Stamboek - KWPN - een paar bekende KWPN hengsten
Hier komen een paar bekende KWPN hengsten
Aktion
Animo
Burggraaf
Calvados
Concorde
Corland
D-Day
Damiro
Emilion
Farmer
Ferro
Flemmingh
Formateur
Goodtimes
Heartbreaker
Indoctro
Inspekteur
Ircolando
Jazz
Junior
Krack C
Lancet
Libero H
Lux
Matterhorn
Metall
Negro
Nimmerdor
Hoe werkt de Rassenlijst?
Hoe werkt de Rassenlijst?
Ik heb een Rassenlijst gemaakt. Dit omdat vele paarden, pony, ezel en zebra rassen per land en zelfs per streek anders worden genoemd. Het is dus zo dat één ras vele verschillende 'namen' kan hebben. Dit schept soms verwarring. Daarom heb ik getracht een lijst te maken op alfabet.
Weet jij nog een verbetering of aanvulling voor de rassenlijst, dan hoor ik het natuurlijk graag van je!
Posts tonen met het label KWPN - Hengst. Alle posts tonen
Posts tonen met het label KWPN - Hengst. Alle posts tonen
zondag 22 maart 2009
Stamboek - KWPN - hengsten - letter A
Stamboek - KWPN - hengsten - letter A
Aktion
Algemene info:
Aktion is een schimmelhengst die internationaal dressuur loopt onder Gyula Dallos. Hij is gefokt door B. Ridder uit Harkstede.
Aktion zijn vader heet Pion. Hij is ook een heel bekende hengst die internationaal gesprongen heeft onder Rob Ehrens. Zijn moeder Ohnegleichen is een afstammeling van Akteur die ook gefokt is door B. Ridder uit Harkstede.
Animo
Algemene info:
Animo is geboren op 7 mei 1982. Zijn vader is H. Alme Z. Zijn moeder is de stermerrie Irene van Amor. Animo is de enige ter dekking staande KWPN hengst die zelf Olympische Spelen heeft gelopen (Barcelona 1992). Michael Whithaker zei ooit in een interview in "Horse and Hound","Animo is de best springende hengst in Europa".
Aktion
Algemene info:
Aktion is een schimmelhengst die internationaal dressuur loopt onder Gyula Dallos. Hij is gefokt door B. Ridder uit Harkstede.
Aktion zijn vader heet Pion. Hij is ook een heel bekende hengst die internationaal gesprongen heeft onder Rob Ehrens. Zijn moeder Ohnegleichen is een afstammeling van Akteur die ook gefokt is door B. Ridder uit Harkstede.
Animo
Algemene info:
Animo is geboren op 7 mei 1982. Zijn vader is H. Alme Z. Zijn moeder is de stermerrie Irene van Amor. Animo is de enige ter dekking staande KWPN hengst die zelf Olympische Spelen heeft gelopen (Barcelona 1992). Michael Whithaker zei ooit in een interview in "Horse and Hound","Animo is de best springende hengst in Europa".
Stamboek - KWPN - hengsten - letter B
Stamboek - KWPN - hengsten - letter B
Burggraaf
Algemene info:
Burggraaf is een keur preferente hengst geboren op 22 mei 1983. Zijn vader is Landgraaf en zijn moeder Loanda H van Cor de la Bryere. De fokkers van Burggraaf zijn Ingeborg en Klaus Block uit Hagen. Burggraaf heeft wereldwijd al meer dan 30 goedgekeurde zonen.
Bruggraaf sprong zelf internationaal onder Roelof Bril. In 1991 sprong hij op het Indoor Brabant een muur van 2.10 m.
Burggraaf
Algemene info:
Burggraaf is een keur preferente hengst geboren op 22 mei 1983. Zijn vader is Landgraaf en zijn moeder Loanda H van Cor de la Bryere. De fokkers van Burggraaf zijn Ingeborg en Klaus Block uit Hagen. Burggraaf heeft wereldwijd al meer dan 30 goedgekeurde zonen.
Bruggraaf sprong zelf internationaal onder Roelof Bril. In 1991 sprong hij op het Indoor Brabant een muur van 2.10 m.
Stamboek - KWPN - hengsten - letter C
Stamboek - KWPN - hengsten - letter C
Calvados
Algemene info:
Calvados is een keur hengst. Hij is geboren op 17 april 1984. Zijn vader is Uriel S.F. en zijn moeder is van Ibrahim S.F.
Calvados heeft zelf onder Peter Geerink gesprongen. Toen hij 4 jaar was won hij de Nationale Hengstencompetitie. In 1992 werd hij zevende op de Nederlandse Kampioenschappen, het jaar daarna werd Calvados onder Peter Geerink tweede op het Nederlanse kampioenschap en won hij de Grote Prijs van Denemarken
Concorde
Algemene info:
Concorde is een preferente hengst van Voltaire. Zijn prestatiemoeder Flyer heeft Marco Polo als vader. Concorde is geboren op 10 mei 1984. Hij doet bij veel internationaal van zich spreken onder meer onder de ruiter Jos Lansink. Het voorvoegsel Olympic dat hij kreeg onderstreept zijn betekenis. In 1992 won hij het Nederlands kampioenschap springen. Het jaar daarvoor won hij het hengstenspringen 1.40 m tijdens de finale. Ook won hij de Grote Prijs van Nordrhein-Westfalen in Aken.
Corland
Algemene info:
Corland is een schimmelhengst van Cor de la Bryere. Moedersvader is de bekende Landgraaf I.
Corland was als jong paard al erg succesvol, hij was kampioen van de hengsten test, en geplaatst voor de Wereld Kampioenschappen voor jonge springpaarden. Ook internationaal was Corland succesvol. in Oslo werd hij tweede, derde en vierde, in Helsinki werd hij zesde in de Grand Prix. Hij werd tweede in de kampioenschappen voor de Benelux. In Arnhem werd Corland eerste en tweede in de 1.50 m rubrieken. Ook werd hij vijfde in de Grand Prix van Bordeaux, vierde in de Grand prix van Den Bosch en tweede bij de Sires of de World in Lanaken.
Calvados
Algemene info:
Calvados is een keur hengst. Hij is geboren op 17 april 1984. Zijn vader is Uriel S.F. en zijn moeder is van Ibrahim S.F.
Calvados heeft zelf onder Peter Geerink gesprongen. Toen hij 4 jaar was won hij de Nationale Hengstencompetitie. In 1992 werd hij zevende op de Nederlandse Kampioenschappen, het jaar daarna werd Calvados onder Peter Geerink tweede op het Nederlanse kampioenschap en won hij de Grote Prijs van Denemarken
Concorde
Algemene info:
Concorde is een preferente hengst van Voltaire. Zijn prestatiemoeder Flyer heeft Marco Polo als vader. Concorde is geboren op 10 mei 1984. Hij doet bij veel internationaal van zich spreken onder meer onder de ruiter Jos Lansink. Het voorvoegsel Olympic dat hij kreeg onderstreept zijn betekenis. In 1992 won hij het Nederlands kampioenschap springen. Het jaar daarvoor won hij het hengstenspringen 1.40 m tijdens de finale. Ook won hij de Grote Prijs van Nordrhein-Westfalen in Aken.
Corland
Algemene info:
Corland is een schimmelhengst van Cor de la Bryere. Moedersvader is de bekende Landgraaf I.
Corland was als jong paard al erg succesvol, hij was kampioen van de hengsten test, en geplaatst voor de Wereld Kampioenschappen voor jonge springpaarden. Ook internationaal was Corland succesvol. in Oslo werd hij tweede, derde en vierde, in Helsinki werd hij zesde in de Grand Prix. Hij werd tweede in de kampioenschappen voor de Benelux. In Arnhem werd Corland eerste en tweede in de 1.50 m rubrieken. Ook werd hij vijfde in de Grand Prix van Bordeaux, vierde in de Grand prix van Den Bosch en tweede bij de Sires of de World in Lanaken.
Stamboek - KWPN - hengsten - letter D
Stamboek - KWPN - hengsten - letter D
Damiro
Algemene info:
Damiro is een bruine hengst. Zijn vader is de beroemde springhengst G. Ramiro Z en moedersvader is H. Alme Z. Damiro is geboren op 7 mei 1985. Hij was kampioen van zijn jaar van het verrichtingsonderzoek met 5 negens en 2 keer een acht en een half. Damiro heeft al een aantal goedgekeurde zonen waaronder Hilton, Ids, Douwe en Le Byou P.
Damiro werd gereden door Wout-Jan v.d. Schans, die diverse overwinningen met hem behaalde o.a. het winter- indoorkampioenschap te Leiden waar hij kampioen werd. In Bordeaux werd hij winnaar in het Two Fences Parcours (waarbij hij over twee meter ging) en een vierde plaats in het jachtspringen. Verder behaalde hij vele fraaie plaatsen in Eindhoven, Rotterdam, Jumping Amsterdam, Calgary en Geneve.
D-Day
Algemene info:
D-Day is een prachtige schimmelhengst van Donnerschwee en moedersvader is Welt As. Ik heb D-Day een keer gezien bij Stal De IJzeren Man in Weert en het is zo'n prachtig mooi dier. D-Day is geboren op 23 maart 1992.
D-Day heeft in 1996 deelgenomen aan het verrichtingsonderzoek in Neustadt a/d Dosse. In dat onderzoek eindigde de hengst als eerste in de dressuur (135,60) en als vijftiende in het springen (100,49). Zijn totaalscore bedroeg 120,83 punten, waarmee de hengst de zesde plaats innam. Het afgelopen seizoen heeft D-Day met succes deelgenomen aan de hengstencompetitie in de klasse Z-dressuur.
Damiro
Algemene info:
Damiro is een bruine hengst. Zijn vader is de beroemde springhengst G. Ramiro Z en moedersvader is H. Alme Z. Damiro is geboren op 7 mei 1985. Hij was kampioen van zijn jaar van het verrichtingsonderzoek met 5 negens en 2 keer een acht en een half. Damiro heeft al een aantal goedgekeurde zonen waaronder Hilton, Ids, Douwe en Le Byou P.
Damiro werd gereden door Wout-Jan v.d. Schans, die diverse overwinningen met hem behaalde o.a. het winter- indoorkampioenschap te Leiden waar hij kampioen werd. In Bordeaux werd hij winnaar in het Two Fences Parcours (waarbij hij over twee meter ging) en een vierde plaats in het jachtspringen. Verder behaalde hij vele fraaie plaatsen in Eindhoven, Rotterdam, Jumping Amsterdam, Calgary en Geneve.
D-Day
Algemene info:
D-Day is een prachtige schimmelhengst van Donnerschwee en moedersvader is Welt As. Ik heb D-Day een keer gezien bij Stal De IJzeren Man in Weert en het is zo'n prachtig mooi dier. D-Day is geboren op 23 maart 1992.
D-Day heeft in 1996 deelgenomen aan het verrichtingsonderzoek in Neustadt a/d Dosse. In dat onderzoek eindigde de hengst als eerste in de dressuur (135,60) en als vijftiende in het springen (100,49). Zijn totaalscore bedroeg 120,83 punten, waarmee de hengst de zesde plaats innam. Het afgelopen seizoen heeft D-Day met succes deelgenomen aan de hengstencompetitie in de klasse Z-dressuur.
Stamboek - KWPN - hengsten - letter E
Stamboek - KWPN - hengsten - letter E
Emilion
Algemene info:
Emillion is een afstammeling van Wellington. Hij is geboren op 25 mei 1986 en is keurhengst.
Emilion heeft op het hoogste niveau gesprongen, werd eerste in de Wereld beker in Millstreet, vierde in de Grote Prijs van Valkenswaard, tweede in the Grote Prijs van Donaueschingenen vijfde in Grote Prijs van Londen.
Emilion
Algemene info:
Emillion is een afstammeling van Wellington. Hij is geboren op 25 mei 1986 en is keurhengst.
Emilion heeft op het hoogste niveau gesprongen, werd eerste in de Wereld beker in Millstreet, vierde in de Grote Prijs van Valkenswaard, tweede in the Grote Prijs van Donaueschingenen vijfde in Grote Prijs van Londen.
Stamboek - KWPN - hengsten - letter F
Stamboek - KWPN - hengsten - letter F
Farmer
Algemene info:
Farmer is geboren op 3 april 1987. Zijn vader is de preferente Voltaire. Zijn moeder Wulia is keur preferent prestatie. Haar vader is Amor, die ook preferent is.
Dit is een stukje over het verrichtingsonderzoek dat jonge hengsten moeten doen voordat ze goedgekeurd worden als dekhengst:
Vriendelijk, speels, attent, eerlijk, gehoorzaam met goed humeur. Hij is op een positieve manier brutaal. Bij begin onderzoek net zadelmak. Laat zich gemakkelijk bewerken. Gaat goed ontspannen en geeft zijn ruiter een goed gevoel.
Stap heeft veel regelmaat en is ruim. Draf heeft een mooie balans en veel tact. Galop is mooi en krachtig. Bij het springen voorzichtig. Heeft een goede afdruk en een snel voorbeen. In terrein pakt hij goed aan, terreingalop zou ruimer mogen zijn. Zeer veel bereidheid om te werken, ervaart werk als licht. Veel aanleg als dressuurpaard, tamelijk veel aanleg als springpaard.
Bij aankomst goede voedingstoestand die hetzelfde bleef.
Rustig stalgedrag.
Ferro
Algemene info:
Ferro is de mooie zwarte hengst die onder Coby van Baalen in de Grand Prix dresuur loopt. Hij is een zoon van Ulft en moedersvader is Farn. Ferro is een keur hengst die niet alleen in dressuur maar ook met springen in het verrichtingsonderzoek hoge cijfers kreeg.
De meeste nakomelingen van Ferro zijn mooie dressuurpaarden. Ferro heeft al een aantal goedgekeurde zonen bij het KWPN maar ook bij het NRPS stamboek.
Flemmingh
Algemene info:
Flemmingh is een hengst uit 100% holsteiner bloed die wel goedgekeurd is bij het KWPN. Zijn vader is Lacapo die weer een zoon is van de erg bekende Landgraaf I. Moedersvader is Carnaval W van Cor de la Bryere.
Zijn moeder Texas heeft naast Flemmingh nog drie goedgekeurde hengsten gebracht. Dat zijn Gaspari I en II en de Holsteinse kampioen Litorio. Zelf is Flemmingh vader van vele keuringskampioenen als:
Kwebbel reserve kampioen UTV en tevens hoogste IBOP van Nederland met 90 punten
Likina Field reserve kampioen UTV
Kevanie reserve kampioen UTV
Flemmingh heeft al vijf goedgekeurde zonen. De eerste internationale prestaties van zijn kinderen zijn gezet en zijn ook direct van wereldklasse. Zijn zoon Lingh loopt nu met Edward Gal al in de Grand Prix. Hij heeft al EK gelopen. Ook in de Pavo Cup zijn de Flemmingh's zeer succesvol zoals Nederlands kampioen Krack C. Flemmingh vererft mooie grote langgelijnde paarden met 3 beste gangen. Dat blijkt ook uit het grote aantal ster- en keurmerries en kampioensveulens. De kinderen van Flemmingh zijn zeer gevraagd bij dressuurruiters, trainers en handelaren omdat ze leergierig zijn, willen werken en gemakkelijk bewegen.
Formateur
Algemene info:
Formateur is de opa van Kylan (moedersvader). Hij is een erg bekende hengst van 100% Gelders bloed. Zij ouders zijn Polaris (vader) en Lauwra A (moeder). Moeder Lauwra A is Model Preferent Prestatie.
Zelf is Formateur vooral bekent als springhengst. Hij sprong zelf internationaal onder Jan Maathuis.
Farmer
Algemene info:
Farmer is geboren op 3 april 1987. Zijn vader is de preferente Voltaire. Zijn moeder Wulia is keur preferent prestatie. Haar vader is Amor, die ook preferent is.
Dit is een stukje over het verrichtingsonderzoek dat jonge hengsten moeten doen voordat ze goedgekeurd worden als dekhengst:
Vriendelijk, speels, attent, eerlijk, gehoorzaam met goed humeur. Hij is op een positieve manier brutaal. Bij begin onderzoek net zadelmak. Laat zich gemakkelijk bewerken. Gaat goed ontspannen en geeft zijn ruiter een goed gevoel.
Stap heeft veel regelmaat en is ruim. Draf heeft een mooie balans en veel tact. Galop is mooi en krachtig. Bij het springen voorzichtig. Heeft een goede afdruk en een snel voorbeen. In terrein pakt hij goed aan, terreingalop zou ruimer mogen zijn. Zeer veel bereidheid om te werken, ervaart werk als licht. Veel aanleg als dressuurpaard, tamelijk veel aanleg als springpaard.
Bij aankomst goede voedingstoestand die hetzelfde bleef.
Rustig stalgedrag.
Ferro
Algemene info:
Ferro is de mooie zwarte hengst die onder Coby van Baalen in de Grand Prix dresuur loopt. Hij is een zoon van Ulft en moedersvader is Farn. Ferro is een keur hengst die niet alleen in dressuur maar ook met springen in het verrichtingsonderzoek hoge cijfers kreeg.
De meeste nakomelingen van Ferro zijn mooie dressuurpaarden. Ferro heeft al een aantal goedgekeurde zonen bij het KWPN maar ook bij het NRPS stamboek.
Flemmingh
Algemene info:
Flemmingh is een hengst uit 100% holsteiner bloed die wel goedgekeurd is bij het KWPN. Zijn vader is Lacapo die weer een zoon is van de erg bekende Landgraaf I. Moedersvader is Carnaval W van Cor de la Bryere.
Zijn moeder Texas heeft naast Flemmingh nog drie goedgekeurde hengsten gebracht. Dat zijn Gaspari I en II en de Holsteinse kampioen Litorio. Zelf is Flemmingh vader van vele keuringskampioenen als:
Kwebbel reserve kampioen UTV en tevens hoogste IBOP van Nederland met 90 punten
Likina Field reserve kampioen UTV
Kevanie reserve kampioen UTV
Flemmingh heeft al vijf goedgekeurde zonen. De eerste internationale prestaties van zijn kinderen zijn gezet en zijn ook direct van wereldklasse. Zijn zoon Lingh loopt nu met Edward Gal al in de Grand Prix. Hij heeft al EK gelopen. Ook in de Pavo Cup zijn de Flemmingh's zeer succesvol zoals Nederlands kampioen Krack C. Flemmingh vererft mooie grote langgelijnde paarden met 3 beste gangen. Dat blijkt ook uit het grote aantal ster- en keurmerries en kampioensveulens. De kinderen van Flemmingh zijn zeer gevraagd bij dressuurruiters, trainers en handelaren omdat ze leergierig zijn, willen werken en gemakkelijk bewegen.
Formateur
Algemene info:
Formateur is de opa van Kylan (moedersvader). Hij is een erg bekende hengst van 100% Gelders bloed. Zij ouders zijn Polaris (vader) en Lauwra A (moeder). Moeder Lauwra A is Model Preferent Prestatie.
Zelf is Formateur vooral bekent als springhengst. Hij sprong zelf internationaal onder Jan Maathuis.
Stamboek - KWPN - hengsten - letter GStamboek - KWPN - hengsten - letter G
Stamboek - KWPN - hengsten - letter G
Goodtimes
Algemene info:
Goodtimes is een bruine hengst van Nimmerdor. Hij is geboren op 15 januari 1988. Good Times werd als 3 jarige Verrichtingskampioen. Heeft al meerdere goedgekeurde zonen. Ook heeft hij meerdere kampioenveulens en kampioenmerries geleverd en was in 1996 en 1997 topleverancier van de UTV. Zijn zoon Lucky Times werd als 4- en 5-jarige kampioen van de Pavo-Cup. De nakomelingen van Good Times springen op nationaal maar ook op internationaal niveau in de top mee. Good Times is een allround fokhengst, hij geeft paarden voor dressuur, springen en keuringen.
Goodtimes
Algemene info:
Goodtimes is een bruine hengst van Nimmerdor. Hij is geboren op 15 januari 1988. Good Times werd als 3 jarige Verrichtingskampioen. Heeft al meerdere goedgekeurde zonen. Ook heeft hij meerdere kampioenveulens en kampioenmerries geleverd en was in 1996 en 1997 topleverancier van de UTV. Zijn zoon Lucky Times werd als 4- en 5-jarige kampioen van de Pavo-Cup. De nakomelingen van Good Times springen op nationaal maar ook op internationaal niveau in de top mee. Good Times is een allround fokhengst, hij geeft paarden voor dressuur, springen en keuringen.
Stamboek - KWPN - hengsten - letter H
Stamboek - KWPN - hengsten - letter H
Heartbreaker
Algemene info:
Heartbreaker is een nakomeling van Nimmerdor. Hij is geboren op 16 april 1889. Moedersvader is Silvano en de vader van zijn moeder is de Engelse volbloed hengst Uppercut XX.
In Belgie voert Heartbreaker al gedurende 3 jaar de spring-index aan. Heartbreaker lijkt de spring- en fokhengst van de 21-ste eeuw te worden. De eerste nakomelingen van Heartbreaker zijn inmiddels acht jaar en op deze zeer jonge leeftijd presteren zij al fenomenaal op 1.50 niveau, Quasimodo van de Molendreef, Quartz Music, Quintin, Quasimodo, Zip. De zevenjarige Heartbreaker-nakomelingen die winnen in de nationale 1.35 rubrieken zijn: Radieux en Riant van de Mossevelde. Al op 12-jarige leeftijd heeft Heartbreaker meer dan 10 goedgekeurde zonen, waaronder de fantastisch springende Orlando. Heartbreaker komt binnen met een zer hoge index van 168 pnt.
Heartbreaker
Algemene info:
Heartbreaker is een nakomeling van Nimmerdor. Hij is geboren op 16 april 1889. Moedersvader is Silvano en de vader van zijn moeder is de Engelse volbloed hengst Uppercut XX.
In Belgie voert Heartbreaker al gedurende 3 jaar de spring-index aan. Heartbreaker lijkt de spring- en fokhengst van de 21-ste eeuw te worden. De eerste nakomelingen van Heartbreaker zijn inmiddels acht jaar en op deze zeer jonge leeftijd presteren zij al fenomenaal op 1.50 niveau, Quasimodo van de Molendreef, Quartz Music, Quintin, Quasimodo, Zip. De zevenjarige Heartbreaker-nakomelingen die winnen in de nationale 1.35 rubrieken zijn: Radieux en Riant van de Mossevelde. Al op 12-jarige leeftijd heeft Heartbreaker meer dan 10 goedgekeurde zonen, waaronder de fantastisch springende Orlando. Heartbreaker komt binnen met een zer hoge index van 168 pnt.
Stamboek - KWPN - hengsten - letter I
Stamboek - KWPN - hengsten - letter I
Indoctro
Algemene info:
Indoctro is een Capitol I (vader)x Caletto II (moedersvader)x Calypso I (moedersmoedersvader)
Indoctro beschikt over veel ras en uitstraling en werd als jong paard Verrichtingskampioen, kampioen van de hengstencompetitie, Nederlands kampioen van de 4-jarige springpaarden, beste 6-jarige op het Turnier der Beste in MYnster, won de kwalificaties voor de finale van het Bundeschampionat en in de finale werd hij 6e, ook werd hij 6e tijdens de WK voor 6 jarigen. Maar ook in een jaar internationaal springen leverde hij grote successen op hoog niveau: 1e MYnster Hengstenspringen, Bremen 4e Audi Cup, Hamburg 4e Audi Cup, Bremen 5e S Springen.
Exterieurmatig vererft Indoctro ook zeer positief dat blijkt uit de vele kampioenen o.a.: Operette - Kampioen CK Groningen, Olympia - Nederlands Kamp., Ocinthe - Fries Kamp. 2 jr., Noblesse - Kampioen CK Flevoland en Orame - kampioen Hengstenkeuring 1999. Ook heeft hij al zeven goedgekeurde zonen waarvan No Limit en Orame verrichtingskampioen werden. Indoctro nakomelingen blinken uit in het springen. De oudsten worden nu zeven jaar en lopen elk jaar voorop in kampioenschappen voor jonge springpaarden. Enkelen te noemen: No Limit, Nassau, Nothing to Lose, Nike, VDL Online, VDL Orestus, Nifenia, Hertel Nero, Meatloaf Res. Kamp. Ned. 5 jarige springpaarden en als 6 jarige al internationaal succesvol, net als VDL Martiago, en VDL Masserati die kampioen werd van de 6 jarige springpaarden van Noord-, Zuid- en Midden Amerika, McCloud werd 3e in het Zweeds kampioenschap van de 6 jarige springpaarden. Tijdens de VSN Finale had Indoctro al 2 jaar de meeste nakomelingen voor het springen en de kampioen Orlando van 1999.
Inspekteur
Algemene info:
In de pedigree van Inspekteur zijn twee Nederlandse prestatiestammen bij elkaar gebracht. De Tetti-stam van Darwin, en de lijn van Zinni van Wittenstein uit de Trichta-stam. De inmiddels naar Amerika geëxporteerde Darwin liep zelf dressuur op internationaal niveau. De moeder van Inspekteur, Doornroos is een dochter van Amor x Officier x Wachtmeester. Uit deze dressuurstam komen veel goede internationale dressuurpaarden waaronder Windsor (Roemer), Habibi (Ulft), Chantor du Bomence (Roemer) en Finesse (Aktion). Inspekteur zelf was in 1998 onder andere Nederlands kampioen bij de junioren onder Marlies van Baalen.
Ircolando
Algemene info:
Ircolando's vader is Casimir. De vader van Casimir is Irco Polo. Moedersvader van Ircolando is Le Mexico. Icorlando is keur. Hij is geboren op 28 januari 1990. Op het verrichtingsonderzoek kreeg hij hele hoge punten voor karakter en stalgedrag.
Indoctro
Algemene info:
Indoctro is een Capitol I (vader)x Caletto II (moedersvader)x Calypso I (moedersmoedersvader)
Indoctro beschikt over veel ras en uitstraling en werd als jong paard Verrichtingskampioen, kampioen van de hengstencompetitie, Nederlands kampioen van de 4-jarige springpaarden, beste 6-jarige op het Turnier der Beste in MYnster, won de kwalificaties voor de finale van het Bundeschampionat en in de finale werd hij 6e, ook werd hij 6e tijdens de WK voor 6 jarigen. Maar ook in een jaar internationaal springen leverde hij grote successen op hoog niveau: 1e MYnster Hengstenspringen, Bremen 4e Audi Cup, Hamburg 4e Audi Cup, Bremen 5e S Springen.
Exterieurmatig vererft Indoctro ook zeer positief dat blijkt uit de vele kampioenen o.a.: Operette - Kampioen CK Groningen, Olympia - Nederlands Kamp., Ocinthe - Fries Kamp. 2 jr., Noblesse - Kampioen CK Flevoland en Orame - kampioen Hengstenkeuring 1999. Ook heeft hij al zeven goedgekeurde zonen waarvan No Limit en Orame verrichtingskampioen werden. Indoctro nakomelingen blinken uit in het springen. De oudsten worden nu zeven jaar en lopen elk jaar voorop in kampioenschappen voor jonge springpaarden. Enkelen te noemen: No Limit, Nassau, Nothing to Lose, Nike, VDL Online, VDL Orestus, Nifenia, Hertel Nero, Meatloaf Res. Kamp. Ned. 5 jarige springpaarden en als 6 jarige al internationaal succesvol, net als VDL Martiago, en VDL Masserati die kampioen werd van de 6 jarige springpaarden van Noord-, Zuid- en Midden Amerika, McCloud werd 3e in het Zweeds kampioenschap van de 6 jarige springpaarden. Tijdens de VSN Finale had Indoctro al 2 jaar de meeste nakomelingen voor het springen en de kampioen Orlando van 1999.
Inspekteur
Algemene info:
In de pedigree van Inspekteur zijn twee Nederlandse prestatiestammen bij elkaar gebracht. De Tetti-stam van Darwin, en de lijn van Zinni van Wittenstein uit de Trichta-stam. De inmiddels naar Amerika geëxporteerde Darwin liep zelf dressuur op internationaal niveau. De moeder van Inspekteur, Doornroos is een dochter van Amor x Officier x Wachtmeester. Uit deze dressuurstam komen veel goede internationale dressuurpaarden waaronder Windsor (Roemer), Habibi (Ulft), Chantor du Bomence (Roemer) en Finesse (Aktion). Inspekteur zelf was in 1998 onder andere Nederlands kampioen bij de junioren onder Marlies van Baalen.
Ircolando
Algemene info:
Ircolando's vader is Casimir. De vader van Casimir is Irco Polo. Moedersvader van Ircolando is Le Mexico. Icorlando is keur. Hij is geboren op 28 januari 1990. Op het verrichtingsonderzoek kreeg hij hele hoge punten voor karakter en stalgedrag.
Stamboek - KWPN - hengsten - letter J
Stamboek - KWPN - hengsten - letter J
Jazz
Algemene info:
Jazz (startnaam Broere Jazz) is de dressuurhengst van Tineke Bartels. Jazz heeft als vader de bekende onlangs overleden dressuurhengst Cocktail. Hij kreeg bij zijn verrichtingsonderzoek in Ermelo als enige hengst een 9,5 voor zijn draf. Ook zijn andere cijfers mochten er zijn, n.l. een 8 voor de stap, een 8,5 voor de galop en 3 negens voor respectievelijk de rijproef, het trainingsrapport en zijn stalgedrag. Dat Jazz zijn kwaliteiten doorgeeft zien we aan zijn afstammelingen rapport. Hierin wordt over een uniforme rijtypisch gebouwde veulens met ras en voldoende tot ruim voldoende ontwikkeling gesproken die graag draven en oprichting, tact en ruimte tonen.
Junior
Algemene info:
Junior is een schimmel hengst. Hij is geboren op 8 mei 1991. Zijn vader is Uniform en zijn moedersvader is Variant. Junior is vooral een dressuurhengst. Hij won in 1995 en 1996 de PAVO-cup en de hengstencompetitie. Hij heeft ook Grand Prix dressuur gelopen onder Anky van Grunsven.
Jazz
Algemene info:
Jazz (startnaam Broere Jazz) is de dressuurhengst van Tineke Bartels. Jazz heeft als vader de bekende onlangs overleden dressuurhengst Cocktail. Hij kreeg bij zijn verrichtingsonderzoek in Ermelo als enige hengst een 9,5 voor zijn draf. Ook zijn andere cijfers mochten er zijn, n.l. een 8 voor de stap, een 8,5 voor de galop en 3 negens voor respectievelijk de rijproef, het trainingsrapport en zijn stalgedrag. Dat Jazz zijn kwaliteiten doorgeeft zien we aan zijn afstammelingen rapport. Hierin wordt over een uniforme rijtypisch gebouwde veulens met ras en voldoende tot ruim voldoende ontwikkeling gesproken die graag draven en oprichting, tact en ruimte tonen.
Junior
Algemene info:
Junior is een schimmel hengst. Hij is geboren op 8 mei 1991. Zijn vader is Uniform en zijn moedersvader is Variant. Junior is vooral een dressuurhengst. Hij won in 1995 en 1996 de PAVO-cup en de hengstencompetitie. Hij heeft ook Grand Prix dressuur gelopen onder Anky van Grunsven.
Stamboek - KWPN - hengsten - letter K
Stamboek - KWPN - hengsten - letter K
Krack C
Algemene info:
Krack C is een Flemmingzoon die op 19 april 1992 geboren is. Hij is het grote talent van Anky van Grunsven. Krack C. de ambassadeur van zowel de Nederlandse dressuursport als de Nederlandse dressuurpaardenfokkerij. Krack C. heeft niet alleen zelf extreem veel beweging, maar vererft dit ook door aan zijn nakomelingen.
Krack C
Algemene info:
Krack C is een Flemmingzoon die op 19 april 1992 geboren is. Hij is het grote talent van Anky van Grunsven. Krack C. de ambassadeur van zowel de Nederlandse dressuursport als de Nederlandse dressuurpaardenfokkerij. Krack C. heeft niet alleen zelf extreem veel beweging, maar vererft dit ook door aan zijn nakomelingen.
Stamboek - KWPN - hengsten - Letter L
Stamboek - KWPN - hengsten - Letter L
Lancet
Algemene info:
Lancet is een donkerbruine KWPN hengst. Hij is geboren op 1 maart 1993. Zijn vader is Wenzel I, een hannoveraanse hengst. Moedersvader is de engelse volbloed Shogun.
Lancet werd als 3 jarige goedgekeurd bij het KWPN. Voor de dressuuronderdelen kreeg hij 2 keer een 8 en 2 keer een 8.5. Na zijn goedkeuring won hij twee jaar achter elkaar de hengstencompetitie. Op dit moment is Lancet op weg naar het allerhoogste niveau in de dressuursport met zijn amazone Imke Schellekens-Bartels. Enkele resultaten van deze nog jonge combinatie zijn:
Winnaar CHIO Rotterdam Intermediair I
Vierde plaats Maastricht in de Prix St. George
Derde plaats Mechelen in de Intermédiaire-Kür
Tweede plaats Mechelen in de internationale Prix St Georges.
Libero H
Algemene info:
Libero H is een van oorsprong hannoveraanse hengst die geboren is in 1981. Zijn vader is Landgraf I en moedersvader is Ronald. Hij is de hoogst geklasseerde hengst in de springindex van de 20ste eeuw.
Onder Jos Lansink won hij wereldbekerwedstrijden en grote prijzen. Het hoogtepunt was het winnen van de wereldbekerfinales in Den Bosch, 1994.
Lux
Algemene info:
Lux is een Zangersheidehengst, misschien vind je andere info over hem ook wel onder de naam Lux Z. Zijn vader is Lord Calando en moedersvader is Ahorn.
Lux is één van de meest succesvolle hengsten in de internationale springsport. Onder Jerry Smit nam Lux deel aan de Olympische Spelen in Sydney 2000 en won hij de Pulsar Crown-wedstrijden van Valkenswaard en Cannes. Hiermee heeft hij een totale winsom verdiend van meer dan een miljoen euro.
Lancet
Algemene info:
Lancet is een donkerbruine KWPN hengst. Hij is geboren op 1 maart 1993. Zijn vader is Wenzel I, een hannoveraanse hengst. Moedersvader is de engelse volbloed Shogun.
Lancet werd als 3 jarige goedgekeurd bij het KWPN. Voor de dressuuronderdelen kreeg hij 2 keer een 8 en 2 keer een 8.5. Na zijn goedkeuring won hij twee jaar achter elkaar de hengstencompetitie. Op dit moment is Lancet op weg naar het allerhoogste niveau in de dressuursport met zijn amazone Imke Schellekens-Bartels. Enkele resultaten van deze nog jonge combinatie zijn:
Winnaar CHIO Rotterdam Intermediair I
Vierde plaats Maastricht in de Prix St. George
Derde plaats Mechelen in de Intermédiaire-Kür
Tweede plaats Mechelen in de internationale Prix St Georges.
Libero H
Algemene info:
Libero H is een van oorsprong hannoveraanse hengst die geboren is in 1981. Zijn vader is Landgraf I en moedersvader is Ronald. Hij is de hoogst geklasseerde hengst in de springindex van de 20ste eeuw.
Onder Jos Lansink won hij wereldbekerwedstrijden en grote prijzen. Het hoogtepunt was het winnen van de wereldbekerfinales in Den Bosch, 1994.
Lux
Algemene info:
Lux is een Zangersheidehengst, misschien vind je andere info over hem ook wel onder de naam Lux Z. Zijn vader is Lord Calando en moedersvader is Ahorn.
Lux is één van de meest succesvolle hengsten in de internationale springsport. Onder Jerry Smit nam Lux deel aan de Olympische Spelen in Sydney 2000 en won hij de Pulsar Crown-wedstrijden van Valkenswaard en Cannes. Hiermee heeft hij een totale winsom verdiend van meer dan een miljoen euro.
Stamboek - KWPN - hengsten - Letter M
Stamboek - KWPN - hengsten - Letter M
Matterhorn
Algemene info:
Matterhorn is een in 1994 geboren bruine hengst. Zijn vader is Ahorn en moedersvader is de beroemde G. Ramiro Z.
Matterhorn werd als 3-jarige kampioen van de hengstenkeuring te Den Bosch, sprong in de finale voor het Nederlands kampioenschap voor 4 jarige en plaatste zich als 5- en 6-jarige in de finale voor de hengstencompetitie. Matterhorn werd 4e op het Fries kampioenschap Z springen en behaalde in de hengstencompetitie cat. C een 1e en twee 2e plaatsen.
Metall
Algemene info:
Metall is een Ferro x G. Ramiro Z. Hij is geboren in 1994. Dit is een stukje uit het verslag van het verrichtingsonderzoek:
Eerlijk, iets gevoelig. Ruim voldoende bereidheid om te werken, laat zich goed bewerken. In het begin van het onderzoek nogal gespannen; dit is tijdens het onderzoek verbeterd. Stap voldoende ruim en actief. draf met voldoende ruimte en tact, maar zou meer gedragen moeten zijn. Wanneer hij zich spant wordt soms de onderzijde van de hoef zichtbaar. Galop ruim en gedragen. Laat zich in dressuur ruim voldoende sluiten, goede zelfhouding. Veel aanleg als dressuurpaard, geeft zijn ruiter een goed gevoel.
Springt met voldoende voorbeentechniek maar teveel naar voren, zou meer afdruk moeten hebben. Vermogen lijkt ruim voldoende. Maakt achter de sprong goed af. Voldoende aanleg als springpaard, geeft zijn ruiter een voldoende gevoel. Stalgedrag normaal.
Matterhorn
Algemene info:
Matterhorn is een in 1994 geboren bruine hengst. Zijn vader is Ahorn en moedersvader is de beroemde G. Ramiro Z.
Matterhorn werd als 3-jarige kampioen van de hengstenkeuring te Den Bosch, sprong in de finale voor het Nederlands kampioenschap voor 4 jarige en plaatste zich als 5- en 6-jarige in de finale voor de hengstencompetitie. Matterhorn werd 4e op het Fries kampioenschap Z springen en behaalde in de hengstencompetitie cat. C een 1e en twee 2e plaatsen.
Metall
Algemene info:
Metall is een Ferro x G. Ramiro Z. Hij is geboren in 1994. Dit is een stukje uit het verslag van het verrichtingsonderzoek:
Eerlijk, iets gevoelig. Ruim voldoende bereidheid om te werken, laat zich goed bewerken. In het begin van het onderzoek nogal gespannen; dit is tijdens het onderzoek verbeterd. Stap voldoende ruim en actief. draf met voldoende ruimte en tact, maar zou meer gedragen moeten zijn. Wanneer hij zich spant wordt soms de onderzijde van de hoef zichtbaar. Galop ruim en gedragen. Laat zich in dressuur ruim voldoende sluiten, goede zelfhouding. Veel aanleg als dressuurpaard, geeft zijn ruiter een goed gevoel.
Springt met voldoende voorbeentechniek maar teveel naar voren, zou meer afdruk moeten hebben. Vermogen lijkt ruim voldoende. Maakt achter de sprong goed af. Voldoende aanleg als springpaard, geeft zijn ruiter een voldoende gevoel. Stalgedrag normaal.
Stamboek - KWPN - hengsten - Letter N
Stamboek - KWPN - hengsten - Letter N
Negro
Algemene info:
Negro is een zoon van Ferro. Moedersvader is Variant. Negro is een heel mooie dressuurhengst. Negro is geboren in 1995.
Nimmerdor
Algemene info:
Nimmerdor is een preferente hengst van Farn. Zijn moeder is Ramonaa en moedersvader is Koridon xx, een Engelse volbloed. Hij is geboren op 11 juni 1972 en is gefokt door J.A. Dijkstra uit Woudsend. Hij is 1.68 m hoog en bruin van kleur.
Negro
Algemene info:
Negro is een zoon van Ferro. Moedersvader is Variant. Negro is een heel mooie dressuurhengst. Negro is geboren in 1995.
Nimmerdor
Algemene info:
Nimmerdor is een preferente hengst van Farn. Zijn moeder is Ramonaa en moedersvader is Koridon xx, een Engelse volbloed. Hij is geboren op 11 juni 1972 en is gefokt door J.A. Dijkstra uit Woudsend. Hij is 1.68 m hoog en bruin van kleur.
Stamboek - KWPN - hengst - Letter R
Stamboek - KWPN - hengst - Letter R
Ramiro Z
is een van de beroemdste KWPNers. Zijn vader heet B. Raimond en zijn moeder heet Valine H. Hij leefde van 1965 tot 1995. Hij kon prima springen en deed internationaal mee. Hij heeft veel merries gedekt en zijn belangrijkste veulens zijn:
Zeoliet
Damiro
Rinaldo
Rio Negro hij heeft Grand Prix dressuur gelopen, hetzelfde als wat Anky rijdt
Ronald
Zeoliet
Damiro
Armstrong
Bernstein
Dageraad
Elmero B
Horatio en vele anderen
Rubels
Cat.no. KWPN-HK'01: 685
17 april 1996, schimmel
Stokmaat: 1.64 m
Pijpomvang: 22 cm
Fokker: H.J.F. Spekenbrink, Enter
Eigenaar: R. Landa, Putte
Rubels is de zoon van de successvolle Grand Prix dressuur hengst Rafürstinels, zoon van de wereldberoemde Rubinstein. Zijn moeder Klarinettels was zelf een dressuur merrie, die haar sport predikaat verdient heeft door haar succes in de competitie. Klarinettels moeder Dasanette stamt af van de beroemde Ramiro-Joost-Abgar-Wagner lijn van Stal Roeloff (dezelfde moederlijn als Hilltop's laatste hengst VIP).
Rubels is ongelooflijk succesvol tijdens zijn cariere. In 1999, stond hij in de top drie van de NRPS aangewezen hengsten, waar hij uitblinkte in de groep van jonge hengsten op basis van zijn basis gangen en spring stijl. Bij de verrichtingsonderzoeken kreeg hij een 8 voor het springen en 9's voor de rest van zijn prestaties. Hij is de hoogst scoorende NRPS hengst ooit! In 2000, won Rubels al de selectie rondes van de PAVO-Cup en ook de finale.
In 2001 werd Rubels goed gekeurd voor het KWPN. Hier een stukje uit zijn verrichtingsrapport:
" Rubels is een eerlijke, betrouwbare hengst.
Hij heeft zeer veel bereidheid om te werken en laat zich zeer goed bewerken(..)Hij toont veel aanleg voor de zwaardere dressuuroefeningen.
Als dressuurpaard heeft Rubels zeer veel aanleg en hij geeft zijn ruiter een zeer goed gevoel."
Als 5-jarige, onder zijn ruiter/trainer Hans Peter Mindenhoud, won hij zijn eerste Wereldkapioenstitel voor jonge paarden. Hij herhaalde deze overwinning in 2002, en overtuigde al de juryleden en het publiek van zijn enorme talent.
Ramiro Z
is een van de beroemdste KWPNers. Zijn vader heet B. Raimond en zijn moeder heet Valine H. Hij leefde van 1965 tot 1995. Hij kon prima springen en deed internationaal mee. Hij heeft veel merries gedekt en zijn belangrijkste veulens zijn:
Zeoliet
Damiro
Rinaldo
Rio Negro hij heeft Grand Prix dressuur gelopen, hetzelfde als wat Anky rijdt
Ronald
Zeoliet
Damiro
Armstrong
Bernstein
Dageraad
Elmero B
Horatio en vele anderen
Rubels
Cat.no. KWPN-HK'01: 685
17 april 1996, schimmel
Stokmaat: 1.64 m
Pijpomvang: 22 cm
Fokker: H.J.F. Spekenbrink, Enter
Eigenaar: R. Landa, Putte
Rubels is de zoon van de successvolle Grand Prix dressuur hengst Rafürstinels, zoon van de wereldberoemde Rubinstein. Zijn moeder Klarinettels was zelf een dressuur merrie, die haar sport predikaat verdient heeft door haar succes in de competitie. Klarinettels moeder Dasanette stamt af van de beroemde Ramiro-Joost-Abgar-Wagner lijn van Stal Roeloff (dezelfde moederlijn als Hilltop's laatste hengst VIP).
Rubels is ongelooflijk succesvol tijdens zijn cariere. In 1999, stond hij in de top drie van de NRPS aangewezen hengsten, waar hij uitblinkte in de groep van jonge hengsten op basis van zijn basis gangen en spring stijl. Bij de verrichtingsonderzoeken kreeg hij een 8 voor het springen en 9's voor de rest van zijn prestaties. Hij is de hoogst scoorende NRPS hengst ooit! In 2000, won Rubels al de selectie rondes van de PAVO-Cup en ook de finale.
In 2001 werd Rubels goed gekeurd voor het KWPN. Hier een stukje uit zijn verrichtingsrapport:
" Rubels is een eerlijke, betrouwbare hengst.
Hij heeft zeer veel bereidheid om te werken en laat zich zeer goed bewerken(..)Hij toont veel aanleg voor de zwaardere dressuuroefeningen.
Als dressuurpaard heeft Rubels zeer veel aanleg en hij geeft zijn ruiter een zeer goed gevoel."
Als 5-jarige, onder zijn ruiter/trainer Hans Peter Mindenhoud, won hij zijn eerste Wereldkapioenstitel voor jonge paarden. Hij herhaalde deze overwinning in 2002, en overtuigde al de juryleden en het publiek van zijn enorme talent.
SB - KWPN - Gekruip en gekonkel in de paardenfokkerij
SB - KWPN - Gekruip en gekonkel in de paardenfokkerij
artikel Vrij Nederland, 28 augustus 1999
door Theo Toebosch, foto Arnd Bronkhorst.
Het treurige leven van hengst Guldenberg.
Het Koninklijk Warmbloed Paardenstamboek Nederland is het grootste stamboek van Nederland, maar niet het bestgeorganiseerde. Dubieuze hengstenkeuringen, kwestieuze benoemingen en belangenverstrengelingen maken het KWPN 'moreel rot', meent een insider. De zaak-Guldenberg, of hoe een topper dankzij corrupte praktijken nooit een dekhengst werd.
De Koninklijk Warmbloed Paardenstamboek in Nederland (KWPN) zetelt in een statig pand in Huis ter Heide. Beschermheer is prins Bernhard en hoofdsponsor is al tien jaar de Rabobank. Kortom, een keurige instelling waar keurige mensen de scepter zwaaien.
Nou nee, zegt Anton van Lijssel, in het dagelijks leven directeur van de Riagg Helmond en oud-secretaris van de afdeling Zuid-Holland van het stamboek. 'De KWPN-bobo maakt nooit fouten en geeft dus nooit een fout toe,' schetst hij de houding van de top van het stamboek. 'De KWPN-bobo herstelt ook geen fouten, omdat hij immers nooit fouten maakt. Wie hem openlijk op fouten wijst, wordt via het geruchtencircuit of door onjuiste berichtgeving afgemaakt. '
De zaak-Guldenberg is er een voorbeeld van. Guldenberg is de hengst van Frans van Hoek uit Biezenmortel, sinds 1985 paardenfokker. In 1990 doet hij met Guldenberg mee aan de selectieprocedure voor dekhengsten. Hengsten worden, voordat ze van het KWPN mogen dekken, op driejarige leeftijd uitgebreid gekeurd. Bij deze selectie wordt gelet op exterieur, beweging, gezondheid, karakter en sportaanleg. De beste hengsten gaan na drie 'bezichtigingen' naar het 'verrichtingsonderzoek' in het Federatiecentrum in Ermelo. Daar worden ze zeventig dagen getest op aanleg voor dressuur en springen. Daarna besluit de hengstenkeuringscommissie welke paarden ingeschreven mogen worden voor de dekdienst.
Dankzij deze strenge selectie, zo zegt het KWPN, heeft het stamboek in relatief korte tijd een vooraanstaande positie in de internationale paardensport opgebouwd. Voor de eigenaren van de goedgekeurde hergsten is de selectie lucratief. Een hengst dekt soms meer dan driehonderd merries per jaar; de eigenaar ontvangt ongeveer duizend gulden per dekking.
Van Hoeks hengst, een kruising tussen een volbloed en een Gelders-Gronings paard, slaagt met vlag en wimpel voor de drie bezichtigingen. Voorjaar l991 gaat het naar Ermelo, waar het verrichtingsonderzoek nog honderd dagen duurt. Ook daar maakt hij grote indruk. Na achtenzestig dagen heeft hij op zijn 'tussenrapport' gemiddeld een dikke 7,5. De paardenpers noemt hem al de verrichtingstopper, de beste van zijn jaargang. Maar op 4 april krijgt Van Hoek een telefoontje van Gert van der Veen, de vorig jaar overleden hoofdinspecteur van de fokkerij die in 1991 directeur van het KWPN is. Hij zegt dat Guldenberg bij een dopingcontrole in januari positief zou zijn bevonden op het middel oxyfenbutazon (een pijnbestrijder die binnen zes uur is uitgewerkt).
Jurist en dopingexpert Emile Vrijman, die als getuige-deskundige bij de zaak betrokken was, noemt het dopingonderzoek een schoolvoorbeeld van hoe het niet moet. Het stamboek bleek geen goed dopingreglement te hebben en heeft zich snel op reglementen van de Nederlandse Hippische Sportbond beroepen. Het eerste monster was niet, zoals het hoort, na tien werkdagen, maar pas na vijftig dagen onderzocht. De contra-expertise was, tegen de KWPN-regels in, uitgevoerd bij de instantie die ook het eerste onderzoek had gedaan. Bovendien was de uitslag van de contraexpertise, twee dagen voor de eindbeoordeling in Ermelo, duidelijk: negatief. Van Hoek, die bij de contra-expertise aanwezig was, is stomverbaasd als Van der Veen, die er niet bij was, hem belt met de mededeling dat ook de contraexpertise positief is en dat Guldenberg Ermelo moet verlaten. 'Maar heeft u het rapport dan niet ontvangen?' vraagt Van Hoek. Nee - ja, toch wel, is Van der Veens reactie. 'Kijkt u er dan even in,' stelt Van Hoek voor. 'Nee, niet nodig, de besluitlijn staat vast.' Einde gesprek. Van Hoek spant een kort geding aan om zijn hengst toch aan de eindbeoordeling te kunnen laten deelnemen. De rechter geeft hem gelijk en stelt bovendien dat het KWPN zonder Van Hoeks toestemming niets over de vermeende dopingaffaire mag publiceren. Op overtreding staat een boete van tweehonderdduizend gulden per keer. Intussen is bij drie andere paarden die 'Ermelo' niet hebben gehaald, dopinggebruik wel bewezen. De toenmalige voorzitter, prof.dr. Van der Meij, heeft zich voor het kort geding laten ontvallen dat er nog een vierde dopinggeval is.
Nog voordat de eindbeoordeling plaatsvindt, draait de geruchtenmachine op volle toeren. Van Hoek heeft het ze niet verteld, maar de naam Guldenberg valt vaak. Ook bij juryleden. Guldenbergs cijferlijst ziet er na de eindbeoordeling heel anders uit dan op de achtenzestigste dag. De achten zijn zevens, en de zevens zessen geworden.
Normaal gesproken zijn dergelijke cijfers toch hoog genoeg om als dekhengst ingeschreven te worden. Behalve, zo zegt artikel 5.3 van het inschrijvingsreglement, als er foktechnische redenen zijn om inschrijving te weigeren. Blijkbaar zijn die er niet: de hengstenkeuringscommissie zegt in haar eindrapport dat de hengst op grond van de resultaten bij het verrichtingsonderzoek niet wordt ingeschreven. Het paard is de laatste tijd ernstig achteruit gegaan, luidt de conclusie.
Dat maakt Guldenberg helemaal een geval apart. Want eerder dat jaar bleek uit een door het KWPN gefinancierd wetenschappelijk promotieonderzoek, dat de hengsten de laatste vijftig dagen van het verrichtingsonderzoek niet veel beter of slechter worden. Op grond van dit onderzoek is de duur van het verrichtingsonderzoek teruggebracht van honderd naar zeventig dagen.
Van Hoek probeert her en der verhaal te halen. Zonder resultaat. Wel verschijnt zonder zijn medeweten en toestemming een 'officiele' publicatie over de zaak in het verenigingsorgaan In de Strengen. 'Vol fouten en verdraaiingen,' zegt Van Hoek. 'Een communicatiestoornis,' zegt het KWPN. Als Van Hoek desondanks de dwangsom wil incasseren die op iedere niet door hem geautoriseerde publicatie staat, blijkt dat zijn advocaat het vonnis van de rechter niet heeft laten tekenen. Weg twee ton.
In diezelfde periode begint een onderzoekscommissie van de leden haar werk. Want er is bij het stamboek meer aan de hand. Directeur-hoofdinspecteur Van der Veen, zo blijkt, maakt zich schuldig aan belangenverstrengeling. Verder heeft de onderzoekscommissie, met daarin Anton van Lijssel, kritiek op het gebrek aan regels voor declaraties en het niet publiceren van jaaroverzichten. De commissie verwijt het bestuur ook gebrekkige en misleidende voorlichting en spreekt zijn afkeuring uit over het voorkoken van besluiten door de toenmalige voorzitter, prof.dr. Van der Meij, en directeur-hoofdinspecteur Van der Veen. De officiele reactie van het bestuur in In de Strengen: 'De onderzoekscommissie heeft helaas nauwelijks oog gehad voor het bestuurlijk handelen van de laatste maanden en de aanpassingen die we hebben gedaan.'
De zaak-Guldenberg, die de commissie expliciet als voorbeeld van onbehoorlijk handelen noemt, wordt ook na het onderzoek niet opgelost. Dat gebeurt evenmin als het ene bestuur moet opstappen en het andere aantreedt. Van Hoek krijgt wat geld aangeboden, maar rehabilitatie van zijn paard en goede naam zit er niet in.
In 1997 lijkt de zaak met het aantreden van weer een nieuwe voorzitter, de zichzelf als puinruimer afficherende Piet Blokland, toch nog goed af te lopen. De partijen stellen een overeenkomst op: 'Van Hoek krijgt honderdvijftigduizend gulden als schadevergoeding, paard en eigenaar worden gerehabiliteerd, en Guldenberg zal in Ermelo meedoen aan een verkort verrichtingsonderzoek voor hengsten van zeven jaar en ouder. Goedkeuring en opname in het stamboek stonden volgens Blokland voor vijfennegentig procent vast,' zegt Van Hoek.
Maar Guldenberg wordt opnieuw afgekeurd. Van Hoek krijgt deze keer geen cijferlijst, maar alleen een kort rapport. Daarin staat dat zijn hengst stug is en Rouplesse mist. Ger Geertsen, al vijfendertig jaar aan de top als dressuurpaardentrainer, denkt er anders over. Hij heeft Guldenberg een paar uur na zijn afkeuring gereden. 'Het stugge viel mij mee en kwam volgens mij door de africhting in Ermelo. Ik had graag met het dier doorgewerkt. '
Een andere toptrainer, Wilco Bouwlans, reserveruiter voor de dressuur tijdens de Spelen in Seoel, heeft later die maand de hengst ook gereden. Zijn oordeel: 'Guldenberg is soepel, elegant en heeft veel front. Hoewel hij getraind was voor springen - hij sprong al internationaal - kon ik merken dat hij ook zeer geschikt is voor de dressuur.'
Van Hoek tekent weer protest aan: Guldenberg heeft in Ermelo niet kunnen presteren omdat hij er verkeerd is afgericht, is vetgemest en een huidschimmel heeft opgelopen. Maar hij krijgt geen gehoor meer. De zaak is afgehandeld en daarmee basta. Van rehabilitatie is geen sprake meer.
Begin dit jaar doet Van Hoek nog een poging om zijn verhaal bij de ledenraadsvergadering in te brengen. Aan de open vergadering blijkt echter een gesloten vergadering vooraf te zijn gegaan, waar vergaderpunten ingebracht hadden moeten worden. Wanneer Van Hoek zijn punt dan maar voor de volgende vergadering wil inbrengen, klinkt het uit de zaal: 'Maar die zaak is toch afgehandeld?' Voorzitter Blokland beaamt dat en stelt voor te stemmen of Van Hoeks punt ingebracht moet worden. Zonder hem gehoord te hebben, besluit de ledenraad de zaak als afgedaan te beschouwen. Van Hoek, die inmiddels een rechtszaak voorbereidt, heeft door de slepende affaire binnen het KWPN de reputatie gekregen van een Don Quichot, van een man die blijft zeuren terwijl hij toch zijn geld heeft gehad.
"Zo gaat dat met mensen die kritiek hebben", zegt Anton van Lijssel. Hij zit inmiddels in het verdomhoekje vanwege zijn inzet voor het behoud van het Gelders paard. Momenteel zijn er nog driehonderd Gelderse merries. Enkele jaren geleden heeft het KWPN de eisen voor Gelderse paarden aangescherpt. Waar voorheen gedekt werd met hengsten die veulens met minstens vijfenzeventig procent Gelders bloed voortbrachten, moest dat voortaan met hengsten die zorgden voor nakomelingen met minstens 87,5 procent Gelders bloed.
Van Lijssel, die meende dat de soort hierdoor gevaar liep uit te sterven, stelde voor alles bij het oude te houden. Nee, zei het KWPN in een brief aan de fokkers van Gelderse paarden, dat doen we niet. Juist het voorstel van 'meneer van Lijssel' is een gevaar voor het voortbestaan van de soort.
Het kan verkeren, want vorig jaar heeft het KWPN besloten dat er ook gefokt mag worden met hengsten die geen druppel Gelders bloed hebben. Waarom? Omdat het geen kwaad kan, zeggen de KWPN-deskundigen in het verenigingsorgaan.
Van Lijssel, eigenaar van twee Gelderse merries en een veulen, vermoedt dat er iets anders achter zit. Hij verzamelt al vijftien jaar gegevens over de vaders en moeders van topsportpaarden in binnen- en buitenland. En wat blijkt? KWPN-paarden met vijftig procent of meer Gelders bloed presteren beter dan de 'gewone' KWPN-rijpaarden. 'Door onbeperkt vreemd bloed bij het Gelders paard toe te laten, hopen ze misschien dat de prestaties van de paarden met Gelders bloed achteruit gaan, waardoor straks hun eigen falen niet meer opvalt. ' Van Lijssel krijgt zijn bevindingen niet geplaatst in het verenigingsorgaan, ook niet als open brief. Daarom publiceert hij ze maar op zijn eigen website (www.iae.nl/users/lijssel), goed voor ruim zestienduizend bezoekers in twee jaar.
De zaken van Van Hoek en Van Lijssel staan niet op zichzelf. Talloos zijn de verhalen over ongeoorloofd bestuurlijk ingrijpen en mogelijke belangenverstrengelingen. Het bestuur heeft dit jaar bijvoorbeeld, in strijd met de statuten, zelf een nieuwe voorzitter van de hengstenkeuringscommissie benoemd. Verder is veel te doen geweest rond een lid van de verrichtingsjury die nauw betrokken zou zijn geweest bij de goedkeuring van een hengst van zijn vader.
En dan is er nog dominee Hans Bok, die in zijn vrije tijd fokker is. Hij noemt het stamboek 'moreel rot'. Vorig jaar was hij kandidaat voor het algemeen bestuur en moest hij voor een vertrouwenscommissie zijn plannen voor de toekomst ontvouwen. Het verbaast hem niet dat hij met zijn ideeen - zoals de geldverslindende KWPN-huisvesting in Huis ter Heide van de hand doen - niet werd gekozen. Hij is wel verontwaardigd dat de voorzitter van de vertrouwenscommissie in het bestuur werd gekozen. 'Er bestaat geen maatschappelijke geleding die toestaat dat de voorzitter van een door haarzelf in het leven geroepen vertrouwenscommissie als bestuurslid wordt benoemd ook al treedt die voorzitter na haar kandidaatstelling terug.'
Bok stapt naar het advocatenkantoor van De Brauw Blacksotne en Westbroek om de rechtmatigheid van de benoeming te onderzoeken. De advocaten concluderen dat die op grond van art. 2.8 van het Burgerlijk Wetboek 'juridisch omstreden' is en in ieder geval niet voldoet aan 'de eisen van redelijkheid en billijkheid'. 'Toen ik zei dat ik naar de rechter zou stappen, kreeg ik te horen dat als die zou beslissen dat de benoeming niet eerlijk was, ze haar gewoon nog een keer zouden kiezen. '
De kern van de problemen bij het KWPN, zo zeggen ook andere fokkers die liever anoniem blijven, zit in het stelselmatig eigengereide optreden van opeenvolgende hooggeplaatste KWPN'ers. Theo van den Broek, tot voor kort vicevoorzitter: 'Het bestuur is niet van deze tijd. De voorzitter en de directeur doen te veel op eigen houtje.'
Van den Broek wilde het contact en de communicatie met de achterban verbeteren en had daarom voorgesteld commissies uit de ledenraad te vorrnen en die te laten samenwerken met de portefeuillehouders in het bestuur. Het voorstel werd verworpen en Van den Broek stelde zich niet herkiesbaar. 'Inmiddels hebben ze de portefeuillehouders ook afgeschaft.' Veel KWPN'ers kijken er niet vreemd van op. De ledenraad, die het bestuur zou moeten controleren? Die zit, vertellen ze, vol mensen zonder ruggengraat die alleen maar hun best doen om in de gratie te komen bij de grote jongens.
Tijd voor een weerwoord van voorzitter Piet Blokland. Na even nadenken zegt hij: 'Op dit moment is het beter om geen commentaar te geven. ' Ook hoofdsponsor Rabobank houdt het kort: 'Wij sponsoren het KWPN omdat we het talent van ruiter en paard willen ontwikkelen. We bemoeien ons niet met bestuurlijke aangelegenheden van het stamboek. Mochten er interne strubbelingen zijn, dan heeft de Rabobank er alle vertrouwen in dat het KWPN die zelf kan oplossen. '
De critici zijn ondertussen bang dat al het 'gekuip en gekonkel' (dominee Bok) nu juist ten koste gaat van de kwaliteit van het KWPN-paard. Bok: 'Op driejarige leeftijd zijn het misschien nog toppers, maar tijdens het laatste WK voor zesjarigen zat niet een KWPN-paard bij de laatste acht.' Van Lijssel: 'Kristal, een voormalige verrichtingstopper, heeft 1208 nakomelingen waarvan er maar drie internationaal presteren.'
De revolutie lijkt dan ook nabij. Binnen het KWPN gaan geruchten dat enkele vooraanstaande leden een nieuw stamboek willen oprichten en het huidige willen overnemen. Namen! 'Nee, van mij heb je niets gehoord.'
28 augustus 1999, Vrij Nederland
artikel Vrij Nederland, 28 augustus 1999
door Theo Toebosch, foto Arnd Bronkhorst.
Het treurige leven van hengst Guldenberg.
Het Koninklijk Warmbloed Paardenstamboek Nederland is het grootste stamboek van Nederland, maar niet het bestgeorganiseerde. Dubieuze hengstenkeuringen, kwestieuze benoemingen en belangenverstrengelingen maken het KWPN 'moreel rot', meent een insider. De zaak-Guldenberg, of hoe een topper dankzij corrupte praktijken nooit een dekhengst werd.
De Koninklijk Warmbloed Paardenstamboek in Nederland (KWPN) zetelt in een statig pand in Huis ter Heide. Beschermheer is prins Bernhard en hoofdsponsor is al tien jaar de Rabobank. Kortom, een keurige instelling waar keurige mensen de scepter zwaaien.
Nou nee, zegt Anton van Lijssel, in het dagelijks leven directeur van de Riagg Helmond en oud-secretaris van de afdeling Zuid-Holland van het stamboek. 'De KWPN-bobo maakt nooit fouten en geeft dus nooit een fout toe,' schetst hij de houding van de top van het stamboek. 'De KWPN-bobo herstelt ook geen fouten, omdat hij immers nooit fouten maakt. Wie hem openlijk op fouten wijst, wordt via het geruchtencircuit of door onjuiste berichtgeving afgemaakt. '
De zaak-Guldenberg is er een voorbeeld van. Guldenberg is de hengst van Frans van Hoek uit Biezenmortel, sinds 1985 paardenfokker. In 1990 doet hij met Guldenberg mee aan de selectieprocedure voor dekhengsten. Hengsten worden, voordat ze van het KWPN mogen dekken, op driejarige leeftijd uitgebreid gekeurd. Bij deze selectie wordt gelet op exterieur, beweging, gezondheid, karakter en sportaanleg. De beste hengsten gaan na drie 'bezichtigingen' naar het 'verrichtingsonderzoek' in het Federatiecentrum in Ermelo. Daar worden ze zeventig dagen getest op aanleg voor dressuur en springen. Daarna besluit de hengstenkeuringscommissie welke paarden ingeschreven mogen worden voor de dekdienst.
Dankzij deze strenge selectie, zo zegt het KWPN, heeft het stamboek in relatief korte tijd een vooraanstaande positie in de internationale paardensport opgebouwd. Voor de eigenaren van de goedgekeurde hergsten is de selectie lucratief. Een hengst dekt soms meer dan driehonderd merries per jaar; de eigenaar ontvangt ongeveer duizend gulden per dekking.
Van Hoeks hengst, een kruising tussen een volbloed en een Gelders-Gronings paard, slaagt met vlag en wimpel voor de drie bezichtigingen. Voorjaar l991 gaat het naar Ermelo, waar het verrichtingsonderzoek nog honderd dagen duurt. Ook daar maakt hij grote indruk. Na achtenzestig dagen heeft hij op zijn 'tussenrapport' gemiddeld een dikke 7,5. De paardenpers noemt hem al de verrichtingstopper, de beste van zijn jaargang. Maar op 4 april krijgt Van Hoek een telefoontje van Gert van der Veen, de vorig jaar overleden hoofdinspecteur van de fokkerij die in 1991 directeur van het KWPN is. Hij zegt dat Guldenberg bij een dopingcontrole in januari positief zou zijn bevonden op het middel oxyfenbutazon (een pijnbestrijder die binnen zes uur is uitgewerkt).
Jurist en dopingexpert Emile Vrijman, die als getuige-deskundige bij de zaak betrokken was, noemt het dopingonderzoek een schoolvoorbeeld van hoe het niet moet. Het stamboek bleek geen goed dopingreglement te hebben en heeft zich snel op reglementen van de Nederlandse Hippische Sportbond beroepen. Het eerste monster was niet, zoals het hoort, na tien werkdagen, maar pas na vijftig dagen onderzocht. De contra-expertise was, tegen de KWPN-regels in, uitgevoerd bij de instantie die ook het eerste onderzoek had gedaan. Bovendien was de uitslag van de contraexpertise, twee dagen voor de eindbeoordeling in Ermelo, duidelijk: negatief. Van Hoek, die bij de contra-expertise aanwezig was, is stomverbaasd als Van der Veen, die er niet bij was, hem belt met de mededeling dat ook de contraexpertise positief is en dat Guldenberg Ermelo moet verlaten. 'Maar heeft u het rapport dan niet ontvangen?' vraagt Van Hoek. Nee - ja, toch wel, is Van der Veens reactie. 'Kijkt u er dan even in,' stelt Van Hoek voor. 'Nee, niet nodig, de besluitlijn staat vast.' Einde gesprek. Van Hoek spant een kort geding aan om zijn hengst toch aan de eindbeoordeling te kunnen laten deelnemen. De rechter geeft hem gelijk en stelt bovendien dat het KWPN zonder Van Hoeks toestemming niets over de vermeende dopingaffaire mag publiceren. Op overtreding staat een boete van tweehonderdduizend gulden per keer. Intussen is bij drie andere paarden die 'Ermelo' niet hebben gehaald, dopinggebruik wel bewezen. De toenmalige voorzitter, prof.dr. Van der Meij, heeft zich voor het kort geding laten ontvallen dat er nog een vierde dopinggeval is.
Nog voordat de eindbeoordeling plaatsvindt, draait de geruchtenmachine op volle toeren. Van Hoek heeft het ze niet verteld, maar de naam Guldenberg valt vaak. Ook bij juryleden. Guldenbergs cijferlijst ziet er na de eindbeoordeling heel anders uit dan op de achtenzestigste dag. De achten zijn zevens, en de zevens zessen geworden.
Normaal gesproken zijn dergelijke cijfers toch hoog genoeg om als dekhengst ingeschreven te worden. Behalve, zo zegt artikel 5.3 van het inschrijvingsreglement, als er foktechnische redenen zijn om inschrijving te weigeren. Blijkbaar zijn die er niet: de hengstenkeuringscommissie zegt in haar eindrapport dat de hengst op grond van de resultaten bij het verrichtingsonderzoek niet wordt ingeschreven. Het paard is de laatste tijd ernstig achteruit gegaan, luidt de conclusie.
Dat maakt Guldenberg helemaal een geval apart. Want eerder dat jaar bleek uit een door het KWPN gefinancierd wetenschappelijk promotieonderzoek, dat de hengsten de laatste vijftig dagen van het verrichtingsonderzoek niet veel beter of slechter worden. Op grond van dit onderzoek is de duur van het verrichtingsonderzoek teruggebracht van honderd naar zeventig dagen.
Van Hoek probeert her en der verhaal te halen. Zonder resultaat. Wel verschijnt zonder zijn medeweten en toestemming een 'officiele' publicatie over de zaak in het verenigingsorgaan In de Strengen. 'Vol fouten en verdraaiingen,' zegt Van Hoek. 'Een communicatiestoornis,' zegt het KWPN. Als Van Hoek desondanks de dwangsom wil incasseren die op iedere niet door hem geautoriseerde publicatie staat, blijkt dat zijn advocaat het vonnis van de rechter niet heeft laten tekenen. Weg twee ton.
In diezelfde periode begint een onderzoekscommissie van de leden haar werk. Want er is bij het stamboek meer aan de hand. Directeur-hoofdinspecteur Van der Veen, zo blijkt, maakt zich schuldig aan belangenverstrengeling. Verder heeft de onderzoekscommissie, met daarin Anton van Lijssel, kritiek op het gebrek aan regels voor declaraties en het niet publiceren van jaaroverzichten. De commissie verwijt het bestuur ook gebrekkige en misleidende voorlichting en spreekt zijn afkeuring uit over het voorkoken van besluiten door de toenmalige voorzitter, prof.dr. Van der Meij, en directeur-hoofdinspecteur Van der Veen. De officiele reactie van het bestuur in In de Strengen: 'De onderzoekscommissie heeft helaas nauwelijks oog gehad voor het bestuurlijk handelen van de laatste maanden en de aanpassingen die we hebben gedaan.'
De zaak-Guldenberg, die de commissie expliciet als voorbeeld van onbehoorlijk handelen noemt, wordt ook na het onderzoek niet opgelost. Dat gebeurt evenmin als het ene bestuur moet opstappen en het andere aantreedt. Van Hoek krijgt wat geld aangeboden, maar rehabilitatie van zijn paard en goede naam zit er niet in.
In 1997 lijkt de zaak met het aantreden van weer een nieuwe voorzitter, de zichzelf als puinruimer afficherende Piet Blokland, toch nog goed af te lopen. De partijen stellen een overeenkomst op: 'Van Hoek krijgt honderdvijftigduizend gulden als schadevergoeding, paard en eigenaar worden gerehabiliteerd, en Guldenberg zal in Ermelo meedoen aan een verkort verrichtingsonderzoek voor hengsten van zeven jaar en ouder. Goedkeuring en opname in het stamboek stonden volgens Blokland voor vijfennegentig procent vast,' zegt Van Hoek.
Maar Guldenberg wordt opnieuw afgekeurd. Van Hoek krijgt deze keer geen cijferlijst, maar alleen een kort rapport. Daarin staat dat zijn hengst stug is en Rouplesse mist. Ger Geertsen, al vijfendertig jaar aan de top als dressuurpaardentrainer, denkt er anders over. Hij heeft Guldenberg een paar uur na zijn afkeuring gereden. 'Het stugge viel mij mee en kwam volgens mij door de africhting in Ermelo. Ik had graag met het dier doorgewerkt. '
Een andere toptrainer, Wilco Bouwlans, reserveruiter voor de dressuur tijdens de Spelen in Seoel, heeft later die maand de hengst ook gereden. Zijn oordeel: 'Guldenberg is soepel, elegant en heeft veel front. Hoewel hij getraind was voor springen - hij sprong al internationaal - kon ik merken dat hij ook zeer geschikt is voor de dressuur.'
Van Hoek tekent weer protest aan: Guldenberg heeft in Ermelo niet kunnen presteren omdat hij er verkeerd is afgericht, is vetgemest en een huidschimmel heeft opgelopen. Maar hij krijgt geen gehoor meer. De zaak is afgehandeld en daarmee basta. Van rehabilitatie is geen sprake meer.
Begin dit jaar doet Van Hoek nog een poging om zijn verhaal bij de ledenraadsvergadering in te brengen. Aan de open vergadering blijkt echter een gesloten vergadering vooraf te zijn gegaan, waar vergaderpunten ingebracht hadden moeten worden. Wanneer Van Hoek zijn punt dan maar voor de volgende vergadering wil inbrengen, klinkt het uit de zaal: 'Maar die zaak is toch afgehandeld?' Voorzitter Blokland beaamt dat en stelt voor te stemmen of Van Hoeks punt ingebracht moet worden. Zonder hem gehoord te hebben, besluit de ledenraad de zaak als afgedaan te beschouwen. Van Hoek, die inmiddels een rechtszaak voorbereidt, heeft door de slepende affaire binnen het KWPN de reputatie gekregen van een Don Quichot, van een man die blijft zeuren terwijl hij toch zijn geld heeft gehad.
"Zo gaat dat met mensen die kritiek hebben", zegt Anton van Lijssel. Hij zit inmiddels in het verdomhoekje vanwege zijn inzet voor het behoud van het Gelders paard. Momenteel zijn er nog driehonderd Gelderse merries. Enkele jaren geleden heeft het KWPN de eisen voor Gelderse paarden aangescherpt. Waar voorheen gedekt werd met hengsten die veulens met minstens vijfenzeventig procent Gelders bloed voortbrachten, moest dat voortaan met hengsten die zorgden voor nakomelingen met minstens 87,5 procent Gelders bloed.
Van Lijssel, die meende dat de soort hierdoor gevaar liep uit te sterven, stelde voor alles bij het oude te houden. Nee, zei het KWPN in een brief aan de fokkers van Gelderse paarden, dat doen we niet. Juist het voorstel van 'meneer van Lijssel' is een gevaar voor het voortbestaan van de soort.
Het kan verkeren, want vorig jaar heeft het KWPN besloten dat er ook gefokt mag worden met hengsten die geen druppel Gelders bloed hebben. Waarom? Omdat het geen kwaad kan, zeggen de KWPN-deskundigen in het verenigingsorgaan.
Van Lijssel, eigenaar van twee Gelderse merries en een veulen, vermoedt dat er iets anders achter zit. Hij verzamelt al vijftien jaar gegevens over de vaders en moeders van topsportpaarden in binnen- en buitenland. En wat blijkt? KWPN-paarden met vijftig procent of meer Gelders bloed presteren beter dan de 'gewone' KWPN-rijpaarden. 'Door onbeperkt vreemd bloed bij het Gelders paard toe te laten, hopen ze misschien dat de prestaties van de paarden met Gelders bloed achteruit gaan, waardoor straks hun eigen falen niet meer opvalt. ' Van Lijssel krijgt zijn bevindingen niet geplaatst in het verenigingsorgaan, ook niet als open brief. Daarom publiceert hij ze maar op zijn eigen website (www.iae.nl/users/lijssel), goed voor ruim zestienduizend bezoekers in twee jaar.
De zaken van Van Hoek en Van Lijssel staan niet op zichzelf. Talloos zijn de verhalen over ongeoorloofd bestuurlijk ingrijpen en mogelijke belangenverstrengelingen. Het bestuur heeft dit jaar bijvoorbeeld, in strijd met de statuten, zelf een nieuwe voorzitter van de hengstenkeuringscommissie benoemd. Verder is veel te doen geweest rond een lid van de verrichtingsjury die nauw betrokken zou zijn geweest bij de goedkeuring van een hengst van zijn vader.
En dan is er nog dominee Hans Bok, die in zijn vrije tijd fokker is. Hij noemt het stamboek 'moreel rot'. Vorig jaar was hij kandidaat voor het algemeen bestuur en moest hij voor een vertrouwenscommissie zijn plannen voor de toekomst ontvouwen. Het verbaast hem niet dat hij met zijn ideeen - zoals de geldverslindende KWPN-huisvesting in Huis ter Heide van de hand doen - niet werd gekozen. Hij is wel verontwaardigd dat de voorzitter van de vertrouwenscommissie in het bestuur werd gekozen. 'Er bestaat geen maatschappelijke geleding die toestaat dat de voorzitter van een door haarzelf in het leven geroepen vertrouwenscommissie als bestuurslid wordt benoemd ook al treedt die voorzitter na haar kandidaatstelling terug.'
Bok stapt naar het advocatenkantoor van De Brauw Blacksotne en Westbroek om de rechtmatigheid van de benoeming te onderzoeken. De advocaten concluderen dat die op grond van art. 2.8 van het Burgerlijk Wetboek 'juridisch omstreden' is en in ieder geval niet voldoet aan 'de eisen van redelijkheid en billijkheid'. 'Toen ik zei dat ik naar de rechter zou stappen, kreeg ik te horen dat als die zou beslissen dat de benoeming niet eerlijk was, ze haar gewoon nog een keer zouden kiezen. '
De kern van de problemen bij het KWPN, zo zeggen ook andere fokkers die liever anoniem blijven, zit in het stelselmatig eigengereide optreden van opeenvolgende hooggeplaatste KWPN'ers. Theo van den Broek, tot voor kort vicevoorzitter: 'Het bestuur is niet van deze tijd. De voorzitter en de directeur doen te veel op eigen houtje.'
Van den Broek wilde het contact en de communicatie met de achterban verbeteren en had daarom voorgesteld commissies uit de ledenraad te vorrnen en die te laten samenwerken met de portefeuillehouders in het bestuur. Het voorstel werd verworpen en Van den Broek stelde zich niet herkiesbaar. 'Inmiddels hebben ze de portefeuillehouders ook afgeschaft.' Veel KWPN'ers kijken er niet vreemd van op. De ledenraad, die het bestuur zou moeten controleren? Die zit, vertellen ze, vol mensen zonder ruggengraat die alleen maar hun best doen om in de gratie te komen bij de grote jongens.
Tijd voor een weerwoord van voorzitter Piet Blokland. Na even nadenken zegt hij: 'Op dit moment is het beter om geen commentaar te geven. ' Ook hoofdsponsor Rabobank houdt het kort: 'Wij sponsoren het KWPN omdat we het talent van ruiter en paard willen ontwikkelen. We bemoeien ons niet met bestuurlijke aangelegenheden van het stamboek. Mochten er interne strubbelingen zijn, dan heeft de Rabobank er alle vertrouwen in dat het KWPN die zelf kan oplossen. '
De critici zijn ondertussen bang dat al het 'gekuip en gekonkel' (dominee Bok) nu juist ten koste gaat van de kwaliteit van het KWPN-paard. Bok: 'Op driejarige leeftijd zijn het misschien nog toppers, maar tijdens het laatste WK voor zesjarigen zat niet een KWPN-paard bij de laatste acht.' Van Lijssel: 'Kristal, een voormalige verrichtingstopper, heeft 1208 nakomelingen waarvan er maar drie internationaal presteren.'
De revolutie lijkt dan ook nabij. Binnen het KWPN gaan geruchten dat enkele vooraanstaande leden een nieuw stamboek willen oprichten en het huidige willen overnemen. Namen! 'Nee, van mij heb je niets gehoord.'
28 augustus 1999, Vrij Nederland
SB - KWPN - NWP - hengst - Kambius 1936
SB - KWPN - NWP - hengst - Kambius 1936
De NWP-hengst Kambius, geboren 1936, was een van de meer elegante zonen van de zware Oldenburger hengst Gambo. Gambo kwam in 1928 naar Nederland en was de belangrijkste Groninger hengst in de periode van ±25 jaar dat het zware warmbloed-trekpaard op de voorgrond stond.
De NWP-hengst Kambius, geboren 1936, was een van de meer elegante zonen van de zware Oldenburger hengst Gambo. Gambo kwam in 1928 naar Nederland en was de belangrijkste Groninger hengst in de periode van ±25 jaar dat het zware warmbloed-trekpaard op de voorgrond stond.
SB - KWPN - Hengst - RUBELS 33 15509 96 STB
SB - KWPN - Hengst - RUBELS 33 15509 96 STB
RUBELS 33 15509 96 STB
Rubels is een voldoende ontwikkelde, rijtypische hengst, die voldoende in het rechthoeksmodel staat. De bovenlijn is licht gezonken en het achterbeen is iets gebogen. Het voorbeen zou iets meer lengte moeten hebben.
Rubels was als vierjarige derde in de PAVO cup. Hij combineert de dressuurgenen van Rubinstein I met het springbloed van hengsten als AlmZ, Furioso II, Gotthard, Nimmerdor, G.Ramiro en Joost. Moeder Klarinettels bewees zich zowel in de sport als in de fokkerij, alvorens zij werd ge'xporteerd. Grootmoeder Dasanette sprong nationaal. Andere sportpaarden uit de directe moederlijn zijn het ZZL-dressuurpaard Indigo en de BWP goedgekeurde springhengst Magic Darco.
Cat.no. KWPN-HK'01: 685
17 april 1996, schimmel
Stokmaat: 1.64 m
Pijpomvang: 22 cm
V: RafYrstinels 91.02879 VB KWPN
M: Klarinettels 92.7915 ster sport (dres) Stb
MV: Amethist 82.212 Stb
Fokker: H.J.F. Spekenbrink te Enter
Eigenaar: R. Landa, Postbus 177, 4645 ZK Putte
Onderzoekrapport
Rubels is een eerlijke, betrouwbare hengst.
Hij heeft zeer veel bereidheid om te werken en laat zich zeer goed bewerken.
De stap is zuiver, zeer ruim, actief en goed door het lichaam.
De draf heeft ruim voldoende ruimte. De hengst heeft ruim voldoende houding. In de arbeidsdraf blijft het voorbeen iets vlak. Rubels heeft een actief gebruik van het achterbeen. De hengst laat zich zeer goed sluiten en toont dan een goed gebruik van het voorbeen.
Rubels heeft in galop ruim voldoende ruimte. Hij heeft veel houding, veel souplesse, een goed onderspringend achterbeen en zeer veel balans. Rubels laat zich zeer goed sluiten.
Hij toont veel aanleg voor de zwaardere dressuuroefeningen.
Als dressuurpaard heeft Rubels zeer veel aanleg en hij geeft zijn ruiter een zeer goed gevoel.
Als springpaard heeft Rubels ruim voldoende afdruk.
Hij heeft een goede beentechniek en beschikt over snelle reflexen. Rubels basculeert matig tot voldoende. Hij lijkt over voldoende vermogen te beschikken.
Rubels zuigt lucht. In de omgang gedraagt de hengst zich normaal.
Rapport van de
bezichtiging in 2001 van
de moeder:
Merrie: Klarinettels 92.7915 ster sport (dres) Stb
Protocol:
De merrie Klarinettels is geëxporteerd.
Stokmaat. 1.66m/ kleur: schimmel
Veterinair rapport
Geen bijzonderheden.
Het onderzoek is uitgevoerd van 12 maart t/m 31 maart 2001.
RAFÜRSTINELS 04 0287991 RUBINSTEIN I ROSENKAVALIER
ANTINE
EFÜRSTINELS KEUR 92 ALMEO
FIRST GOTIK
KLARINETTELS STER SPORT (DRES) 92.7915 AMETHIST NIMMERDOR PREF
PAEREL KEUR PREF
DASANETTE SPORT G.RAMIRO Z
ASANETTE
RUBELS 33 15509 96 STB
Rubels is een voldoende ontwikkelde, rijtypische hengst, die voldoende in het rechthoeksmodel staat. De bovenlijn is licht gezonken en het achterbeen is iets gebogen. Het voorbeen zou iets meer lengte moeten hebben.
Rubels was als vierjarige derde in de PAVO cup. Hij combineert de dressuurgenen van Rubinstein I met het springbloed van hengsten als AlmZ, Furioso II, Gotthard, Nimmerdor, G.Ramiro en Joost. Moeder Klarinettels bewees zich zowel in de sport als in de fokkerij, alvorens zij werd ge'xporteerd. Grootmoeder Dasanette sprong nationaal. Andere sportpaarden uit de directe moederlijn zijn het ZZL-dressuurpaard Indigo en de BWP goedgekeurde springhengst Magic Darco.
Cat.no. KWPN-HK'01: 685
17 april 1996, schimmel
Stokmaat: 1.64 m
Pijpomvang: 22 cm
V: RafYrstinels 91.02879 VB KWPN
M: Klarinettels 92.7915 ster sport (dres) Stb
MV: Amethist 82.212 Stb
Fokker: H.J.F. Spekenbrink te Enter
Eigenaar: R. Landa, Postbus 177, 4645 ZK Putte
Onderzoekrapport
Rubels is een eerlijke, betrouwbare hengst.
Hij heeft zeer veel bereidheid om te werken en laat zich zeer goed bewerken.
De stap is zuiver, zeer ruim, actief en goed door het lichaam.
De draf heeft ruim voldoende ruimte. De hengst heeft ruim voldoende houding. In de arbeidsdraf blijft het voorbeen iets vlak. Rubels heeft een actief gebruik van het achterbeen. De hengst laat zich zeer goed sluiten en toont dan een goed gebruik van het voorbeen.
Rubels heeft in galop ruim voldoende ruimte. Hij heeft veel houding, veel souplesse, een goed onderspringend achterbeen en zeer veel balans. Rubels laat zich zeer goed sluiten.
Hij toont veel aanleg voor de zwaardere dressuuroefeningen.
Als dressuurpaard heeft Rubels zeer veel aanleg en hij geeft zijn ruiter een zeer goed gevoel.
Als springpaard heeft Rubels ruim voldoende afdruk.
Hij heeft een goede beentechniek en beschikt over snelle reflexen. Rubels basculeert matig tot voldoende. Hij lijkt over voldoende vermogen te beschikken.
Rubels zuigt lucht. In de omgang gedraagt de hengst zich normaal.
Rapport van de
bezichtiging in 2001 van
de moeder:
Merrie: Klarinettels 92.7915 ster sport (dres) Stb
Protocol:
De merrie Klarinettels is geëxporteerd.
Stokmaat. 1.66m/ kleur: schimmel
Veterinair rapport
Geen bijzonderheden.
Het onderzoek is uitgevoerd van 12 maart t/m 31 maart 2001.
RAFÜRSTINELS 04 0287991 RUBINSTEIN I ROSENKAVALIER
ANTINE
EFÜRSTINELS KEUR 92 ALMEO
FIRST GOTIK
KLARINETTELS STER SPORT (DRES) 92.7915 AMETHIST NIMMERDOR PREF
PAEREL KEUR PREF
DASANETTE SPORT G.RAMIRO Z
ASANETTE
KWPN - Hengst - Abgar: een atleet
KWPN - Hengst - Abgar: een atleet
Abgar: een atleet, maar geen makkelijk heerschap
Er zullen weinig volbloedhengsten zijn die zo´n merkwaardige start in de warmbloedfokkerij hebben gemaakt als Abgar xx. Na een niet erg succesvolle carrière in de volbloedfokkerij en een beperkte inzet op een privé-stoeterij, kwam hij na lang aandringen op Stal Roelofs in Den Ham terecht. Daar legde Abgar, samen met de Holsteinse hengst Joost en een collectie degelijke Groninger merries, de basis voor een succesvolle fokkerij van springpaarden. Abgar en Joost, hun bloed vloeit in toppers als Ommen, VIP en Hay Guy.
De heer Roelofs had reeds vele merries bij Abgar laten dekken. Hij wilde Abgar graag op zijn stoeterij hebben, zodat het reizen met de merries achterwege kon blijven. Het lukte hem aanvankelijk niet de eigenaar ervan te overtuigen dat het voor de carrière van de hengst beter was als hij op zijn stoeterij ter dekking gesteld zou worden. Na enkele jaren van aandringen kreeg Roelofs tenslotte zijn zin en verhuisde Abgar van Knegsel in Noord-Brabant naar Den Ham in Overijssel.
Roelofs had zijn oog op Abgar laten vallen omdat er van de hengst, hoewel er slecht weinig produkten waren, meerdere kinderen in internationale springconcoursen uitkwamen. Roelof´s zocht zo´n hengst om zijn stoeterij mee op te bouwen. Hij heeft de schimmel veelvuldig gebruikt, er is op zijn stoeterij nauwelijk een paard te vinden waarin niet het bloed van Abgar stroomt.
Normandië
Abgar werd geboren in 1958 bij Madame Comtesse de Chambure te Bayeux in het Franse Normandië. Zijn moeder Karadja xx (v. Roc du Diable xx) was na een weinig geslaagde rencarrière ingezet voor de fokkerij. Karadja werd gedekt door Abernant xx, een grootheid in de volbloedwereld in die tijd. Abernant was een heel goed renpaard. Uit zeventien starts bleef hij geen enkele maal ongeplaatst. Hij eindigde 14 keer als eerste en werd 3 keer tweede.
Abgar was aanvankelijk niet zo´n succes als renpaard. Als tweejarige verscheen hij zes maal aan de start, maar werd slechts één keer eerste. Ook als driejarige wist de schimmel niet te overtuigen. Als vierjarige boekte hij betere resultaten. Van de veertien starts wint hij er acht en eindigt drie maail als tweede en twee keer als vierde. Dit laatrijpe zien we later terug bij zijn kinderen.
Op de hindernisbaan blijkt Abgar beter uit de voeten te kunnen. Als vierjarige behaalt hij dan uit tien starts acht eerste plaatsen en een keer een tweede plaats. Zijn winsom bedraagt 98.820 FFr. waarvan 66.965 FFr. op de hindernisbaan werd verdiend.
Volbloedfokkerij
In 1964 wordt Abgar door de heer Burgers uit Nijmegen naar Nederland gehaald. Abgar wordt goedgekeurd en bestemd voor de volbloedfokkerij. Als in 1967 de eerste kinderen op de renbaan verschijnen, wordt dit geen doorslaand succes.
Zijn kinderen blijken nogal sensibel en schichtig te zijn. Bovendien schijnen ze zich ook niet tot het uiterste te willen geven. Vanwege de tegenvallende resultaten besluit Burgers Abgar van de hand te doen. Abgar wordt verkocht aan de heer Vorspaget, die eveneens volbloedfokker is.
Vorspaget koopt in Engeland volbloedmerries en laat deze door Abgar dekken. Ook de produkten uit deze merries worden geen succes op de renbaan. Omdat ze laatrijp zijn laat Vorspaget ze eerst als driejarige starten.
Na enkele jaren komt ook Vorspaget tot de conclusie dat Abgar voor de volbloedfokkerij niet voldoet. Hij besluit Abgar een nieuwe kans te geven in de warmbloedfokkerij.
Er worden vijf warmbloedmerries aangeschaft, die met Abgar worden gepaard. De veulens uit deze merries lijken beter dan de volbloeds. Ze hebben met name een betere achterhand. De heer Vorspaget gebruikte Abgar alleen voor zijn eigen merries en beperkt voor enkele merries van vrienden en kennissen.
Warmbloedfokkerij
Na enkele jaren kwamen er verzoeken van WPN-leden bij het afdelingsbestuur van Limburg binnen om de heer Vorspaget er toe bewegen zijn volbloedhengst voor de warmbloedfokkerij beschikbaar te stellen. Er was dringend behoefte aan een volbloedhengst in deze regio. Om hun merries door een goede volbloed te laten dekken moest er nu gereist worden, terwijl er in de buurt een goede hengst stond. Na enig wikken en wegen was Vorspaget bereid de hengst voor derden beschikbaar te stellen. Hij wilde er echter geen extra drukte van hebben en hij wilde evenmin elke merrie toelaten.
Het WPN verlangde, voordat de erkenning een feit kon worden, eerst afstammelingen te zien. Vorspaget vond zo´n afstammelingenkeuring niet nodig, want Abgar dekte toch alleen maar zijn eigen merries. Een groepje enthousiaste fokkers bracht daarom de afstammelingen bijeen, zodat de bezichtiging doorgang kon vinden. De produkten bevielen zo goed dat Abgar voor de warmbloedfokkerij werd erkend. Het aantal dekkingen steeg daardoor van zes in 1971 tot veertig in 1972. De eigenaar vond echter lang niet elke merrie acceptabel en de paarden die naar zijn mening niet aan de eisen voldeden werden weggestuurd.
Het bleef echter aanvragen tot dekkingen regenen, waarop Vorspaget besloot een andere strategie te kiezen. Abgar was voortaan alleen toegankelijk voor ster-, keur- en preferente merries. Met deze maatregel behoefde Vorspaget niet zelf meer de selectie uit te voeren, dit was reeds voor hem gedaan door het stamboek. Bovendien was het dekgeld hoog er ook dat weerhiel de fokkers ervan met minder goede merries naar Abgar te gaan. Abgar bleef in Knegsel op stoeterij Charlotte tot 1977, toen ging hij naar Stal Roelofs. Hier zou hij de rest van zijn leven, dat eindigde op 1 november 1984, verblijven.
Stal Roelofs
Op Stal Roelofs begint Abgar voor de derde keer aan een carrière in de fokkerij. Zijn naam wordt onlosmakelijk verbonden met die van de stoeterij en het is vanaf hier dat de hengst in brede kring wordt erkend al een hengst die prestatie-aanleg vererft. Samen met de Holsteinse import Joost (Consul x Anblick xx) wordt Abgar het fundament onder Stal Roelofs. Abgar kreeg hier voornamelijk merries te bedienen, die stammen uit de fokkerij van het Groninger type. Ook werden hem de dochters van collega stoeterij-pasha, Joost, toegevoerd. Dat blijkt te passen. De merries uit de oude stammen van het Groninger type hebben sterke achterhanden. En dat was waaraan Abgar behoefte had. De paarden van de toenmalige Groninger fokkerij hadden goede, sterke achterhanden en matige voorhanden. Dit in tegenstelling tot de Gelderse fokkerij waar de voorhanden beter waren dan de achterhanden. Schoften en schouders en stand van het voorbeen, de zwakke punten van het oude Groninger type, wist Abgar altijd te verbeteren. De lengte van de croupe en de bespiering van de achterhand waren de zwakke punten in zijn vererving en juist op deze punten vond hij in de merries van Groningers herkomst ideale partners.
Ook de spreekwoordelijke makheid en het ongecompliceerde karakter van het oude Groninger type pasten bij Abgar. De Abgar-kinderen zijn nogal eens kijkerig en sensibel, ze zijn intelligent en daardoor kwalijknemend. Een slechte ervaring vergeten ze niet snel, het zijn daardoor geen ruiters die door alle ruiters zijn te berijden. Ze zijn evenmin niet zonder meer bereid hun grote atletische vermogen aan de ruiter te onderwerpen.
Ze moeten daartoe met tact en gevoel en zeker niet met bruut geweld getraind worden. Klikt het tussen paard en berijder dan worden grote prestaties mogelijk. Door hun karakter behoeven Abgar-kinderen meer training dan andere paarden. Ze geven zich immers niet zonder meer en direct over aan de ruiter.
Onderwerpen
Door hun niet ongecompliceerde karakter vroegen de Abgar-kinderen meer training en dat leidde soms tot problemen. We zien bij Abgar hetzelfde verschijnsel als bij Marco Polo: een veronderstelde mindere hardheid en duurzaamheid die haar oorzaak vind in overbelasting.
Hoewel bij beide hengsten het karakter de oorzaak was, zijn ze toch van geheel verschillende aard. Bij Marco Polo was de grote inzetbereidheid, het altijd willen, de oorzaak van soms overtraining en lichamelijke problemen. Bij Abgar was het zich minder snel willen onderwerpen aan de ruiter de oorzaak. Kan een ruiter evenwel met het karakter van een Abgar omgaan, dan zijn het, door hun atletisch vermogen, geweldige sportpaarden.
Hoewel ze goede bewegingen hebben, zijn ze door dat karakter minder geschikt voor de dressuursport. Voor de dressuursport waren ze te kwalijknemend en lieten ze zich niet voldoende bewerken. In de springsport, waar de inwerking van de ruiter minder groot is, waar het dikwijls omgaat dat de ruiter het paard niet moet hinderen, komen de talenten en het atletische vermogen van de Abgars wel tot hun recht.
Maar ook in de springsport zijn de Abgars geen paarden waar iedereen mee om kan gaan. Ze laten zich moeilijk onder druk rijden, ze willen op eigen benen lopen en een forse inwerking of ingrijpen van de ruiter leidt meestal tot afgeworpen balken. Kortom, de Abgars zij echte bloedpaarden; sensibel, zelfbewust en wat eigenzinnig, maar intelligent en atletisch.
Eerste zoon
Merkwaardig genoeg was de eerste in 1969 goedgekeurde zoon, Hurricane, een goed dressuurpaard en geen springcrack. Hurricane past daarom niet in de karakteristiek van de Abgar nafok. Hij had ruime, gemakkelijke bewegingen, die hij aan zijn kinderen doorgaf.
Die bewegingsvorm is overigens geen uitzondering bij de Abgar-kinderen. Bij merries met een goede draf liet Abgar die bewegingsvorm intakt; hij transformeerde die draf niet naar een haastige, korte, op-de-voorhand-draf van de volbloed. Abgar voegde souplesse, galop- en springvermogen toe. Ruimte, de opgerichte voorhand en de rondere bewegingen bleven in de draf behouden. Hij verbeterde de draf niet, zoals Lucky Boy dat deed, maar hij verknoeide het ook niet, zoals vele andere volbloeds wel doen.
Vooral in de Gelderse merries trof Abgar partners met een goede draf. De Groningse merries hadden meestal een beste stap, maar een mindere draf. De Abgar-kinderen met veel draf komen dan ook meestal uit Gelderse merries, zoals Hurricane (mv Ulex), Pele (mv Ulex) en Pion (mv Epigoon).
Bij merries van Groninger origine, waaraan Holsteins bloed was toegevoegs, lukt het ook, zoals bij Volckmar (Garant x Olaf van Wittenstein). De Holsteiner heeft van oudsher ook een ruime, ronde draf. Uit Joost-dochters kwamen dan ook dikwijls paarden met veel bewegingen. Bij Hurricane´s grootvader Ulex zit het oude karossier-bloed nog dichtbij. Van moederskant voert hij: Diamant - Ot van Wittenstein en Voorman - Domburg. Hurricane heeft ongetwijfeld zijn goede bewegingen mede te danken aan dit bloed. Hurricane werd na vier jaar in 1972 uit de fokkerij genomen. Het was in de tijd dat de hengsten uit klassieke moeders, de zogenaamde F1-produkten, het moeilijk hadden zich staande te houden. In 1991 is Hurricane opnieuw goedgekeurd, drie jaar laten overleed hij.
Bewegingen
Hurricane bracht kinderen met beste bewegingen, zoals de bekende merries Liselot en Merriment. Een bekend dressuurpaard van Hurricane is Galantus (ex Orlof) die door mw. A. Schep- van Wijngaarden en later door Anouk Hondelaar Prix st. Georges gestart is. Daarnaast gaf Hurricane ook enkele springpaarden. Zijn bekendste springpaard is Arizona (mv. Eros) die met de Amerikaanse ruiter Mark Leone goede prestaties heeft geleverd. Ze eindigden onder meer als 16e in de finale van de World Cup 1984. Onder de naam Tomasso is Arizona eerder met Rob Eras internationaal uitgekomen.
Pele (mv. Ulex Sgldt x Bento Sgrt) werd in 1977 goedgekeurd. In de verrichtingsproef bleek hij de beste van de klas te zijn. Met scores als 10 voor vrij springen, 8.5 voor springen onder de man, 9.5 voor de terreinproef en een 9 voor zijn karakter deed hij zijn vader eer aan.
Pele was zelf in de sport een verdienstelijk springpaard, hij heeft 1.50 m-wedstrijden gelopen. Zijn bekendste nakomeling in het springen is Zagal, die met Pieter Kersten in tabel A/B parcoursen meer dan F. 20.000,- verdiende. In combinatie met de bekende merrie Oberlina (Farn x Balthazar) bracht Pele het internationale springpaard Eros en de goedgekeurde hengst Focus.
Pion
Pion (mv. Epigoon - Passaat Sgldt) werd als vierjarige bij herkeuring in 1978 goedgekeurd. Hij was als veel Abgars een laatrijp paard. Als driejarige was de hengst nogal beknopt van type. Ook zou de hengst toen meer ontwikkeld moeten zijn, vooral de croupe zou royaler kunnen. Pion is later uitgegroeid tot een goede hengst. De ras en de kwaliteit die hij als driejarige uitstraalde heeft hij behouden. In het verrichtingsonderzoek was hij was gespannen en kijkerig. Daardoor kwamen zijn goede bewegingen en springvermogen niet goed uit de verf. De rijproef leverde slechts een 5.9 als score op. Het springen ging beter, maar met een 7.5 voor het springen onder de man en een 8.5 voor het vrij springen leverde hij geen wereldschokkende prestaties. Vermogen had Pion genoeg, voorzichtig was hij ook, maar hij sprong niet mooi door de rug.
Later heeft Pion zich in de sport gerehabiliteerd van de niet geweldige resultaten in het verrichtingsonderzoek. In de dressuur bracht hij het tot de Z-klasse. In de springsport is hij door Rob Ehrens met succes in de internationale lichte tour uitgebracht.
Pion moest zich in de eerste jaren tevreden stellen met merries van matige kwaliteit. Maar de veulens die uit het eerste dekseizoen getoond werden waren verrassend goed. Veulens met veel beweging, ras en kwaliteit werden aan de hengstenkeuringscommissie getoond, waarbij de invloed van zijn grootvader Epigoon (van Amor) zich deed gelden. Pion kwam daardoor meer en meer in de belangstelling bij de fokkers en later verhuisde hij naar eekstations waar betere merries kwamen. Uit zijn eerste periode, toen hij in Groningen stond gestationeerd, leverde hij twee goedgekeurde zonen; Argus en Aktion.
In de sport
Beide zonen zijn internationaal in de sport uitgebracht. Argus (mv. Jasper) onder Hap Hansen en Eric Willemsz Geeroms in de internationale springsport, Aktion onder de Hongaar Gyulla Dallos op het hoogste niveau in de dressuur.
Aktion heeft ook een interessante pedigree, zijn moeder is van Akteur - Amor x Victor Sgldt. Een afstamming waarin beweging herkenbaar is. In het verrichtingsonderzoek en later ook in de sport bleek Aktion met beste bewegingen gezegend te zijn. Daarmee zou hij het in de dressuur ver kunnen brengen. Na twee dekseizoenen kwam hij in het bezit van de bekende dressuurruiter Daniel Ramseier uit Zwitserland, die hem als dressuurpaard doorverkocht naar Hongarije.
Pions derde goedgekeurde zoon is Democraat (mv Silvano x Pericles xx). Hij volgde het weinig gebruikte wachthengstensysteem; dit houdt in dat niet de 100 dagen-test gevolgd behoeft te worden, maar na maximaal 40 proefbaringen de hengst zich in de sport moet waarmaken en na het testen van de driejarigen de hengst eveneens weer voor de fokkerij mag worden gebruikt. Na het eerste dekseizoen vertrok Democraat naar Duitsland, waar hij aan het verrichtingsonderzoek deelnam. In Warendorf bleek hij beter te zijn dat zijn Duitse collega´s. De Westfaalse landstalmeester was onder de indruk van zijn prestatie-aanleg en wist hem voor enkele jaren voor de fokkerij in Westfalen vast te leggen. Zijn eerste in Nederland getoonde veulens bleken ook over de goede bewegingen van hun vader te beschikken, hetgeen niet verwonderlijk is met de dubbele inbreng van Amor (via Epigoon en Silvano).
Transvaal
Twee jaar na Pion wordt Transvaal (m. Pericles xx x Camillo NWP) goedgekeurd. Transvaal wordt, net als halfbroer Pele, één der beste hengsten van het verrichtingsonderzoek. Voor de beide springonderdelen wordt 8.5 gescoord en de terreinproef wordt met een 9 gewaardeerd. Stap en galop zijn eveneens goed, maar de draf is minder. Niet zo verwonderlijk, want Transvaal is uit een dochter van de volbloed Pericles xx, met daarachter de beroemde Carla-stam. Transvaal leek een veelbelovend springpaard te worden. In de hengstencompetitie en ook in andere wedstrijden toonde hij over vermogen en techniek te beschikken. De verwachte aansluitinga met de nationale springtop bleef echter uit; de hengst blijft in zijn sportieve ontwikkeling steken. Mede op grond van dit gegeven en de niet overweldigende resultaten van zijn kinderen op de keuring, besloot de fokleiding Transvaals carrière als fokhengst in 1985 te beëindigen.
Kort daarna blijft dat Transvaal enkele jaren met een gescheurd kootbeen heeft gesprongen. Op karakter bleef de hengst doorgaan; met zo´n blessure is het verbazend dat hij überhaupt bleef springen. De blessure bleek zo ernstig dat de hengst, voordat er via herkeuring van rehabilitatie sprake kon zijn, moest worden afgemaakt. Uit de ruim 200 geregistreerde veulens van Transvaal, ontwikkelt zich één absolute topper: de merrie Dorina.
Treffer
Uit hetzelfde jaar als Transvaal komt Treffer (m. Rigoletto x Capindus NWP), die tijdens het verrichtingsonderzoek werd afgewezen, maar later op grond van goede sportprestaties weer werd goedgekeurd. Treffer is wellicht Abgar´s best presterende nakomeling. Hij heeft aan twee World Cup finales en aan de Olympische spelen in Seoul deelgenomen. In 1987 veroverde hij met Wout-Jan van der Schans de veertiende plaats in Parijs in de finale van de World Cup. Een jaar later werd in Göteborg de zesde plaats behaald. Treffer was in de jaren 1987, 1988 en 1989 een van ´s werelds beste springpaarden.
Waarom werd dit sportpaard uit het verrichtingsonderzoek weggestuurd? De verklaring is heel simpel. In de eerste weken van het onderzoek worden alleen de basisgangen getest en daarvan had Treffer niet te veel in huis. Vooral Treffers draf was beperkt. In Nederland werd toen nog het principe gehuldigd dat een fokhengst op zn minst over voldoende basisgangen moet beschikken.
In 1987 werd Treffer goedgekeurd, in 1995 is hij naar Italië geëxporteerd.
Door zijn intensieve sportcarrière zijn er in Nederland ongeveer 50 veulens van Treffer geregistreerd. Hij heeft daardoor onvoldoende kansen gekregen om breed op zijn verervingsvermogen getest te worden.
Wout-Jan van der Schans kon kennelijk goed met Abgars overweg, iets wat niet alle ruiters hem na kunnen zeggen. Naast Treffer had hij in Valeur een heel goed jachtspringpaard. Valeur kan meer dan snel rond gaan; in 1988 en 1989 werd in successie de Philips Derby van Eindhoven gewonnen. Als militaryruiter was Van der Schans succesvol met een andere Abgar-zoon, Take it Easy. Een andere heel goed militarypaard was Baby Face. Hij was bijvoorbeeld kampioen van Nederland in 1984 met Martin Lips.
Volckmar
Volckmar werd in 1982 aangewezen voor het verrichtingsonderzoek. Hij bleek zoals bijna alle Abgars over een goede galop te beschikken. Springen kon hij, zoals het een Abgar betaamt, eveneens. In de sport heeft hij zijn veelzijdigheid bewezen. Aanvankelijk werd hij met succes in de springsport uitgebracht, later werd hij door de Amerikaanse amazone Pamelo Nelson op Grand Prix niveau in de dressuur uitgebracht. Na twee dekseizoenen ging hij de grote plas over en is thans op de D.G. Bar Ranch van de familie De Groot in California de trots van de stoeterij. Van Volckmar worden Partly Cloudly en Bonbon in het internationale sprincircuit uitgebracht. Abgar heeft vele goede sportpaarden nagelaten, die op nationaal niveau, maar vooral op internationaal niveau de verervingskracht van hun vader hebben bewezen. Eén van zijn bekendste kinderen is Ommen, die met de Amerikaanse amazone Lynn Little grote successen heeft geboekt. In 1986 werd in Göteborg de tiende plaats behaald in de finale van de World Cup. Een andere Abgar, die naast Ommen de Amerikaanse vlag heeft verdedigd, was Robuust met Anthony d'Ambrosio.
Lynn Little
De stormachtige hengst Ommen was door de Noord-Amerikaanse afdeling van het KWPN, het NA/WPN, goedgekeurd. Hij is gefokt door Stal Roelofs in Den Ham, uit een dochter van Joost. Bij Lynn Little heeft Ommen veel volbloedmerries gedekt. Eén produkt van deze kruisingen nam in april in Helsinki deel aan de bijrubrieken van de Wereldbekerfinale. Het gaat om Hidden Creek´s Glory van Margie Goldstein-Engle, net zo´n vuurvreter als zijn vader. Een ander produkt van Ommen uit de fokkerij van Lynn Little is de merrie Déja Vu, de moeder van Hidden Creek´s Laurel (v. Victorie - Lucky Boy xx), één van de beste springpaarden van dit moment. Eén van de eerste Abgars die de aandacht op zich vestigde was Jabgar. Hij had de hardheid en taaiheid die vele Abgar-kinderen kenmerken. Ze zijn laatrijp, maar ze gaan lang mee. Jabgar liep als 19-jarige nog internationaal. Hij heeft vele omzwervingen meegemaakt. In 1976 won hij al met Horst Karsten het kampioenschap van Schleswig-Holstein. Daarna ging hij van Duitsland naar Frankrijk, waar Janou Tissot-Le Fevre een gevreesde combinatie met hem vormde. Van Frankrijk ging de kosmopoliet naar België, waar hij met Eric Wauters in het zadel opnieuw bewees een heel goed springpaard te zijn. Eveneens uit de eerste periode zijn de paarden Ituriddu en Humphrey. Ituriddu kreeg nationale bekendheid met Gerrit Veeneman en Tjeerd Velstra. Humphrey heeft met de bekende Duitse ruiter Hans Gunther Winkler vooral in speedwedstrijden geschitterd.
Sapristi
Radja, een volle broer van het speedpaard Tutein, was in Nederland met Gerrit Veeneman een gevreesde concurrent. Tot de nationale springtop behoorden ook Willy van der Ham en Sapristi. In Engeland is naast Tutein ook Fable met Peter Charles bekend. Uit de nationale wedstrijden waren vooral bekend Baccarat met Peter Diks, Ricardo C.Z. met Tanja van Malsen en Henk van de Broek, Cartouche met J. Tolhuysen en Abgar L met Astrid van Leeuwen. Eveneens op de voorgrond traden Ambrosius met Henk van de Pol en Udith die door de Zweedse amazone Ulrika Hedin werd bereden.
De Abgar-dochters blijken goede partners te zijn om sportpaarden te fokken. Ongetwijfeld is Octavia van Stal Stassen uit Venlo de mooiste dochter die Abgar heeft voortgebracht. Deze merrie werd in 1976 derde op de nationale keuring UTV. In 1981 werd ze kampioene bij de fokmerries onder het zadel.
VIP
De bekendste kleinzoon in de sport in zonder twijfel VIP. Het veroveren van het Amerikaanse kampioenschap in 1986 is slechts één van de vele wapenfeiten van deze veelbesproken hengst. VIP is van Joost en bijna vanzelfsprekend gefokt door Stal Roelofs.
Van dezelfde, onvolprezen combinatie is de KWPN-dekhengst en het internationale springpaard Tio Pepe´s Hay Guy van Carry Huis in ´t Veld. Esperite, Barquillo en Macho KB zijn eveneens van Joost en de Abgar-dochter Volsiena Prest.
Koh-I-Noor (v. Off Key xx) is eveneens uit een Abgar-dochter. Voor zij naar Amerika vertrok, was ze met Rob Ehrens één van de beste springpaarden van Nederland. In haar nieuwe thuisland werd ze herdoopt in Ardennes. In 1983 en 1984 bereikte ze hoge klasseringen in meerdere Grand Prix´s en W.C.-wedstrijden met verschillende ruiters. Ze heeft achtereenvolgens Peter Leone, Jeffrey Wells en Norman Dello Joio gediend.
Kleinzonen van Abgar zijn: Armstrong (G. Ramiro Z x Abgar xx), Attent (Joost x Abgar xx), Excellent (Sultan x Abgar xx), Faram (Aram x Abgar xx), Germus R (Joost x Abgar xx) en Henzo (Boreas x Abgar xx).
Omstreden
Op 1 november 1984 werd Abgar, 26 jaar oud, levenloos in zijn box gevonden. In hem verloor de Nederlandse fokkerij een hengst die haar in de internationale schijnwerpers heeft geplaatst. Abgar is weleens omstreden geweest: hij bracht geen paarden met het bijna spreekwoordelijke ongecompliceerde, goede karakter waar de Nederlandse paarden om bekend staan. De atleet Abgar voegde andere elementen toe, die even onontbeerlijk zijn voor de fokkerij van het moderne sportpaard.
Door: Gert van der Veen
Uit: In de Strengen nr 9 uit 1998, serie Stempelhengsten.
Abgar: een atleet, maar geen makkelijk heerschap
Er zullen weinig volbloedhengsten zijn die zo´n merkwaardige start in de warmbloedfokkerij hebben gemaakt als Abgar xx. Na een niet erg succesvolle carrière in de volbloedfokkerij en een beperkte inzet op een privé-stoeterij, kwam hij na lang aandringen op Stal Roelofs in Den Ham terecht. Daar legde Abgar, samen met de Holsteinse hengst Joost en een collectie degelijke Groninger merries, de basis voor een succesvolle fokkerij van springpaarden. Abgar en Joost, hun bloed vloeit in toppers als Ommen, VIP en Hay Guy.
De heer Roelofs had reeds vele merries bij Abgar laten dekken. Hij wilde Abgar graag op zijn stoeterij hebben, zodat het reizen met de merries achterwege kon blijven. Het lukte hem aanvankelijk niet de eigenaar ervan te overtuigen dat het voor de carrière van de hengst beter was als hij op zijn stoeterij ter dekking gesteld zou worden. Na enkele jaren van aandringen kreeg Roelofs tenslotte zijn zin en verhuisde Abgar van Knegsel in Noord-Brabant naar Den Ham in Overijssel.
Roelofs had zijn oog op Abgar laten vallen omdat er van de hengst, hoewel er slecht weinig produkten waren, meerdere kinderen in internationale springconcoursen uitkwamen. Roelof´s zocht zo´n hengst om zijn stoeterij mee op te bouwen. Hij heeft de schimmel veelvuldig gebruikt, er is op zijn stoeterij nauwelijk een paard te vinden waarin niet het bloed van Abgar stroomt.
Normandië
Abgar werd geboren in 1958 bij Madame Comtesse de Chambure te Bayeux in het Franse Normandië. Zijn moeder Karadja xx (v. Roc du Diable xx) was na een weinig geslaagde rencarrière ingezet voor de fokkerij. Karadja werd gedekt door Abernant xx, een grootheid in de volbloedwereld in die tijd. Abernant was een heel goed renpaard. Uit zeventien starts bleef hij geen enkele maal ongeplaatst. Hij eindigde 14 keer als eerste en werd 3 keer tweede.
Abgar was aanvankelijk niet zo´n succes als renpaard. Als tweejarige verscheen hij zes maal aan de start, maar werd slechts één keer eerste. Ook als driejarige wist de schimmel niet te overtuigen. Als vierjarige boekte hij betere resultaten. Van de veertien starts wint hij er acht en eindigt drie maail als tweede en twee keer als vierde. Dit laatrijpe zien we later terug bij zijn kinderen.
Op de hindernisbaan blijkt Abgar beter uit de voeten te kunnen. Als vierjarige behaalt hij dan uit tien starts acht eerste plaatsen en een keer een tweede plaats. Zijn winsom bedraagt 98.820 FFr. waarvan 66.965 FFr. op de hindernisbaan werd verdiend.
Volbloedfokkerij
In 1964 wordt Abgar door de heer Burgers uit Nijmegen naar Nederland gehaald. Abgar wordt goedgekeurd en bestemd voor de volbloedfokkerij. Als in 1967 de eerste kinderen op de renbaan verschijnen, wordt dit geen doorslaand succes.
Zijn kinderen blijken nogal sensibel en schichtig te zijn. Bovendien schijnen ze zich ook niet tot het uiterste te willen geven. Vanwege de tegenvallende resultaten besluit Burgers Abgar van de hand te doen. Abgar wordt verkocht aan de heer Vorspaget, die eveneens volbloedfokker is.
Vorspaget koopt in Engeland volbloedmerries en laat deze door Abgar dekken. Ook de produkten uit deze merries worden geen succes op de renbaan. Omdat ze laatrijp zijn laat Vorspaget ze eerst als driejarige starten.
Na enkele jaren komt ook Vorspaget tot de conclusie dat Abgar voor de volbloedfokkerij niet voldoet. Hij besluit Abgar een nieuwe kans te geven in de warmbloedfokkerij.
Er worden vijf warmbloedmerries aangeschaft, die met Abgar worden gepaard. De veulens uit deze merries lijken beter dan de volbloeds. Ze hebben met name een betere achterhand. De heer Vorspaget gebruikte Abgar alleen voor zijn eigen merries en beperkt voor enkele merries van vrienden en kennissen.
Warmbloedfokkerij
Na enkele jaren kwamen er verzoeken van WPN-leden bij het afdelingsbestuur van Limburg binnen om de heer Vorspaget er toe bewegen zijn volbloedhengst voor de warmbloedfokkerij beschikbaar te stellen. Er was dringend behoefte aan een volbloedhengst in deze regio. Om hun merries door een goede volbloed te laten dekken moest er nu gereist worden, terwijl er in de buurt een goede hengst stond. Na enig wikken en wegen was Vorspaget bereid de hengst voor derden beschikbaar te stellen. Hij wilde er echter geen extra drukte van hebben en hij wilde evenmin elke merrie toelaten.
Het WPN verlangde, voordat de erkenning een feit kon worden, eerst afstammelingen te zien. Vorspaget vond zo´n afstammelingenkeuring niet nodig, want Abgar dekte toch alleen maar zijn eigen merries. Een groepje enthousiaste fokkers bracht daarom de afstammelingen bijeen, zodat de bezichtiging doorgang kon vinden. De produkten bevielen zo goed dat Abgar voor de warmbloedfokkerij werd erkend. Het aantal dekkingen steeg daardoor van zes in 1971 tot veertig in 1972. De eigenaar vond echter lang niet elke merrie acceptabel en de paarden die naar zijn mening niet aan de eisen voldeden werden weggestuurd.
Het bleef echter aanvragen tot dekkingen regenen, waarop Vorspaget besloot een andere strategie te kiezen. Abgar was voortaan alleen toegankelijk voor ster-, keur- en preferente merries. Met deze maatregel behoefde Vorspaget niet zelf meer de selectie uit te voeren, dit was reeds voor hem gedaan door het stamboek. Bovendien was het dekgeld hoog er ook dat weerhiel de fokkers ervan met minder goede merries naar Abgar te gaan. Abgar bleef in Knegsel op stoeterij Charlotte tot 1977, toen ging hij naar Stal Roelofs. Hier zou hij de rest van zijn leven, dat eindigde op 1 november 1984, verblijven.
Stal Roelofs
Op Stal Roelofs begint Abgar voor de derde keer aan een carrière in de fokkerij. Zijn naam wordt onlosmakelijk verbonden met die van de stoeterij en het is vanaf hier dat de hengst in brede kring wordt erkend al een hengst die prestatie-aanleg vererft. Samen met de Holsteinse import Joost (Consul x Anblick xx) wordt Abgar het fundament onder Stal Roelofs. Abgar kreeg hier voornamelijk merries te bedienen, die stammen uit de fokkerij van het Groninger type. Ook werden hem de dochters van collega stoeterij-pasha, Joost, toegevoerd. Dat blijkt te passen. De merries uit de oude stammen van het Groninger type hebben sterke achterhanden. En dat was waaraan Abgar behoefte had. De paarden van de toenmalige Groninger fokkerij hadden goede, sterke achterhanden en matige voorhanden. Dit in tegenstelling tot de Gelderse fokkerij waar de voorhanden beter waren dan de achterhanden. Schoften en schouders en stand van het voorbeen, de zwakke punten van het oude Groninger type, wist Abgar altijd te verbeteren. De lengte van de croupe en de bespiering van de achterhand waren de zwakke punten in zijn vererving en juist op deze punten vond hij in de merries van Groningers herkomst ideale partners.
Ook de spreekwoordelijke makheid en het ongecompliceerde karakter van het oude Groninger type pasten bij Abgar. De Abgar-kinderen zijn nogal eens kijkerig en sensibel, ze zijn intelligent en daardoor kwalijknemend. Een slechte ervaring vergeten ze niet snel, het zijn daardoor geen ruiters die door alle ruiters zijn te berijden. Ze zijn evenmin niet zonder meer bereid hun grote atletische vermogen aan de ruiter te onderwerpen.
Ze moeten daartoe met tact en gevoel en zeker niet met bruut geweld getraind worden. Klikt het tussen paard en berijder dan worden grote prestaties mogelijk. Door hun karakter behoeven Abgar-kinderen meer training dan andere paarden. Ze geven zich immers niet zonder meer en direct over aan de ruiter.
Onderwerpen
Door hun niet ongecompliceerde karakter vroegen de Abgar-kinderen meer training en dat leidde soms tot problemen. We zien bij Abgar hetzelfde verschijnsel als bij Marco Polo: een veronderstelde mindere hardheid en duurzaamheid die haar oorzaak vind in overbelasting.
Hoewel bij beide hengsten het karakter de oorzaak was, zijn ze toch van geheel verschillende aard. Bij Marco Polo was de grote inzetbereidheid, het altijd willen, de oorzaak van soms overtraining en lichamelijke problemen. Bij Abgar was het zich minder snel willen onderwerpen aan de ruiter de oorzaak. Kan een ruiter evenwel met het karakter van een Abgar omgaan, dan zijn het, door hun atletisch vermogen, geweldige sportpaarden.
Hoewel ze goede bewegingen hebben, zijn ze door dat karakter minder geschikt voor de dressuursport. Voor de dressuursport waren ze te kwalijknemend en lieten ze zich niet voldoende bewerken. In de springsport, waar de inwerking van de ruiter minder groot is, waar het dikwijls omgaat dat de ruiter het paard niet moet hinderen, komen de talenten en het atletische vermogen van de Abgars wel tot hun recht.
Maar ook in de springsport zijn de Abgars geen paarden waar iedereen mee om kan gaan. Ze laten zich moeilijk onder druk rijden, ze willen op eigen benen lopen en een forse inwerking of ingrijpen van de ruiter leidt meestal tot afgeworpen balken. Kortom, de Abgars zij echte bloedpaarden; sensibel, zelfbewust en wat eigenzinnig, maar intelligent en atletisch.
Eerste zoon
Merkwaardig genoeg was de eerste in 1969 goedgekeurde zoon, Hurricane, een goed dressuurpaard en geen springcrack. Hurricane past daarom niet in de karakteristiek van de Abgar nafok. Hij had ruime, gemakkelijke bewegingen, die hij aan zijn kinderen doorgaf.
Die bewegingsvorm is overigens geen uitzondering bij de Abgar-kinderen. Bij merries met een goede draf liet Abgar die bewegingsvorm intakt; hij transformeerde die draf niet naar een haastige, korte, op-de-voorhand-draf van de volbloed. Abgar voegde souplesse, galop- en springvermogen toe. Ruimte, de opgerichte voorhand en de rondere bewegingen bleven in de draf behouden. Hij verbeterde de draf niet, zoals Lucky Boy dat deed, maar hij verknoeide het ook niet, zoals vele andere volbloeds wel doen.
Vooral in de Gelderse merries trof Abgar partners met een goede draf. De Groningse merries hadden meestal een beste stap, maar een mindere draf. De Abgar-kinderen met veel draf komen dan ook meestal uit Gelderse merries, zoals Hurricane (mv Ulex), Pele (mv Ulex) en Pion (mv Epigoon).
Bij merries van Groninger origine, waaraan Holsteins bloed was toegevoegs, lukt het ook, zoals bij Volckmar (Garant x Olaf van Wittenstein). De Holsteiner heeft van oudsher ook een ruime, ronde draf. Uit Joost-dochters kwamen dan ook dikwijls paarden met veel bewegingen. Bij Hurricane´s grootvader Ulex zit het oude karossier-bloed nog dichtbij. Van moederskant voert hij: Diamant - Ot van Wittenstein en Voorman - Domburg. Hurricane heeft ongetwijfeld zijn goede bewegingen mede te danken aan dit bloed. Hurricane werd na vier jaar in 1972 uit de fokkerij genomen. Het was in de tijd dat de hengsten uit klassieke moeders, de zogenaamde F1-produkten, het moeilijk hadden zich staande te houden. In 1991 is Hurricane opnieuw goedgekeurd, drie jaar laten overleed hij.
Bewegingen
Hurricane bracht kinderen met beste bewegingen, zoals de bekende merries Liselot en Merriment. Een bekend dressuurpaard van Hurricane is Galantus (ex Orlof) die door mw. A. Schep- van Wijngaarden en later door Anouk Hondelaar Prix st. Georges gestart is. Daarnaast gaf Hurricane ook enkele springpaarden. Zijn bekendste springpaard is Arizona (mv. Eros) die met de Amerikaanse ruiter Mark Leone goede prestaties heeft geleverd. Ze eindigden onder meer als 16e in de finale van de World Cup 1984. Onder de naam Tomasso is Arizona eerder met Rob Eras internationaal uitgekomen.
Pele (mv. Ulex Sgldt x Bento Sgrt) werd in 1977 goedgekeurd. In de verrichtingsproef bleek hij de beste van de klas te zijn. Met scores als 10 voor vrij springen, 8.5 voor springen onder de man, 9.5 voor de terreinproef en een 9 voor zijn karakter deed hij zijn vader eer aan.
Pele was zelf in de sport een verdienstelijk springpaard, hij heeft 1.50 m-wedstrijden gelopen. Zijn bekendste nakomeling in het springen is Zagal, die met Pieter Kersten in tabel A/B parcoursen meer dan F. 20.000,- verdiende. In combinatie met de bekende merrie Oberlina (Farn x Balthazar) bracht Pele het internationale springpaard Eros en de goedgekeurde hengst Focus.
Pion
Pion (mv. Epigoon - Passaat Sgldt) werd als vierjarige bij herkeuring in 1978 goedgekeurd. Hij was als veel Abgars een laatrijp paard. Als driejarige was de hengst nogal beknopt van type. Ook zou de hengst toen meer ontwikkeld moeten zijn, vooral de croupe zou royaler kunnen. Pion is later uitgegroeid tot een goede hengst. De ras en de kwaliteit die hij als driejarige uitstraalde heeft hij behouden. In het verrichtingsonderzoek was hij was gespannen en kijkerig. Daardoor kwamen zijn goede bewegingen en springvermogen niet goed uit de verf. De rijproef leverde slechts een 5.9 als score op. Het springen ging beter, maar met een 7.5 voor het springen onder de man en een 8.5 voor het vrij springen leverde hij geen wereldschokkende prestaties. Vermogen had Pion genoeg, voorzichtig was hij ook, maar hij sprong niet mooi door de rug.
Later heeft Pion zich in de sport gerehabiliteerd van de niet geweldige resultaten in het verrichtingsonderzoek. In de dressuur bracht hij het tot de Z-klasse. In de springsport is hij door Rob Ehrens met succes in de internationale lichte tour uitgebracht.
Pion moest zich in de eerste jaren tevreden stellen met merries van matige kwaliteit. Maar de veulens die uit het eerste dekseizoen getoond werden waren verrassend goed. Veulens met veel beweging, ras en kwaliteit werden aan de hengstenkeuringscommissie getoond, waarbij de invloed van zijn grootvader Epigoon (van Amor) zich deed gelden. Pion kwam daardoor meer en meer in de belangstelling bij de fokkers en later verhuisde hij naar eekstations waar betere merries kwamen. Uit zijn eerste periode, toen hij in Groningen stond gestationeerd, leverde hij twee goedgekeurde zonen; Argus en Aktion.
In de sport
Beide zonen zijn internationaal in de sport uitgebracht. Argus (mv. Jasper) onder Hap Hansen en Eric Willemsz Geeroms in de internationale springsport, Aktion onder de Hongaar Gyulla Dallos op het hoogste niveau in de dressuur.
Aktion heeft ook een interessante pedigree, zijn moeder is van Akteur - Amor x Victor Sgldt. Een afstamming waarin beweging herkenbaar is. In het verrichtingsonderzoek en later ook in de sport bleek Aktion met beste bewegingen gezegend te zijn. Daarmee zou hij het in de dressuur ver kunnen brengen. Na twee dekseizoenen kwam hij in het bezit van de bekende dressuurruiter Daniel Ramseier uit Zwitserland, die hem als dressuurpaard doorverkocht naar Hongarije.
Pions derde goedgekeurde zoon is Democraat (mv Silvano x Pericles xx). Hij volgde het weinig gebruikte wachthengstensysteem; dit houdt in dat niet de 100 dagen-test gevolgd behoeft te worden, maar na maximaal 40 proefbaringen de hengst zich in de sport moet waarmaken en na het testen van de driejarigen de hengst eveneens weer voor de fokkerij mag worden gebruikt. Na het eerste dekseizoen vertrok Democraat naar Duitsland, waar hij aan het verrichtingsonderzoek deelnam. In Warendorf bleek hij beter te zijn dat zijn Duitse collega´s. De Westfaalse landstalmeester was onder de indruk van zijn prestatie-aanleg en wist hem voor enkele jaren voor de fokkerij in Westfalen vast te leggen. Zijn eerste in Nederland getoonde veulens bleken ook over de goede bewegingen van hun vader te beschikken, hetgeen niet verwonderlijk is met de dubbele inbreng van Amor (via Epigoon en Silvano).
Transvaal
Twee jaar na Pion wordt Transvaal (m. Pericles xx x Camillo NWP) goedgekeurd. Transvaal wordt, net als halfbroer Pele, één der beste hengsten van het verrichtingsonderzoek. Voor de beide springonderdelen wordt 8.5 gescoord en de terreinproef wordt met een 9 gewaardeerd. Stap en galop zijn eveneens goed, maar de draf is minder. Niet zo verwonderlijk, want Transvaal is uit een dochter van de volbloed Pericles xx, met daarachter de beroemde Carla-stam. Transvaal leek een veelbelovend springpaard te worden. In de hengstencompetitie en ook in andere wedstrijden toonde hij over vermogen en techniek te beschikken. De verwachte aansluitinga met de nationale springtop bleef echter uit; de hengst blijft in zijn sportieve ontwikkeling steken. Mede op grond van dit gegeven en de niet overweldigende resultaten van zijn kinderen op de keuring, besloot de fokleiding Transvaals carrière als fokhengst in 1985 te beëindigen.
Kort daarna blijft dat Transvaal enkele jaren met een gescheurd kootbeen heeft gesprongen. Op karakter bleef de hengst doorgaan; met zo´n blessure is het verbazend dat hij überhaupt bleef springen. De blessure bleek zo ernstig dat de hengst, voordat er via herkeuring van rehabilitatie sprake kon zijn, moest worden afgemaakt. Uit de ruim 200 geregistreerde veulens van Transvaal, ontwikkelt zich één absolute topper: de merrie Dorina.
Treffer
Uit hetzelfde jaar als Transvaal komt Treffer (m. Rigoletto x Capindus NWP), die tijdens het verrichtingsonderzoek werd afgewezen, maar later op grond van goede sportprestaties weer werd goedgekeurd. Treffer is wellicht Abgar´s best presterende nakomeling. Hij heeft aan twee World Cup finales en aan de Olympische spelen in Seoul deelgenomen. In 1987 veroverde hij met Wout-Jan van der Schans de veertiende plaats in Parijs in de finale van de World Cup. Een jaar later werd in Göteborg de zesde plaats behaald. Treffer was in de jaren 1987, 1988 en 1989 een van ´s werelds beste springpaarden.
Waarom werd dit sportpaard uit het verrichtingsonderzoek weggestuurd? De verklaring is heel simpel. In de eerste weken van het onderzoek worden alleen de basisgangen getest en daarvan had Treffer niet te veel in huis. Vooral Treffers draf was beperkt. In Nederland werd toen nog het principe gehuldigd dat een fokhengst op zn minst over voldoende basisgangen moet beschikken.
In 1987 werd Treffer goedgekeurd, in 1995 is hij naar Italië geëxporteerd.
Door zijn intensieve sportcarrière zijn er in Nederland ongeveer 50 veulens van Treffer geregistreerd. Hij heeft daardoor onvoldoende kansen gekregen om breed op zijn verervingsvermogen getest te worden.
Wout-Jan van der Schans kon kennelijk goed met Abgars overweg, iets wat niet alle ruiters hem na kunnen zeggen. Naast Treffer had hij in Valeur een heel goed jachtspringpaard. Valeur kan meer dan snel rond gaan; in 1988 en 1989 werd in successie de Philips Derby van Eindhoven gewonnen. Als militaryruiter was Van der Schans succesvol met een andere Abgar-zoon, Take it Easy. Een andere heel goed militarypaard was Baby Face. Hij was bijvoorbeeld kampioen van Nederland in 1984 met Martin Lips.
Volckmar
Volckmar werd in 1982 aangewezen voor het verrichtingsonderzoek. Hij bleek zoals bijna alle Abgars over een goede galop te beschikken. Springen kon hij, zoals het een Abgar betaamt, eveneens. In de sport heeft hij zijn veelzijdigheid bewezen. Aanvankelijk werd hij met succes in de springsport uitgebracht, later werd hij door de Amerikaanse amazone Pamelo Nelson op Grand Prix niveau in de dressuur uitgebracht. Na twee dekseizoenen ging hij de grote plas over en is thans op de D.G. Bar Ranch van de familie De Groot in California de trots van de stoeterij. Van Volckmar worden Partly Cloudly en Bonbon in het internationale sprincircuit uitgebracht. Abgar heeft vele goede sportpaarden nagelaten, die op nationaal niveau, maar vooral op internationaal niveau de verervingskracht van hun vader hebben bewezen. Eén van zijn bekendste kinderen is Ommen, die met de Amerikaanse amazone Lynn Little grote successen heeft geboekt. In 1986 werd in Göteborg de tiende plaats behaald in de finale van de World Cup. Een andere Abgar, die naast Ommen de Amerikaanse vlag heeft verdedigd, was Robuust met Anthony d'Ambrosio.
Lynn Little
De stormachtige hengst Ommen was door de Noord-Amerikaanse afdeling van het KWPN, het NA/WPN, goedgekeurd. Hij is gefokt door Stal Roelofs in Den Ham, uit een dochter van Joost. Bij Lynn Little heeft Ommen veel volbloedmerries gedekt. Eén produkt van deze kruisingen nam in april in Helsinki deel aan de bijrubrieken van de Wereldbekerfinale. Het gaat om Hidden Creek´s Glory van Margie Goldstein-Engle, net zo´n vuurvreter als zijn vader. Een ander produkt van Ommen uit de fokkerij van Lynn Little is de merrie Déja Vu, de moeder van Hidden Creek´s Laurel (v. Victorie - Lucky Boy xx), één van de beste springpaarden van dit moment. Eén van de eerste Abgars die de aandacht op zich vestigde was Jabgar. Hij had de hardheid en taaiheid die vele Abgar-kinderen kenmerken. Ze zijn laatrijp, maar ze gaan lang mee. Jabgar liep als 19-jarige nog internationaal. Hij heeft vele omzwervingen meegemaakt. In 1976 won hij al met Horst Karsten het kampioenschap van Schleswig-Holstein. Daarna ging hij van Duitsland naar Frankrijk, waar Janou Tissot-Le Fevre een gevreesde combinatie met hem vormde. Van Frankrijk ging de kosmopoliet naar België, waar hij met Eric Wauters in het zadel opnieuw bewees een heel goed springpaard te zijn. Eveneens uit de eerste periode zijn de paarden Ituriddu en Humphrey. Ituriddu kreeg nationale bekendheid met Gerrit Veeneman en Tjeerd Velstra. Humphrey heeft met de bekende Duitse ruiter Hans Gunther Winkler vooral in speedwedstrijden geschitterd.
Sapristi
Radja, een volle broer van het speedpaard Tutein, was in Nederland met Gerrit Veeneman een gevreesde concurrent. Tot de nationale springtop behoorden ook Willy van der Ham en Sapristi. In Engeland is naast Tutein ook Fable met Peter Charles bekend. Uit de nationale wedstrijden waren vooral bekend Baccarat met Peter Diks, Ricardo C.Z. met Tanja van Malsen en Henk van de Broek, Cartouche met J. Tolhuysen en Abgar L met Astrid van Leeuwen. Eveneens op de voorgrond traden Ambrosius met Henk van de Pol en Udith die door de Zweedse amazone Ulrika Hedin werd bereden.
De Abgar-dochters blijken goede partners te zijn om sportpaarden te fokken. Ongetwijfeld is Octavia van Stal Stassen uit Venlo de mooiste dochter die Abgar heeft voortgebracht. Deze merrie werd in 1976 derde op de nationale keuring UTV. In 1981 werd ze kampioene bij de fokmerries onder het zadel.
VIP
De bekendste kleinzoon in de sport in zonder twijfel VIP. Het veroveren van het Amerikaanse kampioenschap in 1986 is slechts één van de vele wapenfeiten van deze veelbesproken hengst. VIP is van Joost en bijna vanzelfsprekend gefokt door Stal Roelofs.
Van dezelfde, onvolprezen combinatie is de KWPN-dekhengst en het internationale springpaard Tio Pepe´s Hay Guy van Carry Huis in ´t Veld. Esperite, Barquillo en Macho KB zijn eveneens van Joost en de Abgar-dochter Volsiena Prest.
Koh-I-Noor (v. Off Key xx) is eveneens uit een Abgar-dochter. Voor zij naar Amerika vertrok, was ze met Rob Ehrens één van de beste springpaarden van Nederland. In haar nieuwe thuisland werd ze herdoopt in Ardennes. In 1983 en 1984 bereikte ze hoge klasseringen in meerdere Grand Prix´s en W.C.-wedstrijden met verschillende ruiters. Ze heeft achtereenvolgens Peter Leone, Jeffrey Wells en Norman Dello Joio gediend.
Kleinzonen van Abgar zijn: Armstrong (G. Ramiro Z x Abgar xx), Attent (Joost x Abgar xx), Excellent (Sultan x Abgar xx), Faram (Aram x Abgar xx), Germus R (Joost x Abgar xx) en Henzo (Boreas x Abgar xx).
Omstreden
Op 1 november 1984 werd Abgar, 26 jaar oud, levenloos in zijn box gevonden. In hem verloor de Nederlandse fokkerij een hengst die haar in de internationale schijnwerpers heeft geplaatst. Abgar is weleens omstreden geweest: hij bracht geen paarden met het bijna spreekwoordelijke ongecompliceerde, goede karakter waar de Nederlandse paarden om bekend staan. De atleet Abgar voegde andere elementen toe, die even onontbeerlijk zijn voor de fokkerij van het moderne sportpaard.
Door: Gert van der Veen
Uit: In de Strengen nr 9 uit 1998, serie Stempelhengsten.
Abonneren op:
Posts (Atom)
