 19) 3

en Charles Deperet, een beroemd Frans-paleontoloog, stelt:

"De veronderstelde stamboom van de Equidae (familie der paardachtigen) is een bedriegelijke waanvoorstelling.."
(Deperet C, 'Transformations in the Animal Kingdom', p. 105) 3

In oktober 1980 kwamen ongeveer 160 van 's werelds voornaamste evolutiewetenschappers bijeen in een historische conferentie te Chicago over de interpretatie van fossielen en de evolutietheorie. Het resultaat hiervan betekende zo goed als het luiden van de doodsklok over de neo-darwinistische evolutietheorie. De experten gaven immers toe dat na 120 jaar fossielenonderzoek sinds Darwin er geen fossiele overgangsvormen tussen de soorten gevonden zijn. In een rapport over deze conferentie stelde Newsweek van 3 november 1980 het volgende:

"De ontbrekende schakel tussen de mens en de apen ... is één van meest bekende uit een hele rijspook-wezens. In de wereld van de fossielen is het ontbreken van tussenschakels algemene regel... Hoe meer wetenschappers hebben gezocht naar ontbrekende schakels tussen de soorten, hoe meer ze teleurgesteld werden." 4

We zien dus dat het ontbreken van tussenschakels, wat rechtstreeks door het scheppingsmodel werd voorspeld, juist bleek te zijn. Voor het evolutiemodel is dit nog steeds één van de vele grote moeilijkheden en vraagtekens. Om uit deze impasse te geraken hebben evolutiewetenschappers zoals S.J.Gould en N.Eldredge in de jaren '70 een wijziging van de evolutietheorie voorgesteld, namelijk de theorie van het punctueel evenwicht ('punctuated equilibrium'). Volgens deze theorie zou evolutie gekenmerkt worden door lange periodes van evenwicht waarbij er geen evolutie optreedt en alles hetzelfde blijft, afgewisseld met korte periodes van snelle evolutie in kleine populaties. Dit bedoeld om te verklaren dat overgangsvormen niet teruggevonden kunnen worden.

Het spreekt vanzelf dat deze zogenaamde nieuwe theorie evenmin een verklaring geeft voor het totaal ontbreken van de miljoenen overgangsvormen, die zouden geleefd hebben, zoals Darwin stelde, als de evolutietheorie juist is. Waarom kunnen evolutiewetenschappers niet gewoonweg toegeven dat deze tussenvormen nooit geleefd hebben? Is het omdat de evolutiegedachte een soort 'dogma' is geworden in de wetenschap waar niet aan getornd mag worden? Of omdat het alternatief, nl. schepping, de wetenschappers, die in deze tijd in hun rationeel en materialistisch denken de Schepper-God gewoonweg negeren, koude rillingen doet krijgen?

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Volgers