Bonte Tinkers met gekleurde sokken
Rustige paarden, zeer geschikt om kinderen op te laten rijden. Bont met mooie gekleurde sokken en lange manen en een enorme staart. Dat zijn de kenmerken van de Tinkerpaarden.
Het Tinkerpaard is een ras dat vooral door Ierse zigeuners werd en nog steeds wordt gebruikt, omdat het ten opzichte van andere paardenrassen een relatief goedkoop alternatief was. De zigeuners werden Tinkers genoemd zodat het voor de hand lag deze bijzondere paarden ook zo te noemen.
Rustig
Het behang van het paard is de beharing en die is inderdaad apart. Fraai bont getekend en met lange manen, mooi gekleurde sokken en een enorme staart. Ze zijn ook heel rustig. Ze bokken of steigeren nauwelijks, soms vind ik ze wel eens te rustig. Je moet ook veel meer je best doen dan bij andere paarden om ze iets te laten doen. Daarom zijn ze ook minder geschikt voor de topsport, maar juist veel beter voor de recreatie.
Hoe werkt de Rassenlijst?
Hoe werkt de Rassenlijst?
Ik heb een Rassenlijst gemaakt. Dit omdat vele paarden, pony, ezel en zebra rassen per land en zelfs per streek anders worden genoemd. Het is dus zo dat één ras vele verschillende 'namen' kan hebben. Dit schept soms verwarring. Daarom heb ik getracht een lijst te maken op alfabet.
Weet jij nog een verbetering of aanvulling voor de rassenlijst, dan hoor ik het natuurlijk graag van je!
Posts tonen met het label Roma Paard. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Roma Paard. Alle posts tonen
zondag 22 maart 2009
TINKER
TINKER
Tinkers hebben hun naam te danken aan de Ierse zigeuners die hun kost verdienden als tinsmid. Ieder jaar wordt er een paardenmarkt gehouden nabij de rivier de Eden waar traditionele zigeuners naar toe reizen om hun Tinkerpaarden te verkopen. Bovendien laten jonge zigeuners hun paardrijkunsten zien door met de Tinkerpaarden het water in te rijden van de rivier de Eden om de snelle stroming te aan te gaan.
De vacht van een Tinker is bont gekleurd en wisselt gedurende het seizoen. Tijdens de winter heeft de Tinker een dikke beharing die bescherming biedt tegen regen en kou. De zomervacht is kort met een zijden glans. De manen en staart zijn het hele jaar lang, recht of krullend. Aan de onderbenen heeft de Tinker een dicht zijdeachtig behang waardoor ze gevoelig zijn voor mok.
Wanneer je Tinker zijn wintervacht heeft zou je hem eigenlijk niet moeten borstelen want dan borstel je de vacht open en verdwijnt zijn vet.
De Tinker heeft een stokmaat die varieert tussen de 1.35 cm en 1.70 cm. Het hoofd heeft een goede verhouding met rechtopstaande oren die naar voren wijzen. De dij- en voorbenen van een Tinker zijn sterk en gespierd en zijn hoeven erg hard.
De gangen van een Tinker zijn actief en functioneel.
Tinkers hebben hun naam te danken aan de Ierse zigeuners die hun kost verdienden als tinsmid. Ieder jaar wordt er een paardenmarkt gehouden nabij de rivier de Eden waar traditionele zigeuners naar toe reizen om hun Tinkerpaarden te verkopen. Bovendien laten jonge zigeuners hun paardrijkunsten zien door met de Tinkerpaarden het water in te rijden van de rivier de Eden om de snelle stroming te aan te gaan.
De vacht van een Tinker is bont gekleurd en wisselt gedurende het seizoen. Tijdens de winter heeft de Tinker een dikke beharing die bescherming biedt tegen regen en kou. De zomervacht is kort met een zijden glans. De manen en staart zijn het hele jaar lang, recht of krullend. Aan de onderbenen heeft de Tinker een dicht zijdeachtig behang waardoor ze gevoelig zijn voor mok.
Wanneer je Tinker zijn wintervacht heeft zou je hem eigenlijk niet moeten borstelen want dan borstel je de vacht open en verdwijnt zijn vet.
De Tinker heeft een stokmaat die varieert tussen de 1.35 cm en 1.70 cm. Het hoofd heeft een goede verhouding met rechtopstaande oren die naar voren wijzen. De dij- en voorbenen van een Tinker zijn sterk en gespierd en zijn hoeven erg hard.
De gangen van een Tinker zijn actief en functioneel.
Tinker - Informatie
Tinker - Informatie
Informatie: De Tinker heeft een goed uithoudingsvermogen in stap en draf. Hun temperament is rustig maar toch levendig. Springen gaat hun gemakkelijk af. Ook dressuur en westernrijden is mogelijk. De Tinker is een prima recreatiepaard voor het aangespannen rijden en onder het zadel. Tinkers hebben een wat ongewisse afkomst en dragen dezelfde naam als de Ierse zigeuners (Irish Travellers) die hun kost verdienen als tinsmid. Irish Travellers, soms ook wel bekend staand als Intinerants (rondtrekkers), zijn een kleine minderheidsgroep in Ierland. TInker verwijst naar hun beroep als tinsmid en metaalbewerker en is afgeleid van het Ierse woord 'ceard' (smid) of 'tinceard' (tinsmid). Eén van de meest interessante gebeurtenissen van de markt is het dagelijks baden van de Tinkerpaarden. Traditioneel laten, jonge mannelijke zigeuners hun paardrijkunsten zien door met de dieren het water in te rijden van de rivier de Eden om de snelle stroming te bevechten. Zoals de mannen hun kunnen demonstreren met de paarden, zo demonstreren de zigeunervrouwen hun talenten als bedreven waarzeggers. Voor een kleine vergoeding kan een klant alles over zijn of haar toekomst te weten komen. De Tinker is tegenwoordig bijna helemaal vervangen door de auto, maar ze zijn nog steeds een trots bezit van vele zigeunerfamilies. Nu nog steeds bepalen zij grotendeels de fokkerij van Tinkerpaarden.
Lichaamsbouw: De zeer bonte Tinkers zijn middelgrote krachtige allroundpaarden. De schofthoogte is tussen de 1,35 en 1,70 m. Het fundament is zeer stabiel met duidelijk ontwikkelde gewrichten en de staart is laag ingeplant. De hoeven zijn erg hard. Hun vacht heeft een wat langere structuur dan we bij warmbloedpaarden gewend zijn. Ze hebben veel beharing aan de benen. De kleur is bij de meeste zwartbont maar, ook bruin komt voor. Enkele hebben zelfs drie kleuren. Bijna de helft heeft ogen met een afwijkende kleur. Maanogen komen vaak voor bij Tinkers. Men onderscheidt twee verschillende typen: het zware wagen/koets type (Cob) en het iets lichtere rijtype (Vanner).
Geschiedenis: Over de afstamming van de Tinker bestaat veel verwarring. De herkomst van deze paarden is niet met zekerheid bekend. Maar, ze hebben vele jaren de zigeuners geholpen om rond te trekken op de Britse eilanden en hun karakter is zeker beïnvloed door dit werk. Een "kushti grai", de zigeuneruitdrukking voor een goed paard, moet hard kunnen werken gedurende vele uren per dag, geduldig zijn en het meest van al betrouwbaar. In de afstamming zitten waarschijnlijk de Dales, Fell, Shire en de Clydesdale, maar waarschijnlijk nog meer rassen. Dit komt doordat de zigeuners her en der paarden opkochten die niet voldeden aan de eisen van de verschillende rassen. Bijvoorbeeld omdat ze bont waren. Ook kwam het voor dat de zigeuners tijdens de rit of 's nachts, met of zonder toestemming van de eigenaar, een hengst van stal of uit de wei haalden en lieten dekken. Het ras maakte niet zoveel uit, als het maar gratis was. Dus je kan je voorstellen dat in de afstamming alle rassen voorkomen die toentertijd in Engeland/Ierland voorkwamen. Er zijn verschillende theorieën over de afkomst van de Irish Travellers. Hun afgezonderde taal, Shelta, en de sporen van verscheidene historische verwijzingen naar hun, lijkt aan te duiden dat ze afstammen van een oude klasse van zwervende dichters en degene die verstoten waren van hun land gedurende verschillende sociale en economische omwentelingen zoals Cromwell's "campain of slaughter", de "Battle of the Boyne" (1690) en de "Battle of Aughrim" (1691). Veel van de Travellers zijn ook nazaten van de mensen die dakloos zijn geworden als gevolg van de aardappelschaarste in de negentiende eeuw. In 1685 gaf, Koning James II, Appleby (Engeland) het recht om een ieder jaar een paardenmarkt te houden op een locatie nabij de rivier de Eden. Tegenwoordig wordt deze markt gehouden in het begin van juni. Het is een plaats waar traditionele zigeuners naar toe reizen met hun vardo's om oude bekenden te ontmoeten, het arrangeren van huwelijken en het meest belangrijke, hun Tinkerpaarden te verkopen.
En verder...: Normaal heeft een Tinker zo'n dikke wintervacht dat hij zonder problemen in weer en wind kan staan. Eigenlijk zou je ze dan niet moeten borstelen want, dan borstel je de vacht open en verdwijnt het vet. Doordat ze veel beharing aan de benen hebben, zijn ze gevoelig voor mok. De verzorging is heel persoonlijk. Sommige knippen de haren niet uit de oren en trekken geen manen. Wat voeding betreft, zijn ze niet veeleisend. Sommige voeren alleen kuilgras en hooi en geven geen krachtvoer. Dit hangt natuurlijk ook van de persoonlijke situatie af. De naamgeving verschilt van land tot land. In Engeland en Ierland wordt vaak gesproken van Irish (coloured) Cob, Gypsy Cob of Gypsy Horse. Terwijl de rest van Europa de naam Tinker of Irish Tinker gehanteerd wordt. In de USA wordt ook wel de naam Gypsy Vanner Horse gebruikt.
Informatie: De Tinker heeft een goed uithoudingsvermogen in stap en draf. Hun temperament is rustig maar toch levendig. Springen gaat hun gemakkelijk af. Ook dressuur en westernrijden is mogelijk. De Tinker is een prima recreatiepaard voor het aangespannen rijden en onder het zadel. Tinkers hebben een wat ongewisse afkomst en dragen dezelfde naam als de Ierse zigeuners (Irish Travellers) die hun kost verdienen als tinsmid. Irish Travellers, soms ook wel bekend staand als Intinerants (rondtrekkers), zijn een kleine minderheidsgroep in Ierland. TInker verwijst naar hun beroep als tinsmid en metaalbewerker en is afgeleid van het Ierse woord 'ceard' (smid) of 'tinceard' (tinsmid). Eén van de meest interessante gebeurtenissen van de markt is het dagelijks baden van de Tinkerpaarden. Traditioneel laten, jonge mannelijke zigeuners hun paardrijkunsten zien door met de dieren het water in te rijden van de rivier de Eden om de snelle stroming te bevechten. Zoals de mannen hun kunnen demonstreren met de paarden, zo demonstreren de zigeunervrouwen hun talenten als bedreven waarzeggers. Voor een kleine vergoeding kan een klant alles over zijn of haar toekomst te weten komen. De Tinker is tegenwoordig bijna helemaal vervangen door de auto, maar ze zijn nog steeds een trots bezit van vele zigeunerfamilies. Nu nog steeds bepalen zij grotendeels de fokkerij van Tinkerpaarden.
Lichaamsbouw: De zeer bonte Tinkers zijn middelgrote krachtige allroundpaarden. De schofthoogte is tussen de 1,35 en 1,70 m. Het fundament is zeer stabiel met duidelijk ontwikkelde gewrichten en de staart is laag ingeplant. De hoeven zijn erg hard. Hun vacht heeft een wat langere structuur dan we bij warmbloedpaarden gewend zijn. Ze hebben veel beharing aan de benen. De kleur is bij de meeste zwartbont maar, ook bruin komt voor. Enkele hebben zelfs drie kleuren. Bijna de helft heeft ogen met een afwijkende kleur. Maanogen komen vaak voor bij Tinkers. Men onderscheidt twee verschillende typen: het zware wagen/koets type (Cob) en het iets lichtere rijtype (Vanner).
Geschiedenis: Over de afstamming van de Tinker bestaat veel verwarring. De herkomst van deze paarden is niet met zekerheid bekend. Maar, ze hebben vele jaren de zigeuners geholpen om rond te trekken op de Britse eilanden en hun karakter is zeker beïnvloed door dit werk. Een "kushti grai", de zigeuneruitdrukking voor een goed paard, moet hard kunnen werken gedurende vele uren per dag, geduldig zijn en het meest van al betrouwbaar. In de afstamming zitten waarschijnlijk de Dales, Fell, Shire en de Clydesdale, maar waarschijnlijk nog meer rassen. Dit komt doordat de zigeuners her en der paarden opkochten die niet voldeden aan de eisen van de verschillende rassen. Bijvoorbeeld omdat ze bont waren. Ook kwam het voor dat de zigeuners tijdens de rit of 's nachts, met of zonder toestemming van de eigenaar, een hengst van stal of uit de wei haalden en lieten dekken. Het ras maakte niet zoveel uit, als het maar gratis was. Dus je kan je voorstellen dat in de afstamming alle rassen voorkomen die toentertijd in Engeland/Ierland voorkwamen. Er zijn verschillende theorieën over de afkomst van de Irish Travellers. Hun afgezonderde taal, Shelta, en de sporen van verscheidene historische verwijzingen naar hun, lijkt aan te duiden dat ze afstammen van een oude klasse van zwervende dichters en degene die verstoten waren van hun land gedurende verschillende sociale en economische omwentelingen zoals Cromwell's "campain of slaughter", de "Battle of the Boyne" (1690) en de "Battle of Aughrim" (1691). Veel van de Travellers zijn ook nazaten van de mensen die dakloos zijn geworden als gevolg van de aardappelschaarste in de negentiende eeuw. In 1685 gaf, Koning James II, Appleby (Engeland) het recht om een ieder jaar een paardenmarkt te houden op een locatie nabij de rivier de Eden. Tegenwoordig wordt deze markt gehouden in het begin van juni. Het is een plaats waar traditionele zigeuners naar toe reizen met hun vardo's om oude bekenden te ontmoeten, het arrangeren van huwelijken en het meest belangrijke, hun Tinkerpaarden te verkopen.
En verder...: Normaal heeft een Tinker zo'n dikke wintervacht dat hij zonder problemen in weer en wind kan staan. Eigenlijk zou je ze dan niet moeten borstelen want, dan borstel je de vacht open en verdwijnt het vet. Doordat ze veel beharing aan de benen hebben, zijn ze gevoelig voor mok. De verzorging is heel persoonlijk. Sommige knippen de haren niet uit de oren en trekken geen manen. Wat voeding betreft, zijn ze niet veeleisend. Sommige voeren alleen kuilgras en hooi en geven geen krachtvoer. Dit hangt natuurlijk ook van de persoonlijke situatie af. De naamgeving verschilt van land tot land. In Engeland en Ierland wordt vaak gesproken van Irish (coloured) Cob, Gypsy Cob of Gypsy Horse. Terwijl de rest van Europa de naam Tinker of Irish Tinker gehanteerd wordt. In de USA wordt ook wel de naam Gypsy Vanner Horse gebruikt.
Tinker - TYPE A: ROMANI VANNER
Tinker - TYPE A: ROMANI VANNER
RASBESCHRIJVING TYPE A: ROMANI VANNER
Typebeschrijving
Algemeen voorkomen Robuust, stevig en over het algemeen compact gebouwd paard met een rustige en zelfverzekerde uitstraling.
Stokmaat 1.56m t/m 1.70m
Kleur Bont gekleurd. Echter ook andere, bij pony's/paarden, bekende kleuren zijn toegestaan.
Hoofd Recht met een breed voorhoofd en niet overdreven groot. Het staat in verhouding tot rest van het paard. Ramshoofd is toegestaan.
Ogen Vrijmoedige, intelligente ogen. Maanogen en halvemaanogen toegestaan.
Oren Goed geplaatst. Staan rechtop, niet té dicht op elkaar, wijzen naar voren en zijn klein tot normaal van grootte.
Kaken en keelgang Kaken zijn geprononceerd aanwezig, passend bij de totale bouw van het paard. Keelgang is niet overdreven ruim.
Hals Overwegend een korte zware hals. De hals mag niet te arm bespierd zijn en dient voldoende hoog uit de borst te komen. Een onderhals wordt niet graag gezien. Volwassen hengsten hebben een neiging tot een zware manenkam.
Schoft Een voldoende tot goede schoftontwikkeling en vooral geleidelijk in de rug overlopend. Platte schoften komen voor.
Schouder Overwegend goed van lengte en qua ligging vaak steil.
Voorbenen Het beenwerk moet hard en droog zijn. Het beenwerk is wat zwaar, maar passend bij het type. De voorbenen goed geplaatst. Van de voorkant gezien loodrecht met onder een hoefbreedte tussenruimte. Van opzij gezien loodrecht tot en met de kogel, de koot onder een hoek van 45 graden ten opzichte van de bodem. De pijp van het voorbeen niet te lang, de koot voldoende lang en verend. De gewrichten goed ontwikkeld, vooral droog en goed gefundeerd.
Rug en lendenen De rug is normaal van lengte en passend bij het type. Sterk en goed aangesloten. Neiging naar een korte rug is toegestaan.
Borst Gespierde brede borst.
Ribben Goed gewelfd. Ruggengraat mag niet zichtbaar zijn.
Kruis Voldoende van lengte en qua ligging iets afhellend. Voldoende breed en flink bespierd.
Achterbenen Het beenwerk moet hard en droog zijn en tevens correct geplaatst. Het beenwerk is wat zwaar, maar passend bij het geheel. Van achteren gezien rechte achterbenen. Van opzij gezien goed gesteld en sterk. De schenkel dient voldoende lang en bespierd te zijn. De gewrichten goed ontwikkeld, vooral droog en bovendien goed gefundeerd. De spronggewrichten moeten groot, plat en droog zijn. De hoek bij de spronggewrichten dient ongeveer 150 graden te zijn. De koot maakt een hoek van ongeveer 55 graden ten opzichte van de bodem.
Hoeven De voeten moeten gelijk gevormd zijn, de hoeven groot en hard.
Behang benen Normaal met een neiging tot veel.
Manen Normaal met een neiging tot veel.
Beweging Een krachtige, functionele beweging, waarbij elk gewricht voldoende goed gebruikt wordt. Duwende bewegingen komen voor.
RASBESCHRIJVING TYPE A: ROMANI VANNER
Typebeschrijving
Algemeen voorkomen Robuust, stevig en over het algemeen compact gebouwd paard met een rustige en zelfverzekerde uitstraling.
Stokmaat 1.56m t/m 1.70m
Kleur Bont gekleurd. Echter ook andere, bij pony's/paarden, bekende kleuren zijn toegestaan.
Hoofd Recht met een breed voorhoofd en niet overdreven groot. Het staat in verhouding tot rest van het paard. Ramshoofd is toegestaan.
Ogen Vrijmoedige, intelligente ogen. Maanogen en halvemaanogen toegestaan.
Oren Goed geplaatst. Staan rechtop, niet té dicht op elkaar, wijzen naar voren en zijn klein tot normaal van grootte.
Kaken en keelgang Kaken zijn geprononceerd aanwezig, passend bij de totale bouw van het paard. Keelgang is niet overdreven ruim.
Hals Overwegend een korte zware hals. De hals mag niet te arm bespierd zijn en dient voldoende hoog uit de borst te komen. Een onderhals wordt niet graag gezien. Volwassen hengsten hebben een neiging tot een zware manenkam.
Schoft Een voldoende tot goede schoftontwikkeling en vooral geleidelijk in de rug overlopend. Platte schoften komen voor.
Schouder Overwegend goed van lengte en qua ligging vaak steil.
Voorbenen Het beenwerk moet hard en droog zijn. Het beenwerk is wat zwaar, maar passend bij het type. De voorbenen goed geplaatst. Van de voorkant gezien loodrecht met onder een hoefbreedte tussenruimte. Van opzij gezien loodrecht tot en met de kogel, de koot onder een hoek van 45 graden ten opzichte van de bodem. De pijp van het voorbeen niet te lang, de koot voldoende lang en verend. De gewrichten goed ontwikkeld, vooral droog en goed gefundeerd.
Rug en lendenen De rug is normaal van lengte en passend bij het type. Sterk en goed aangesloten. Neiging naar een korte rug is toegestaan.
Borst Gespierde brede borst.
Ribben Goed gewelfd. Ruggengraat mag niet zichtbaar zijn.
Kruis Voldoende van lengte en qua ligging iets afhellend. Voldoende breed en flink bespierd.
Achterbenen Het beenwerk moet hard en droog zijn en tevens correct geplaatst. Het beenwerk is wat zwaar, maar passend bij het geheel. Van achteren gezien rechte achterbenen. Van opzij gezien goed gesteld en sterk. De schenkel dient voldoende lang en bespierd te zijn. De gewrichten goed ontwikkeld, vooral droog en bovendien goed gefundeerd. De spronggewrichten moeten groot, plat en droog zijn. De hoek bij de spronggewrichten dient ongeveer 150 graden te zijn. De koot maakt een hoek van ongeveer 55 graden ten opzichte van de bodem.
Hoeven De voeten moeten gelijk gevormd zijn, de hoeven groot en hard.
Behang benen Normaal met een neiging tot veel.
Manen Normaal met een neiging tot veel.
Beweging Een krachtige, functionele beweging, waarbij elk gewricht voldoende goed gebruikt wordt. Duwende bewegingen komen voor.
Tinker - TYPE B: ROMANI GRAI
Tinker - TYPE B: ROMANI GRAI
TYPE B: ROMANI GRAI
Typebeschrijving
Algemeen voorkomen In tegenstelling tot de Romany Cob een meer verfijnd gebouwd paard, met een rustige en zelfverzekerde uitstraling.
Stokmaat 1.35m tot 1.56m. Afwijkende maten tot 1.70 kunnen voorkomen.
Kleur Bont gekleurd. Echter ook andere, bij pony's/paarden, bekende kleuren zijn toegestaan.
Hoofd Klein en sierlijk. Ramshoofd komen sporadisch voor.
Ogen Vrijmoedige, intelligente ogen. Maanogen en halvemaanogen toegestaan.
Oren Goed geplaatst. Staan rechtop, niet té dicht op elkaar, wijzen naar voren en zijn klein tot normaal van grootte.
Kaken en keelgang Kaken zijn normaal aanwezig, passend bij het hoofd. Keelgang is niet overdreven ruim.
Hals Normaal tot goed qua lengte. Halsopzet die meer naar het verticale neigt. De hals mag niet te arm bespierd zijn en moet voldoende hoog uit de borst komen. Een onderhals wordt niet graag gezien.
Schoft Een voldoende tot goede schoftontwikkeling en vooral geleidelijk in de rug overlopend.
Schouder Goed van lengte. Een beduidend schuinere schouder dan de Cob en de Vanner.
Voorbenen Het beenwerk moet hard en droog zijn en tevens correct geplaatst. Het beenwerk is fijn en past zodoende bij het totale verfijnde uiterlijk van dit type. De voorbenen goed geplaatst. Van de voorkant gezien loodrecht met onder een hoefbreedte tussenruimte. Van opzij gezien loodrecht tot en met de kogel, de koot onder een hoek van 45 graden ten opzichte van de bodem. De pijp van het voorbeen niet te lang, de koot voldoende lang en verend. De gewrichten goed ontwikkeld, vooral droog en goed gefundeerd.
Rug en lendenen Lengte van de rug passend bij het type. Sterk en goed aangesloten. Neiging naar een wat langere rug is toegestaan.
Borst Niet te breed en niet te smal.
Ribben Goed gewelfd. Ruggengraat mag niet zichtbaar zijn.
Kruis Voldoende van lengte en qua ligging iets afhellend. Voldoende breed en bespierd, echter niet te rond.
Achterbenen Het beenwerk moet hard en droog zijn en tevens correct geplaatst. Het beenwerk is fijn en past zodoende bij het totale verfijnde uiterlijk van dit type. Van achteren gezien rechte achterbenen. Van opzij gezien goed gesteld en sterk. De schenkel dient voldoende lang en bespierd te zijn. De gewrichten goed ontwikkeld, vooral droog en bovendien goed gefundeerd. De spronggewrichten moeten groot, plat en droog zijn. De hoek bij de spronggewrichten dient ongeveer 150 graden te zijn. De koot maakt een hoek van ongeveer 55 graden ten opzichte van de bodem.
Hoeven De voeten moeten gelijk gevormd zijn, de hoeven hard en niet té groot.
Behang benen Wat minder ruim aanwezig tot normaal.
Manen Wat minder ruim aanwezig tot normaal.
Beweging Een krachtige, strekkende beweging, waarbij elk gewricht voldoende goed gebruikt wordt.
TYPE B: ROMANI GRAI
Typebeschrijving
Algemeen voorkomen In tegenstelling tot de Romany Cob een meer verfijnd gebouwd paard, met een rustige en zelfverzekerde uitstraling.
Stokmaat 1.35m tot 1.56m. Afwijkende maten tot 1.70 kunnen voorkomen.
Kleur Bont gekleurd. Echter ook andere, bij pony's/paarden, bekende kleuren zijn toegestaan.
Hoofd Klein en sierlijk. Ramshoofd komen sporadisch voor.
Ogen Vrijmoedige, intelligente ogen. Maanogen en halvemaanogen toegestaan.
Oren Goed geplaatst. Staan rechtop, niet té dicht op elkaar, wijzen naar voren en zijn klein tot normaal van grootte.
Kaken en keelgang Kaken zijn normaal aanwezig, passend bij het hoofd. Keelgang is niet overdreven ruim.
Hals Normaal tot goed qua lengte. Halsopzet die meer naar het verticale neigt. De hals mag niet te arm bespierd zijn en moet voldoende hoog uit de borst komen. Een onderhals wordt niet graag gezien.
Schoft Een voldoende tot goede schoftontwikkeling en vooral geleidelijk in de rug overlopend.
Schouder Goed van lengte. Een beduidend schuinere schouder dan de Cob en de Vanner.
Voorbenen Het beenwerk moet hard en droog zijn en tevens correct geplaatst. Het beenwerk is fijn en past zodoende bij het totale verfijnde uiterlijk van dit type. De voorbenen goed geplaatst. Van de voorkant gezien loodrecht met onder een hoefbreedte tussenruimte. Van opzij gezien loodrecht tot en met de kogel, de koot onder een hoek van 45 graden ten opzichte van de bodem. De pijp van het voorbeen niet te lang, de koot voldoende lang en verend. De gewrichten goed ontwikkeld, vooral droog en goed gefundeerd.
Rug en lendenen Lengte van de rug passend bij het type. Sterk en goed aangesloten. Neiging naar een wat langere rug is toegestaan.
Borst Niet te breed en niet te smal.
Ribben Goed gewelfd. Ruggengraat mag niet zichtbaar zijn.
Kruis Voldoende van lengte en qua ligging iets afhellend. Voldoende breed en bespierd, echter niet te rond.
Achterbenen Het beenwerk moet hard en droog zijn en tevens correct geplaatst. Het beenwerk is fijn en past zodoende bij het totale verfijnde uiterlijk van dit type. Van achteren gezien rechte achterbenen. Van opzij gezien goed gesteld en sterk. De schenkel dient voldoende lang en bespierd te zijn. De gewrichten goed ontwikkeld, vooral droog en bovendien goed gefundeerd. De spronggewrichten moeten groot, plat en droog zijn. De hoek bij de spronggewrichten dient ongeveer 150 graden te zijn. De koot maakt een hoek van ongeveer 55 graden ten opzichte van de bodem.
Hoeven De voeten moeten gelijk gevormd zijn, de hoeven hard en niet té groot.
Behang benen Wat minder ruim aanwezig tot normaal.
Manen Wat minder ruim aanwezig tot normaal.
Beweging Een krachtige, strekkende beweging, waarbij elk gewricht voldoende goed gebruikt wordt.
Tinker - Type C - Romany Cob
Tinker - Type C - Romany Cob
Typebeschrijving
Algemeen voorkomen Robuust, stevig en over het algemeen compact gebouwd paard met een rustige en zelfverzekerde uitstraling.
Stokmaat 1.35m tot 1.56m
Kleur Bont gekleurd. Echter ook andere, bij pony's/paarden, bekende kleuren zijn toegestaan.
Hoofd Klein en recht. Breed voorhoofd. Hoofd staat in verhouding tot rest van het paard. Ramshoofd toegestaan.
Ogen Vrijmoedige, intelligente ogen. Maanogen en halvemaanogen toegestaan.
Oren Goed geplaatst. Staan rechtop, niet té dicht op elkaar, wijzen naar voren en zijn klein tot normaal van grootte.
Kaken en keelgang Kaken zijn geprononceerd aanwezig, passend bij de totale bouw van het paard. Keelgang is niet overdreven ruim.
Hals Stevig aangezette hals, normaal tot kort van lengte. Mag iets diep uit de borst komen. Onderhals wordt niet graag gezien. Volwassen hengsten hebben een neiging tot een zware manenkam.
Schoft Een voldoende tot goede schoftontwikkeling en vooral geleidelijk in de rug overlopend. Platte schoften worden gesignaleerd.
Schouder Overwegend goed van lengte en qua ligging vaak steil.
Voorbenen Het beenwerk moet hard en droog zijn. Het beenwerk is normaal tot soms iets zwaar, maar passend bij het type. De voorbenen goed geplaatst. Van de voorkant gezien loodrecht met onder een hoefbreedte tussenruimte. Van opzij gezien loodrecht tot en met de kogel, de koot onder een hoek van 45 graden ten opzichte van de bodem. De pijp van het voorbeen niet te lang, de koot voldoende lang en verend. De gewrichten goed ontwikkeld, vooral droog en goed gefundeerd.
Rug en lendenen Lengte van de rug passend bij het geheel. Sterk en goed aangesloten. Neiging naar een korte rug is toegestaan.
Borst Niet te breed en niet te smal.
Ribben Goed gewelfd. Ruggengraat mag niet zichtbaar zijn.
Kruis Voldoende van lengte en qua ligging iets afhellend. Voldoende breed en bespierd.
Achterbenen Het beenwerk moet hard en droog zijn en tevens correct geplaatst. Het beenwerk is normaal tot soms iets zwaar, maar passend bij het geheel. Van achteren gezien rechte achterbenen. Van opzij gezien goed gesteld en sterk. De schenkel dient voldoende lang en bespierd te zijn. De gewrichten goed ontwikkeld, vooral droog en bovendien goed gefundeerd. De spronggewrichten moeten groot, plat en droog zijn. De hoek bij de spronggewrichten dient ongeveer 150 graden te zijn. De koot maakt een hoek van ongeveer 55 graden ten opzichte van de bodem.
Hoeven De voeten moeten gelijk gevormd zijn, de hoeven hard.
Behang benen Normaal tot veel, passend bij het type.
Manen Normaal tot veel, passend bij het type.
Beweging Een krachtige, functionele beweging, waarbij elk gewricht voldoende goed gebruikt wordt.
Typebeschrijving
Algemeen voorkomen Robuust, stevig en over het algemeen compact gebouwd paard met een rustige en zelfverzekerde uitstraling.
Stokmaat 1.35m tot 1.56m
Kleur Bont gekleurd. Echter ook andere, bij pony's/paarden, bekende kleuren zijn toegestaan.
Hoofd Klein en recht. Breed voorhoofd. Hoofd staat in verhouding tot rest van het paard. Ramshoofd toegestaan.
Ogen Vrijmoedige, intelligente ogen. Maanogen en halvemaanogen toegestaan.
Oren Goed geplaatst. Staan rechtop, niet té dicht op elkaar, wijzen naar voren en zijn klein tot normaal van grootte.
Kaken en keelgang Kaken zijn geprononceerd aanwezig, passend bij de totale bouw van het paard. Keelgang is niet overdreven ruim.
Hals Stevig aangezette hals, normaal tot kort van lengte. Mag iets diep uit de borst komen. Onderhals wordt niet graag gezien. Volwassen hengsten hebben een neiging tot een zware manenkam.
Schoft Een voldoende tot goede schoftontwikkeling en vooral geleidelijk in de rug overlopend. Platte schoften worden gesignaleerd.
Schouder Overwegend goed van lengte en qua ligging vaak steil.
Voorbenen Het beenwerk moet hard en droog zijn. Het beenwerk is normaal tot soms iets zwaar, maar passend bij het type. De voorbenen goed geplaatst. Van de voorkant gezien loodrecht met onder een hoefbreedte tussenruimte. Van opzij gezien loodrecht tot en met de kogel, de koot onder een hoek van 45 graden ten opzichte van de bodem. De pijp van het voorbeen niet te lang, de koot voldoende lang en verend. De gewrichten goed ontwikkeld, vooral droog en goed gefundeerd.
Rug en lendenen Lengte van de rug passend bij het geheel. Sterk en goed aangesloten. Neiging naar een korte rug is toegestaan.
Borst Niet te breed en niet te smal.
Ribben Goed gewelfd. Ruggengraat mag niet zichtbaar zijn.
Kruis Voldoende van lengte en qua ligging iets afhellend. Voldoende breed en bespierd.
Achterbenen Het beenwerk moet hard en droog zijn en tevens correct geplaatst. Het beenwerk is normaal tot soms iets zwaar, maar passend bij het geheel. Van achteren gezien rechte achterbenen. Van opzij gezien goed gesteld en sterk. De schenkel dient voldoende lang en bespierd te zijn. De gewrichten goed ontwikkeld, vooral droog en bovendien goed gefundeerd. De spronggewrichten moeten groot, plat en droog zijn. De hoek bij de spronggewrichten dient ongeveer 150 graden te zijn. De koot maakt een hoek van ongeveer 55 graden ten opzichte van de bodem.
Hoeven De voeten moeten gelijk gevormd zijn, de hoeven hard.
Behang benen Normaal tot veel, passend bij het type.
Manen Normaal tot veel, passend bij het type.
Beweging Een krachtige, functionele beweging, waarbij elk gewricht voldoende goed gebruikt wordt.
Tinker - TYPE D: ROMANY SCUDDER
Tinker - TYPE D: ROMANY SCUDDER
RASBESCHRIJVING TYPE D: ROMANY SCUDDER
Van dit type is nog geen rasbeschrijving te geven omdat we er in Nederland te weinig van hebben gezien om dit vast te kunnen stellen. Duidelijk is dat het een type is waarin "draversbloed" te vinden is en wat ook in zijn beweging en exterieur sterk naar voren komt. In Engeland/Ierland wordt dit type Tinker vaak gebruikt voor de straatraces.
RASBESCHRIJVING TYPE D: ROMANY SCUDDER
Van dit type is nog geen rasbeschrijving te geven omdat we er in Nederland te weinig van hebben gezien om dit vast te kunnen stellen. Duidelijk is dat het een type is waarin "draversbloed" te vinden is en wat ook in zijn beweging en exterieur sterk naar voren komt. In Engeland/Ierland wordt dit type Tinker vaak gebruikt voor de straatraces.
Tinker - Oorsprong van het ras
Tinker - Oorsprong van het ras
Oorsprong van het ras.
Deze paarden zijn ontstaan in Engeland.
De Roma zelf zijn geen goede bron voor een wetenschappelijke studie. Dus te proberen, met enige mate van nauwkeurigheid, uit te zoeken wanneer zij deze paarden hebben gecreëerd, zal bij voorbaat gedoemd zijn te mislukken. Er bestaan geen documenten, foto's of boeken. De enige aanwijzingen bieden de verhalen die generaties lang van Roma op Roma werden verteld.
En ik zeg bewust; van Roma op Roma, want dit volk is zowel geheimzinnig als wantrouwend naar niet Roma. Daarnaast bezitten zij een ondeugend gevoel voor humor, en zijn oh zo bereid een poets te bakken naar mensen die maar wat bereid waren al die verhalen over de leefwijze van de Roma te geloven Door de zweem van mystiek en romantiek die rond hun bestaan hing, in stand te houden, slaagde het Roma volk er in, door de eeuwen heen, geld in het laatje te krijgen. Ik ben de tel kwijtgeraakt van alle mensen die van een Roma een paard hadden gekocht en met plezier vertelden dat dit paard twee jaar geleden op Appleby Fair verkocht was voor £ 20.000. - !! Wat een koopje! Zij betaalden "slechts" £ 5000.-
Voor velen is het moeilijk te begrijpen, hoe de Roma die geen registratie of stamboeken bijhouden en niet aan wedstrijden deel nemen, toch tot wel zo'n 50.000 Pond neertellen voor een goed paard. Het geeft prestige één van de beste paarden van het moment te bezitten; dàt is klaarblijkelijk genoeg reden voor een Rom dergelijke enorme bedragen te betalen.
Genoeg hierover, laten we terugkeren naar de oorsprong van dit paardenras.
Roma hebben altijd rond gezworven.
Vanuit hun oorsprong in India, zwierven zij uit over geheel Europa, voordat zij uiteindelijk in de 15e eeuw in Engeland belandden. Vele jarenlang reisden ze te voet, met misschien een ezel of kleine pony als lastdier.
Hun huis bestond uit een tent. Aan het eind van de 18e eeuw begonnen ze paard en wagen te gebruiken om hun wereldse bezittingen mee te vervoeren. Natuurlijk stelden een paard en wagen hen in staat grotere afstanden af te leggen, en tevens beter in hun levensonderhoud te voorzien.
Het is rond deze tijd dat zich hun eigen type paard begon te ontwikkelen. Als een bont paard het resultaat was van een kruising, dan werd dat hogelijk gewaardeerd en daar verder mee gefokt. In het begin van de 19e eeuw kregen de grote zigeunerwagens het uiterlijk van huizen op wielen. Velen kregen daardoor de behoefte aan een veel groter paard. Op dat moment werd het zware koudbloedpaard in de mix geïntroduceerd, deze paarden waren ruim voorradig op de boerderijen waar veel Roma in de zomermaanden werk vonden. Tegen het midden van de 19e eeuw waren de meeste Roma families overgegaan op de lichtere, met canvas huif bedekte, "Vardos", als hun thuis. Dus, het Roma-paard; kleurrijk, krachtig, nuttig en mooi, in de vorm zoals we die nu nog herkennen, komt in Engeland al meer dan 150 jaar voor.
Echter, wanneer en hoe, begonnen deze paarden in Ierland te verschijnen?
Ierse reizigers, of Tinkers zoals ze werden genoemd, hadden een vergelijkbare levensstijl als het Roma volk. Het was echter armoede die deze mensen de straat op joeg. Ze staken over naar het relatief gezien, rijkere Engeland om hun graantje van die welvaart mee te pikken. Een ongemakkelijk samenleven tussen de twee bevolkingsgroepen was het resultaat, vaak gekenmerkt door vetes. Uiteindelijk werd het vrede, en begonnen ze met elkaar te handelen, waarbij ze een vergelijkbare smaak, enz. ontwikkelden. Al snel namen zij dezelfde paarden en voertuigen over en vonden veel van de paarden van de Roma hun weg terug naar Ierland, waar ze in grote getale floreerden. Er zijn nu veel, heel veel van deze paarden in Ierland aanwezig, maar daarbij zit veel rommel, dit door onverschillig fokken. Er zijn echter wel goede paarden in Ierland, maar je moet goed weten waar ze te vinden!
Deze paarden zijn ontstaan in Engeland.
De Roma zelf zijn geen goede bron voor een wetenschappelijke studie. Dus te proberen, met enige mate van nauwkeurigheid, uit te zoeken wanneer zij deze paarden hebben gecreëerd, zal bij voorbaat gedoemd zijn te mislukken. Er bestaan geen documenten, foto's of boeken. De enige aanwijzingen bieden de verhalen die generaties lang van Roma op Roma werden verteld.
En ik zeg bewust; van Roma op Roma, want dit volk is zowel geheimzinnig als wantrouwend naar niet Roma. Daarnaast bezitten zij een ondeugend gevoel voor humor, en zijn oh zo bereid een poets te bakken naar mensen die maar wat bereid waren al die verhalen over de leefwijze van de Roma te geloven Door de zweem van mystiek en romantiek die rond hun bestaan hing, in stand te houden, slaagde het Roma volk er in, door de eeuwen heen, geld in het laatje te krijgen. Ik ben de tel kwijtgeraakt van alle mensen die van een Roma een paard hadden gekocht en met plezier vertelden dat dit paard twee jaar geleden op Appleby Fair verkocht was voor £ 20.000. - !! Wat een koopje! Zij betaalden "slechts" £ 5000.-
Voor velen is het moeilijk te begrijpen, hoe de Roma die geen registratie of stamboeken bijhouden en niet aan wedstrijden deel nemen, toch tot wel zo'n 50.000 Pond neertellen voor een goed paard. Het geeft prestige één van de beste paarden van het moment te bezitten; dàt is klaarblijkelijk genoeg reden voor een Rom dergelijke enorme bedragen te betalen.
Genoeg hierover, laten we terugkeren naar de oorsprong van dit paardenras.
Roma hebben altijd rond gezworven.
Vanuit hun oorsprong in India, zwierven zij uit over geheel Europa, voordat zij uiteindelijk in de 15e eeuw in Engeland belandden. Vele jarenlang reisden ze te voet, met misschien een ezel of kleine pony als lastdier.
Hun huis bestond uit een tent. Aan het eind van de 18e eeuw begonnen ze paard en wagen te gebruiken om hun wereldse bezittingen mee te vervoeren. Natuurlijk stelden een paard en wagen hen in staat grotere afstanden af te leggen, en tevens beter in hun levensonderhoud te voorzien. Het is rond deze tijd dat zich hun eigen type paard begon te ontwikkelen. Als een bont paard het resultaat was van een kruising, dan werd dat hogelijk gewaardeerd en daar verder mee gefokt. In het begin van de 19e eeuw kregen de grote zigeunerwagens het uiterlijk van huizen op wielen. Velen kregen daardoor de behoefte aan een veel groter paard. Op dat moment werd het zware koudbloedpaard in de mix geïntroduceerd, deze paarden waren ruim voorradig op de boerderijen waar veel Roma in de zomermaanden werk vonden. Tegen het midden van de 19e eeuw waren de meeste Roma families overgegaan op de lichtere, met canvas huif bedekte, "Vardos", als hun thuis. Dus, het Roma-paard; kleurrijk, krachtig, nuttig en mooi, in de vorm zoals we die nu nog herkennen, komt in Engeland al meer dan 150 jaar voor.
Echter, wanneer en hoe, begonnen deze paarden in Ierland te verschijnen?
Ierse reizigers, of Tinkers zoals ze werden genoemd, hadden een vergelijkbare levensstijl als het Roma volk. Het was echter armoede die deze mensen de straat op joeg. Ze staken over naar het relatief gezien, rijkere Engeland om hun graantje van die welvaart mee te pikken. Een ongemakkelijk samenleven tussen de twee bevolkingsgroepen was het resultaat, vaak gekenmerkt door vetes. Uiteindelijk werd het vrede, en begonnen ze met elkaar te handelen, waarbij ze een vergelijkbare smaak, enz. ontwikkelden. Al snel namen zij dezelfde paarden en voertuigen over en vonden veel van de paarden van de Roma hun weg terug naar Ierland, waar ze in grote getale floreerden. Er zijn nu veel, heel veel van deze paarden in Ierland aanwezig, maar daarbij zit veel rommel, dit door onverschillig fokken. Er zijn echter wel goede paarden in Ierland, maar je moet goed weten waar ze te vinden!
Oorsprong van het ras.
Deze paarden zijn ontstaan in Engeland.
De Roma zelf zijn geen goede bron voor een wetenschappelijke studie. Dus te proberen, met enige mate van nauwkeurigheid, uit te zoeken wanneer zij deze paarden hebben gecreëerd, zal bij voorbaat gedoemd zijn te mislukken. Er bestaan geen documenten, foto's of boeken. De enige aanwijzingen bieden de verhalen die generaties lang van Roma op Roma werden verteld.
En ik zeg bewust; van Roma op Roma, want dit volk is zowel geheimzinnig als wantrouwend naar niet Roma. Daarnaast bezitten zij een ondeugend gevoel voor humor, en zijn oh zo bereid een poets te bakken naar mensen die maar wat bereid waren al die verhalen over de leefwijze van de Roma te geloven Door de zweem van mystiek en romantiek die rond hun bestaan hing, in stand te houden, slaagde het Roma volk er in, door de eeuwen heen, geld in het laatje te krijgen. Ik ben de tel kwijtgeraakt van alle mensen die van een Roma een paard hadden gekocht en met plezier vertelden dat dit paard twee jaar geleden op Appleby Fair verkocht was voor £ 20.000. - !! Wat een koopje! Zij betaalden "slechts" £ 5000.-
Voor velen is het moeilijk te begrijpen, hoe de Roma die geen registratie of stamboeken bijhouden en niet aan wedstrijden deel nemen, toch tot wel zo'n 50.000 Pond neertellen voor een goed paard. Het geeft prestige één van de beste paarden van het moment te bezitten; dàt is klaarblijkelijk genoeg reden voor een Rom dergelijke enorme bedragen te betalen.
Genoeg hierover, laten we terugkeren naar de oorsprong van dit paardenras.
Roma hebben altijd rond gezworven.
Vanuit hun oorsprong in India, zwierven zij uit over geheel Europa, voordat zij uiteindelijk in de 15e eeuw in Engeland belandden. Vele jarenlang reisden ze te voet, met misschien een ezel of kleine pony als lastdier.
Hun huis bestond uit een tent. Aan het eind van de 18e eeuw begonnen ze paard en wagen te gebruiken om hun wereldse bezittingen mee te vervoeren. Natuurlijk stelden een paard en wagen hen in staat grotere afstanden af te leggen, en tevens beter in hun levensonderhoud te voorzien.
Het is rond deze tijd dat zich hun eigen type paard begon te ontwikkelen. Als een bont paard het resultaat was van een kruising, dan werd dat hogelijk gewaardeerd en daar verder mee gefokt. In het begin van de 19e eeuw kregen de grote zigeunerwagens het uiterlijk van huizen op wielen. Velen kregen daardoor de behoefte aan een veel groter paard. Op dat moment werd het zware koudbloedpaard in de mix geïntroduceerd, deze paarden waren ruim voorradig op de boerderijen waar veel Roma in de zomermaanden werk vonden. Tegen het midden van de 19e eeuw waren de meeste Roma families overgegaan op de lichtere, met canvas huif bedekte, "Vardos", als hun thuis. Dus, het Roma-paard; kleurrijk, krachtig, nuttig en mooi, in de vorm zoals we die nu nog herkennen, komt in Engeland al meer dan 150 jaar voor.
Echter, wanneer en hoe, begonnen deze paarden in Ierland te verschijnen?
Ierse reizigers, of Tinkers zoals ze werden genoemd, hadden een vergelijkbare levensstijl als het Roma volk. Het was echter armoede die deze mensen de straat op joeg. Ze staken over naar het relatief gezien, rijkere Engeland om hun graantje van die welvaart mee te pikken. Een ongemakkelijk samenleven tussen de twee bevolkingsgroepen was het resultaat, vaak gekenmerkt door vetes. Uiteindelijk werd het vrede, en begonnen ze met elkaar te handelen, waarbij ze een vergelijkbare smaak, enz. ontwikkelden. Al snel namen zij dezelfde paarden en voertuigen over en vonden veel van de paarden van de Roma hun weg terug naar Ierland, waar ze in grote getale floreerden. Er zijn nu veel, heel veel van deze paarden in Ierland aanwezig, maar daarbij zit veel rommel, dit door onverschillig fokken. Er zijn echter wel goede paarden in Ierland, maar je moet goed weten waar ze te vinden!
Deze paarden zijn ontstaan in Engeland.
De Roma zelf zijn geen goede bron voor een wetenschappelijke studie. Dus te proberen, met enige mate van nauwkeurigheid, uit te zoeken wanneer zij deze paarden hebben gecreëerd, zal bij voorbaat gedoemd zijn te mislukken. Er bestaan geen documenten, foto's of boeken. De enige aanwijzingen bieden de verhalen die generaties lang van Roma op Roma werden verteld.
En ik zeg bewust; van Roma op Roma, want dit volk is zowel geheimzinnig als wantrouwend naar niet Roma. Daarnaast bezitten zij een ondeugend gevoel voor humor, en zijn oh zo bereid een poets te bakken naar mensen die maar wat bereid waren al die verhalen over de leefwijze van de Roma te geloven Door de zweem van mystiek en romantiek die rond hun bestaan hing, in stand te houden, slaagde het Roma volk er in, door de eeuwen heen, geld in het laatje te krijgen. Ik ben de tel kwijtgeraakt van alle mensen die van een Roma een paard hadden gekocht en met plezier vertelden dat dit paard twee jaar geleden op Appleby Fair verkocht was voor £ 20.000. - !! Wat een koopje! Zij betaalden "slechts" £ 5000.-
Voor velen is het moeilijk te begrijpen, hoe de Roma die geen registratie of stamboeken bijhouden en niet aan wedstrijden deel nemen, toch tot wel zo'n 50.000 Pond neertellen voor een goed paard. Het geeft prestige één van de beste paarden van het moment te bezitten; dàt is klaarblijkelijk genoeg reden voor een Rom dergelijke enorme bedragen te betalen.
Genoeg hierover, laten we terugkeren naar de oorsprong van dit paardenras.
Roma hebben altijd rond gezworven.
Vanuit hun oorsprong in India, zwierven zij uit over geheel Europa, voordat zij uiteindelijk in de 15e eeuw in Engeland belandden. Vele jarenlang reisden ze te voet, met misschien een ezel of kleine pony als lastdier.
Hun huis bestond uit een tent. Aan het eind van de 18e eeuw begonnen ze paard en wagen te gebruiken om hun wereldse bezittingen mee te vervoeren. Natuurlijk stelden een paard en wagen hen in staat grotere afstanden af te leggen, en tevens beter in hun levensonderhoud te voorzien. Het is rond deze tijd dat zich hun eigen type paard begon te ontwikkelen. Als een bont paard het resultaat was van een kruising, dan werd dat hogelijk gewaardeerd en daar verder mee gefokt. In het begin van de 19e eeuw kregen de grote zigeunerwagens het uiterlijk van huizen op wielen. Velen kregen daardoor de behoefte aan een veel groter paard. Op dat moment werd het zware koudbloedpaard in de mix geïntroduceerd, deze paarden waren ruim voorradig op de boerderijen waar veel Roma in de zomermaanden werk vonden. Tegen het midden van de 19e eeuw waren de meeste Roma families overgegaan op de lichtere, met canvas huif bedekte, "Vardos", als hun thuis. Dus, het Roma-paard; kleurrijk, krachtig, nuttig en mooi, in de vorm zoals we die nu nog herkennen, komt in Engeland al meer dan 150 jaar voor.
Echter, wanneer en hoe, begonnen deze paarden in Ierland te verschijnen?
Ierse reizigers, of Tinkers zoals ze werden genoemd, hadden een vergelijkbare levensstijl als het Roma volk. Het was echter armoede die deze mensen de straat op joeg. Ze staken over naar het relatief gezien, rijkere Engeland om hun graantje van die welvaart mee te pikken. Een ongemakkelijk samenleven tussen de twee bevolkingsgroepen was het resultaat, vaak gekenmerkt door vetes. Uiteindelijk werd het vrede, en begonnen ze met elkaar te handelen, waarbij ze een vergelijkbare smaak, enz. ontwikkelden. Al snel namen zij dezelfde paarden en voertuigen over en vonden veel van de paarden van de Roma hun weg terug naar Ierland, waar ze in grote getale floreerden. Er zijn nu veel, heel veel van deze paarden in Ierland aanwezig, maar daarbij zit veel rommel, dit door onverschillig fokken. Er zijn echter wel goede paarden in Ierland, maar je moet goed weten waar ze te vinden!
Tinker - Het paard binnen de zigeunersamenleving
Tinker - Het paard binnen de zigeunersamenleving
Het paard binnen de zigeunersamenleving.
Het is schier onmogelijk in het kort de hele geschiedenis tussen paarden en zigeuners, door de jaren heen, te beschrijven. Hoewel ik, zij het in het kort, genoodzaakt ben de rol die het paard binnen de Roma samenleving speelt, te benoemen. Zigeuner is eigenlijk een denigrerende benaming; Roma noemt het volk zichzelf, maar reiziger wordt ook wel gebruikt.
Tegenwoordig zijn er slechts weinigen, zeer weinigen, die kunnen zeggen dat zij voor het volle honderd procent Roma bloed in zich hebben. Eerlijkheidshalve moet gezegd worden dat een ieder, die enig Roma bloed in zich draagt, en nog steeds de tradities en gebruiken van het handelen met paarden voortzet, aangemerkt kan worden als Roma of Reiziger. Tinker was de naam die gegeven werd aan de Ierse rondreizenden die naar Engeland over kwamen en honderden jaren geleden het leven leidden van de zigeuner.
Deze Tinkers zijn op geen enkele wijze verwant met de Roma. Jarenlang waren ze zelfs elkaars doodsvijanden. Tinkers waren voor het merendeel door armoede gedwongen tot een nomadische levensstijl. Het land door reizen maakt je nog geen Roma. Er zijn mensen, die zich al twee generaties lang ergens permanent gevestigd hebben, die veel meer Roma zijn, dan zij die nu nog steeds de wegen bereizen. Het is er echter niet het tijdstip, noch het artikel naar, om hierop te diep in te gaan.
Het paard is voor de Roma altijd veel meer geweest dan alleen een transportmiddel, al voor de tijd van woonwagens en karren. Handelen zit in het bloed. Kopen, verkopen en ruilen van paarden en tuigen en karren etc., was het wat de ware Rom "tot leven bracht". Het paard is altijd hun "appeltje voor de dorst op hoeven" geweest. In goede tijden kon een iemand steeds wisselend wel 5 paarden bezitten, en steeds pogend het familie inkomen aan te zuiveren, of, in slechtere tijden, de goede paarden te verkopen of te ruilen, om zodoende weer geld binnen te brengen. De reputatie van de Roma als "horsemen" met hun vaardigheden als kruidendeskundigen/ dokters, paardentrainers etc, dateert al van eeuwen terug.
Zij hadden, en hebben, tevens de reputatie om, tenminste voor de duur van de verkoop, een ziek of kreupel paard, er perfect gezond uit te laten zien door middel van het gebruik van die kruiden.Elke handel kent zijn trucs, maar er is geen handel die meer trucs kent dan de paardenhandel.
Tradities van de Roma zijn nog steeds hetzelfde als vroeger; rijkdom wordt openlijk getoond, op traditionele wijze, of op niet traditionele wijze door middel van grote auto's. Die traditionele wijze van rijkdom ten toon spreiden gebeurt door het aantal en de kwaliteit van je paarden, wagens en tuig. Andere manieren zijn het dragen van goud, door zowel mannen als vrouwen, of door het pronken met top kwaliteit porselein in je woonwagen of huis. Een gezegde luidt dan ook dat een Rom/zigeuner zonder paard, geen ware Roma is.
Heel weinig Roma, en vooral de oudere generatie, zien het nut in van een stamboek. Zij hebben het immers, al generaties lang, behoorlijk goed zonder die dingen kunnen redden. Deze mensen zullen 5 of 6 heel goede cobs, vaak duizenden ponden waard, op de traditionele manier kopen of verkopen, alleen door middel van handjeklap. Er zijn geen koopaktes, geen dierenarts verklaringen en geen afstammingspapieren. Ook geen chequeboek en pen, alleen contant geld, en contant geld alleen.
Het paard binnen de zigeunersamenleving.
Het is schier onmogelijk in het kort de hele geschiedenis tussen paarden en zigeuners, door de jaren heen, te beschrijven. Hoewel ik, zij het in het kort, genoodzaakt ben de rol die het paard binnen de Roma samenleving speelt, te benoemen. Zigeuner is eigenlijk een denigrerende benaming; Roma noemt het volk zichzelf, maar reiziger wordt ook wel gebruikt.
Tegenwoordig zijn er slechts weinigen, zeer weinigen, die kunnen zeggen dat zij voor het volle honderd procent Roma bloed in zich hebben. Eerlijkheidshalve moet gezegd worden dat een ieder, die enig Roma bloed in zich draagt, en nog steeds de tradities en gebruiken van het handelen met paarden voortzet, aangemerkt kan worden als Roma of Reiziger. Tinker was de naam die gegeven werd aan de Ierse rondreizenden die naar Engeland over kwamen en honderden jaren geleden het leven leidden van de zigeuner.
Deze Tinkers zijn op geen enkele wijze verwant met de Roma. Jarenlang waren ze zelfs elkaars doodsvijanden. Tinkers waren voor het merendeel door armoede gedwongen tot een nomadische levensstijl. Het land door reizen maakt je nog geen Roma. Er zijn mensen, die zich al twee generaties lang ergens permanent gevestigd hebben, die veel meer Roma zijn, dan zij die nu nog steeds de wegen bereizen. Het is er echter niet het tijdstip, noch het artikel naar, om hierop te diep in te gaan.
Het paard is voor de Roma altijd veel meer geweest dan alleen een transportmiddel, al voor de tijd van woonwagens en karren. Handelen zit in het bloed. Kopen, verkopen en ruilen van paarden en tuigen en karren etc., was het wat de ware Rom "tot leven bracht". Het paard is altijd hun "appeltje voor de dorst op hoeven" geweest. In goede tijden kon een iemand steeds wisselend wel 5 paarden bezitten, en steeds pogend het familie inkomen aan te zuiveren, of, in slechtere tijden, de goede paarden te verkopen of te ruilen, om zodoende weer geld binnen te brengen. De reputatie van de Roma als "horsemen" met hun vaardigheden als kruidendeskundigen/ dokters, paardentrainers etc, dateert al van eeuwen terug.
Zij hadden, en hebben, tevens de reputatie om, tenminste voor de duur van de verkoop, een ziek of kreupel paard, er perfect gezond uit te laten zien door middel van het gebruik van die kruiden.Elke handel kent zijn trucs, maar er is geen handel die meer trucs kent dan de paardenhandel.
Tradities van de Roma zijn nog steeds hetzelfde als vroeger; rijkdom wordt openlijk getoond, op traditionele wijze, of op niet traditionele wijze door middel van grote auto's. Die traditionele wijze van rijkdom ten toon spreiden gebeurt door het aantal en de kwaliteit van je paarden, wagens en tuig. Andere manieren zijn het dragen van goud, door zowel mannen als vrouwen, of door het pronken met top kwaliteit porselein in je woonwagen of huis. Een gezegde luidt dan ook dat een Rom/zigeuner zonder paard, geen ware Roma is.
Heel weinig Roma, en vooral de oudere generatie, zien het nut in van een stamboek. Zij hebben het immers, al generaties lang, behoorlijk goed zonder die dingen kunnen redden. Deze mensen zullen 5 of 6 heel goede cobs, vaak duizenden ponden waard, op de traditionele manier kopen of verkopen, alleen door middel van handjeklap. Er zijn geen koopaktes, geen dierenarts verklaringen en geen afstammingspapieren. Ook geen chequeboek en pen, alleen contant geld, en contant geld alleen.
Tinker - Roma Paarden
Tinker - Roma Paarden
Roma-paarden.
Al meer dan 150 jaar lang, zijn de kleurrijke cobs van de Roma te zien op de landwegen van Engeland, de kleurrijke karren en "Vardos" trekkend. Dat is het romantische beeld wat er bestaat en het is zeker waar, maar ook in de dorpen en steden van Engeland kwamen ze in grote aantallen voor. De reden daarvoor was dat zij de ideale paarden waren voor verkopers die van deur tot deur hun waren verkochten: de ijzerboer, de lompenman, ijscoverkopers, de kolenboer enz.
Zij waren het ideale werkpaard voor een ieder die om wat voor reden dan ook niet de beschikking hadden over een auto of vrachtwagen. Deze paarden waren sterk, intelligent, mak en hard werkend. Hun mooie kleuren waren niet alleen een lust voor het oog, maar maakten ze ook direct herkenbaar, wat goed werkte tegen diefstal of het stiekem omruilen tegen een paard van mindere kwaliteit.
De Roma ontwikkelden deze paarden dus zo'n 150 jaar geleden. Gebrek aan geschreven bewijs maakt het echter onmogelijk een exacte datum hiervoor vast te stellen, net zoals met alles wat de Roma aangaat.Er wordt veel gespeculeerd over welke rassen in de creatie van dit ras een rol spelen. Ook hier is weer geen schriftelijk bewijs. De Roma zijn een inventief stelletje, en ten tijde dat ze alleen leefden op de weg, meestal niet erg rijk. Papieren en afstammingslijnen betekenden niets voor ze. Sterke paarden waren gewenst, en intelligente, dus er werd gefokt met alles wat aan die criteria voldeed en wat voor handen was, en waar hun oog op viel. Toen de Roma begonnen in woonwagens te wonen, en niet langer in tenten, ontstond de behoefte aan een groter paard, dus werden de grote koudbloed rassen zoals Shires en Clydesdales gebruikt. Dales en Fell ponies zullen zeker zijn gebruikt vanwege hun temperament en kracht en natuurlijk hun erg snelle draf.
Dus er werden vele rassen gebruikt, maar het fokken met cobs, in bezit van Roma, onderling, werd goedkoper, makkelijker en daardoor was men ook zekerder over het resultaat van de dekking. In principe gebeurde het fokken toen op de dezelfde manier als tegenwoordig. Ze probeerden met de beste aanwezige hengst te fokken. Een hengst, maar dat geldt voor ieder ander paard, verdiende zijn reputatie door vele factoren: uiterlijk, confirmatie kleur, snelheid, temperament en in het algemeen hoe goed hij onder de man en voor de wagen was. De Roma wisten precies wat zij in een paard zochten en poogden een paard te fokken dat onder hun eigen mensen waardevol was, en nuttig voor hen en hun gezin. Deze paarden zijn over het algemeen altijd ontkend en tot voor kort werd er zelfs op neer gekeken, door de "burgers".
De Roma hadden er geen moeite mee deze paarden voor zìch te houden, en hebben dat nog steeds niet.
Maar de tijden veranderen, overal ter wereld worden nu de Roma-paarden ontdekt en omhelsd.
De populariteit van deze prachtige bonte Roma-cobs, zo geliefd bij de Roma, en zolang ontkend door de burger aristocratie, zijn nu een van de meest gewilde en gezochte paardenrassen in Nederland, Duitsland, de USA, Zweden, Noorwegen. En steeds meer landen richten hun blik naar deze geweldige allrounders.
Maar weet men in deze landen van de geschiedenis van deze cobs, of wat een goede of slechte is?
Sommigen zullen beweren dat deze paarden veel te veel een mengelmoesje zijn om tot een geloofwaardige fokstandaard te komen. Dat kan toch niet anders wanneer je net zo makkelijk een pony van 1.33 aantreft, als een reus van 1.60! De mensen die deze paarden al vele, vele jaren houden, weten de goede van de slechte te onderscheiden en weten waar elk type toe in staat is.
Types? Ja, types, ondanks het feit dat bestaande stamboeken tot nu toe geen poging hebben ondernomen een verdeling te maken in verschillende secties. Het Nederlands Stamboek voor Tinkers is hierop een uitzondering, aangezien dit stamboek de paarden bij stamboek-opname (dus vanaf 3 jaar) in types zal indelen.
Er zijn vier typen Roma paarden. Het steeds maar door elkaar heen fokken van deze typen vertroebelt de lijnen steeds meer, daarom is het de hoogste tijd de verschillende types te verklaren en het hoe en waarom van deze types uit te leggen! In het volgende deel zal ik ingaan op elk type en waarom en met welk doel ze werden gefokt.
Roma-paarden.
Al meer dan 150 jaar lang, zijn de kleurrijke cobs van de Roma te zien op de landwegen van Engeland, de kleurrijke karren en "Vardos" trekkend. Dat is het romantische beeld wat er bestaat en het is zeker waar, maar ook in de dorpen en steden van Engeland kwamen ze in grote aantallen voor. De reden daarvoor was dat zij de ideale paarden waren voor verkopers die van deur tot deur hun waren verkochten: de ijzerboer, de lompenman, ijscoverkopers, de kolenboer enz.
Zij waren het ideale werkpaard voor een ieder die om wat voor reden dan ook niet de beschikking hadden over een auto of vrachtwagen. Deze paarden waren sterk, intelligent, mak en hard werkend. Hun mooie kleuren waren niet alleen een lust voor het oog, maar maakten ze ook direct herkenbaar, wat goed werkte tegen diefstal of het stiekem omruilen tegen een paard van mindere kwaliteit.
De Roma ontwikkelden deze paarden dus zo'n 150 jaar geleden. Gebrek aan geschreven bewijs maakt het echter onmogelijk een exacte datum hiervoor vast te stellen, net zoals met alles wat de Roma aangaat.Er wordt veel gespeculeerd over welke rassen in de creatie van dit ras een rol spelen. Ook hier is weer geen schriftelijk bewijs. De Roma zijn een inventief stelletje, en ten tijde dat ze alleen leefden op de weg, meestal niet erg rijk. Papieren en afstammingslijnen betekenden niets voor ze. Sterke paarden waren gewenst, en intelligente, dus er werd gefokt met alles wat aan die criteria voldeed en wat voor handen was, en waar hun oog op viel. Toen de Roma begonnen in woonwagens te wonen, en niet langer in tenten, ontstond de behoefte aan een groter paard, dus werden de grote koudbloed rassen zoals Shires en Clydesdales gebruikt. Dales en Fell ponies zullen zeker zijn gebruikt vanwege hun temperament en kracht en natuurlijk hun erg snelle draf.
Dus er werden vele rassen gebruikt, maar het fokken met cobs, in bezit van Roma, onderling, werd goedkoper, makkelijker en daardoor was men ook zekerder over het resultaat van de dekking. In principe gebeurde het fokken toen op de dezelfde manier als tegenwoordig. Ze probeerden met de beste aanwezige hengst te fokken. Een hengst, maar dat geldt voor ieder ander paard, verdiende zijn reputatie door vele factoren: uiterlijk, confirmatie kleur, snelheid, temperament en in het algemeen hoe goed hij onder de man en voor de wagen was. De Roma wisten precies wat zij in een paard zochten en poogden een paard te fokken dat onder hun eigen mensen waardevol was, en nuttig voor hen en hun gezin. Deze paarden zijn over het algemeen altijd ontkend en tot voor kort werd er zelfs op neer gekeken, door de "burgers".
De Roma hadden er geen moeite mee deze paarden voor zìch te houden, en hebben dat nog steeds niet.
Maar de tijden veranderen, overal ter wereld worden nu de Roma-paarden ontdekt en omhelsd.
De populariteit van deze prachtige bonte Roma-cobs, zo geliefd bij de Roma, en zolang ontkend door de burger aristocratie, zijn nu een van de meest gewilde en gezochte paardenrassen in Nederland, Duitsland, de USA, Zweden, Noorwegen. En steeds meer landen richten hun blik naar deze geweldige allrounders.
Maar weet men in deze landen van de geschiedenis van deze cobs, of wat een goede of slechte is?
Sommigen zullen beweren dat deze paarden veel te veel een mengelmoesje zijn om tot een geloofwaardige fokstandaard te komen. Dat kan toch niet anders wanneer je net zo makkelijk een pony van 1.33 aantreft, als een reus van 1.60! De mensen die deze paarden al vele, vele jaren houden, weten de goede van de slechte te onderscheiden en weten waar elk type toe in staat is.
Types? Ja, types, ondanks het feit dat bestaande stamboeken tot nu toe geen poging hebben ondernomen een verdeling te maken in verschillende secties. Het Nederlands Stamboek voor Tinkers is hierop een uitzondering, aangezien dit stamboek de paarden bij stamboek-opname (dus vanaf 3 jaar) in types zal indelen.
Er zijn vier typen Roma paarden. Het steeds maar door elkaar heen fokken van deze typen vertroebelt de lijnen steeds meer, daarom is het de hoogste tijd de verschillende types te verklaren en het hoe en waarom van deze types uit te leggen! In het volgende deel zal ik ingaan op elk type en waarom en met welk doel ze werden gefokt.
Ierse tinker
Ierse tinker
Herkomst
De Tinker kom oorspronkelijk uit Ierland.
Geschiedenis en informatie
Het is een paard dat gefokt is door de zigeuners.
De precieze afstamming is niet bekend.
De zigeuners kochten paarden op die niet aan de eisen voldeden (bijvoorbeeld omdat ze bont waren). Of lieten 's nachts hun paarden dekken zonder toestemming van de eigenaar. De tinker is dus waarschijnlijk een mix van vele Engelse en Ierse paarden.
Er zijn twee verschillende typen, het zware type (Cob) en het wat lichtere rijtype (Vanner). In tegenstelling tot veel andere rassen is de naamgeving verschillend in andere landen. In Engeland en Ierland, wordt de Tinker, Irish Cob, Gypsy Cob of Gypsy Horse genoemd.
Uiterlijk
De schofthoogte varieert van 1.35 tot 1.70 meter.
Een Tinker heeft duidelijk ontwikkelde gewrichten en een lage staartimplant. Hun vacht is vrij lang en de benen zijn zeer behaard. De kleur is vaak bont, maar ook alle andere kleuren komen voor. Het hoofd heeft goede verhoudingen. De oren staan rechtop en wijzen naar voren. Het voorhoofd moet breed zijn met vrijmoedige intelligente ogen, maanogen komen ook vaak voor.
Beweging
De bewegingen zijn actief en functioneel.
Karakter en bijzonderheden:
Tinkers kunnen hard werken, ze zijn erg sterk.
Verder zijn ze geduldig, betrouwbaar en kalm, maar toch levendig. Het uithoudingsvermogen in stap en draf is zeer goed.
Gebruik
Vaak kunnen ze redelijk springen, ook kunnen ze dressuur en western. Aangespannen rijden gaat hen prima af.
Herkomst
De Tinker kom oorspronkelijk uit Ierland.
Geschiedenis en informatie
Het is een paard dat gefokt is door de zigeuners.
De precieze afstamming is niet bekend.
De zigeuners kochten paarden op die niet aan de eisen voldeden (bijvoorbeeld omdat ze bont waren). Of lieten 's nachts hun paarden dekken zonder toestemming van de eigenaar. De tinker is dus waarschijnlijk een mix van vele Engelse en Ierse paarden.
Er zijn twee verschillende typen, het zware type (Cob) en het wat lichtere rijtype (Vanner). In tegenstelling tot veel andere rassen is de naamgeving verschillend in andere landen. In Engeland en Ierland, wordt de Tinker, Irish Cob, Gypsy Cob of Gypsy Horse genoemd.
Uiterlijk
De schofthoogte varieert van 1.35 tot 1.70 meter.
Een Tinker heeft duidelijk ontwikkelde gewrichten en een lage staartimplant. Hun vacht is vrij lang en de benen zijn zeer behaard. De kleur is vaak bont, maar ook alle andere kleuren komen voor. Het hoofd heeft goede verhoudingen. De oren staan rechtop en wijzen naar voren. Het voorhoofd moet breed zijn met vrijmoedige intelligente ogen, maanogen komen ook vaak voor.
Beweging
De bewegingen zijn actief en functioneel.
Karakter en bijzonderheden:
Tinkers kunnen hard werken, ze zijn erg sterk.
Verder zijn ze geduldig, betrouwbaar en kalm, maar toch levendig. Het uithoudingsvermogen in stap en draf is zeer goed.
Gebruik
Vaak kunnen ze redelijk springen, ook kunnen ze dressuur en western. Aangespannen rijden gaat hen prima af.
Tinkers
Tinker
Oorsprong: De Tinker is een betrekkelijke nieuwkomer in ons land. Dit vriendelijk
ogende zigeunerpaard is een mix van Engels/Ierse rassen, waaronder de Welsh en
de Shire. Het dier dat we nu Tinker noemen, trok eeuwenlang de woonwagens van de
Britse Romazigeuners, ook wel 'travellers' genoemd. Een stamboek of rasstandaard
werd door hen niet bijgehouden. Het belangrijkste was dat de paarden sterk
en braaf waren en niet te duur. Regelmatig werd er 's nachts een willekeurige hengst
uit een gepasseerd weiland 'geleend', om een zigeunermerrie te dekken.
Sinds maart 2000 kent Nederland een officieel erkend stamboek voor de Tinker.
Gebruik: De Tinker is een rustig, betrouwbaar en betaalbaar recreatiepaard dat
zowel onder de man als aangespannen wordt gebruikt. Ook de beginnende paarden-
liefhebber en hobbyboer kunnen er alle kanten mee uit. Door zijn rustige karakter
heeft de Tinker er geen moeite mee alleen in het weekeinde aan het werk te moeten,
mits hij beschikt over een goed stuk grasland, voldoende vers drinkwater en het
gezelschap van enkele soortgenoten.
Raskenmerken: De meeste Tinkers zijn bont, hebben volle lange manen en staart
en veel behang. Maanogen en ramshoofden horen bij het ras. Er zijn verschillende
types, waarvan de zwaardere 'Vanner' en de lichtere 'Romany Cob' het meest bekend
zijn. De stokmaat varieert tussen de 1.35 en de 1.70 m.
Verzorging: De Tinker stelt geen hoge eisen aan zijn verzorging. De vaak lange
manen moeten niet te vaak worden gekamd en geborsteld en de sokken moeten niet
te vaak worden gewassen. Dat vermindert namelijk de natuurlijke weerstand,
waardoor aandoeningen als mok en mijt kunnen optreden.
Oorsprong: De Tinker is een betrekkelijke nieuwkomer in ons land. Dit vriendelijk
ogende zigeunerpaard is een mix van Engels/Ierse rassen, waaronder de Welsh en
de Shire. Het dier dat we nu Tinker noemen, trok eeuwenlang de woonwagens van de
Britse Romazigeuners, ook wel 'travellers' genoemd. Een stamboek of rasstandaard
werd door hen niet bijgehouden. Het belangrijkste was dat de paarden sterk
en braaf waren en niet te duur. Regelmatig werd er 's nachts een willekeurige hengst
uit een gepasseerd weiland 'geleend', om een zigeunermerrie te dekken.
Sinds maart 2000 kent Nederland een officieel erkend stamboek voor de Tinker.
Gebruik: De Tinker is een rustig, betrouwbaar en betaalbaar recreatiepaard dat
zowel onder de man als aangespannen wordt gebruikt. Ook de beginnende paarden-
liefhebber en hobbyboer kunnen er alle kanten mee uit. Door zijn rustige karakter
heeft de Tinker er geen moeite mee alleen in het weekeinde aan het werk te moeten,
mits hij beschikt over een goed stuk grasland, voldoende vers drinkwater en het
gezelschap van enkele soortgenoten.
Raskenmerken: De meeste Tinkers zijn bont, hebben volle lange manen en staart
en veel behang. Maanogen en ramshoofden horen bij het ras. Er zijn verschillende
types, waarvan de zwaardere 'Vanner' en de lichtere 'Romany Cob' het meest bekend
zijn. De stokmaat varieert tussen de 1.35 en de 1.70 m.
Verzorging: De Tinker stelt geen hoge eisen aan zijn verzorging. De vaak lange
manen moeten niet te vaak worden gekamd en geborsteld en de sokken moeten niet
te vaak worden gewassen. Dat vermindert namelijk de natuurlijke weerstand,
waardoor aandoeningen als mok en mijt kunnen optreden.
Tinker - Type A - Vanners
Tinker - Type A - Vanners
Type A - Vanners:
"Vanners" zoals wij Roma ze noemen, werden, zoals hun naam al doet vermoeden, gefokt om de caravans, oftewel woonwagens en dan met name de Reading wagen, te trekken. Het type woonwagen waar ruim 150 jaar geleden de voorkeur van de rijkere Zigeuner naar uitging.
Dit type paard, in zijn basisvorm waarschijnlijk een driekwart trekpaard, bestond al en werd als paard gebruikt door show- en circusmensen om hun zware woonwagens en karren op hun tournees, door heel het land, te trekken.
De Zigeuners kruisten deze paarden met hun eigen kleinere paarden, welke tegenwoordig Cobs genoemd zouden worden die tot dan perfect hun karren hadden rondgetrokken, maar die té klein waren om een Vardo of de grotere Reading wagen te trekken.
Kracht en uithoudingsvermogen werden dagelijks van de "Vanner" verlangd, naast een rustig, kalm en verstandig temperament. Deze eigenschappen stelden de Vanner in staat de woonwagens heuvel op en af te trekken, zonder enige moeite.
Veel van de noodzaak voor dit rustige temperament wordt vaak toegeschreven als zou het alleen bedoeld zijn als voordeel voor de kinderen in het gezin.
Inderdaad hebben alle types van de Romapaarden erg kalme, gevoelige karakters.
Maar de waarheid voor wat betreft de Vanner is veel praktischer. De kalmte van trekpaarden bepaalt voor een groot deel hun wezen en laten we wel zijn de woonwagens waren kwaalvolle dingen die letterlijk al de wereldse bezittingen van de Roma zigeuner bevatte, inclusief het dierbare porseleinen servies.
Rustig aan dan breekt het lijntje (serviesje) niet, was het devies.
Een heetbloedig dier bracht niet alleen het hele gezin en de wereldse goederen in gevaar ( bedenk dat een Vardo geen achterdeur heeft), maar zou zichzelf al na de eerste 5 mijl opbranden, terwijl deze gezinnen per dag soms 30 mijl of meer aflegden.
Kracht en karakter zijn vandaag de dag nog steeds de sterke kanten van de Vanners: heel rustig, bijna zwoegend maar met enorme kracht en aanwezigheid.
De ware Vanner moet niet kleiner dan 1.50 m. zijn, bij voorkeur groter dan 1.55 m.
Ze moeten zwaar behang hebben, met een kortere nek en rug. Hun schouder is over het algemeen stijl, wat overigens ook geldt voor de Romany Grai en de Romany Cob.
Daarnaast moet de ware Vanner breed gebouwd zijn en idealiter zwart- of bruinbont, hoewel de meeste andere kleuren ook geaccepteerd worden, hoewel minder populair.
Zwaar beenwerk was ideaal om over de wegen van Engeland te stampen.
Het hoofd mag niet overdreven groot zijn zoals bij koudbloed paarden en het paard moet een "vriendelijk oog" hebben. Maanogen zien de Roma zigeuners liever niet.
Zoals alle Romany paardentypes, behouden Vanners hun conditie en gezondheid over lange jaren. Bovendien hebben ze de typische hardheid die een kruising kenmerkt. Daarnaast zijn ze gehard en taai, onder ongunstige weersomstandigheden.
Vanners werden dus gecreëerd om de grotere woonwagens van de Roma zigeuners te trekken.
Toen de lichtere "Bow Top Vardos" in de mode kwam, kon dat type vrij makkelijk door één van de andere types getrokken worden.
Dit leidde ertoe dat de Vanner niet meer zo overvloedig voorkomt als de andere Sectie B en C types. Hoewel ze nog steeds populair zijn door hun formaat en hun indrukwekkende voorkomen.
Over het algemeen houden Zigeuners de Vanner voor de handel en om er af en toe mee te gaan rijden en daarbij zeker indruk te maken.
Type A - Vanners:
"Vanners" zoals wij Roma ze noemen, werden, zoals hun naam al doet vermoeden, gefokt om de caravans, oftewel woonwagens en dan met name de Reading wagen, te trekken. Het type woonwagen waar ruim 150 jaar geleden de voorkeur van de rijkere Zigeuner naar uitging.
Dit type paard, in zijn basisvorm waarschijnlijk een driekwart trekpaard, bestond al en werd als paard gebruikt door show- en circusmensen om hun zware woonwagens en karren op hun tournees, door heel het land, te trekken.
De Zigeuners kruisten deze paarden met hun eigen kleinere paarden, welke tegenwoordig Cobs genoemd zouden worden die tot dan perfect hun karren hadden rondgetrokken, maar die té klein waren om een Vardo of de grotere Reading wagen te trekken.
Kracht en uithoudingsvermogen werden dagelijks van de "Vanner" verlangd, naast een rustig, kalm en verstandig temperament. Deze eigenschappen stelden de Vanner in staat de woonwagens heuvel op en af te trekken, zonder enige moeite.
Veel van de noodzaak voor dit rustige temperament wordt vaak toegeschreven als zou het alleen bedoeld zijn als voordeel voor de kinderen in het gezin.
Inderdaad hebben alle types van de Romapaarden erg kalme, gevoelige karakters.
Maar de waarheid voor wat betreft de Vanner is veel praktischer. De kalmte van trekpaarden bepaalt voor een groot deel hun wezen en laten we wel zijn de woonwagens waren kwaalvolle dingen die letterlijk al de wereldse bezittingen van de Roma zigeuner bevatte, inclusief het dierbare porseleinen servies.
Rustig aan dan breekt het lijntje (serviesje) niet, was het devies.
Een heetbloedig dier bracht niet alleen het hele gezin en de wereldse goederen in gevaar ( bedenk dat een Vardo geen achterdeur heeft), maar zou zichzelf al na de eerste 5 mijl opbranden, terwijl deze gezinnen per dag soms 30 mijl of meer aflegden.
Kracht en karakter zijn vandaag de dag nog steeds de sterke kanten van de Vanners: heel rustig, bijna zwoegend maar met enorme kracht en aanwezigheid.
De ware Vanner moet niet kleiner dan 1.50 m. zijn, bij voorkeur groter dan 1.55 m.
Ze moeten zwaar behang hebben, met een kortere nek en rug. Hun schouder is over het algemeen stijl, wat overigens ook geldt voor de Romany Grai en de Romany Cob.
Daarnaast moet de ware Vanner breed gebouwd zijn en idealiter zwart- of bruinbont, hoewel de meeste andere kleuren ook geaccepteerd worden, hoewel minder populair.
Zwaar beenwerk was ideaal om over de wegen van Engeland te stampen.
Het hoofd mag niet overdreven groot zijn zoals bij koudbloed paarden en het paard moet een "vriendelijk oog" hebben. Maanogen zien de Roma zigeuners liever niet.
Zoals alle Romany paardentypes, behouden Vanners hun conditie en gezondheid over lange jaren. Bovendien hebben ze de typische hardheid die een kruising kenmerkt. Daarnaast zijn ze gehard en taai, onder ongunstige weersomstandigheden.
Vanners werden dus gecreëerd om de grotere woonwagens van de Roma zigeuners te trekken.
Toen de lichtere "Bow Top Vardos" in de mode kwam, kon dat type vrij makkelijk door één van de andere types getrokken worden.
Dit leidde ertoe dat de Vanner niet meer zo overvloedig voorkomt als de andere Sectie B en C types. Hoewel ze nog steeds populair zijn door hun formaat en hun indrukwekkende voorkomen.
Over het algemeen houden Zigeuners de Vanner voor de handel en om er af en toe mee te gaan rijden en daarbij zeker indruk te maken.
Tinker - Type B - Romany Grai
Tinker - Type B - Romany Grai
Type B - Romany Grai:
Simpel gezegd is de sectie B de sportwagen die rondscheurt onder de Sectie C-type. Zeker, deze paarden waren van oorsprong de mooier ogende Sectie C Romany Cobs of halfbloed Sectie C's.
In de loop der tijd werden de beste paarden vanzelfsprekend duurder en meer waard dan hun eenvoudigere tegenhangers, de Romany Cob.
De beste hengsten werden op de beste merries "gezet", en een beetje vreemd bloed werd hier en daar toegevoegd, totdat er een apart type ontstond.
Direct te onderscheiden van de andere types.
Het is moeilijk precies te definiëren welk bloed van buiten werd toegevoegd, wat de Sectie B, de Romany Grai, precies dat verfijndere uiterlijk geeft.
Kenmerken zijn het verfijnde kleinere hoofd, de snelle draf, gecombineerd met zijn karakteristieke beenactie.
Volgens mij heeft de Welsh Cob een grote rol gespeeld bij het tot stand komen van de Romany Grai.
Maar de Zigeuners waren niet al té kieskeurig en zouden iedere hengst nemen die beschikbaar was, als ze dachten dat die iets aan de bloedlijnen zou toevoegen.
En wederom, zoals met alles wat Zigeuner is; er werd niets opgeschreven, dus zullen we altijd moeten blijven gissen.
Racen met paarden is altijd populair geweest onder de Roma zigeuners.
En totdat bij de Roma de "Scudder" zijn intrede deed, waren de Grai's in ieder geval sneller, in bezit van een uitgestrektere beweging en lichter dan de Vanners die gefokt werden voor het meer bezadigde werk.
Een paard dat goede bewegingen had, met een goede hoefafzet, mooi getekend, er mooi uitzag en een bijna perfecte conformatie bezat en toch het door de Roma zo begeerde behang bezat, was wat betreft paarden, het ultieme statussymbool.
Een goede hengst van dit type werd uitgezocht en op de allerbeste merries "gezet" en heel snel was de Grai een herkenbaar type, simpelweg "het" type om te bezitten.
De Grai vererft vrij snel zijn/ haar type, met schofthoogtes variërend van 1.32M. tot !.55 M., hoewel iets afwijkende stokmaten ook geaccepteerd worden.
Hoewel de hoeveelheid behang nog steeds ruim aanwezig is, is het minder dan bij de Vanner of de Sectie C; de Romany Cob.
De Grai draagt het wat kleinere en "lieflijkere" hoofd, hoog en trots.
De kleuren zijn zwart en bruinbont, andere kleuren komen natuurlijk ook voor maar worden door de Roma wederom minder gewaardeerd. Het hoofd is normaal gesproken ook zwart of bruin, met bij voorkeur een bles of witte aftekeningen op het voorhoofd.
Deze paarden hebben alles! Snelheid, kracht, behang en "looks"; al het goede aan een Romany paard!
Type B - Romany Grai:
Simpel gezegd is de sectie B de sportwagen die rondscheurt onder de Sectie C-type. Zeker, deze paarden waren van oorsprong de mooier ogende Sectie C Romany Cobs of halfbloed Sectie C's.
In de loop der tijd werden de beste paarden vanzelfsprekend duurder en meer waard dan hun eenvoudigere tegenhangers, de Romany Cob.
De beste hengsten werden op de beste merries "gezet", en een beetje vreemd bloed werd hier en daar toegevoegd, totdat er een apart type ontstond.
Direct te onderscheiden van de andere types.
Het is moeilijk precies te definiëren welk bloed van buiten werd toegevoegd, wat de Sectie B, de Romany Grai, precies dat verfijndere uiterlijk geeft.
Kenmerken zijn het verfijnde kleinere hoofd, de snelle draf, gecombineerd met zijn karakteristieke beenactie.
Volgens mij heeft de Welsh Cob een grote rol gespeeld bij het tot stand komen van de Romany Grai.
Maar de Zigeuners waren niet al té kieskeurig en zouden iedere hengst nemen die beschikbaar was, als ze dachten dat die iets aan de bloedlijnen zou toevoegen.
En wederom, zoals met alles wat Zigeuner is; er werd niets opgeschreven, dus zullen we altijd moeten blijven gissen.
Racen met paarden is altijd populair geweest onder de Roma zigeuners.
En totdat bij de Roma de "Scudder" zijn intrede deed, waren de Grai's in ieder geval sneller, in bezit van een uitgestrektere beweging en lichter dan de Vanners die gefokt werden voor het meer bezadigde werk.
Een paard dat goede bewegingen had, met een goede hoefafzet, mooi getekend, er mooi uitzag en een bijna perfecte conformatie bezat en toch het door de Roma zo begeerde behang bezat, was wat betreft paarden, het ultieme statussymbool.
Een goede hengst van dit type werd uitgezocht en op de allerbeste merries "gezet" en heel snel was de Grai een herkenbaar type, simpelweg "het" type om te bezitten.
De Grai vererft vrij snel zijn/ haar type, met schofthoogtes variërend van 1.32M. tot !.55 M., hoewel iets afwijkende stokmaten ook geaccepteerd worden.
Hoewel de hoeveelheid behang nog steeds ruim aanwezig is, is het minder dan bij de Vanner of de Sectie C; de Romany Cob.
De Grai draagt het wat kleinere en "lieflijkere" hoofd, hoog en trots.
De kleuren zijn zwart en bruinbont, andere kleuren komen natuurlijk ook voor maar worden door de Roma wederom minder gewaardeerd. Het hoofd is normaal gesproken ook zwart of bruin, met bij voorkeur een bles of witte aftekeningen op het voorhoofd.
Deze paarden hebben alles! Snelheid, kracht, behang en "looks"; al het goede aan een Romany paard!
Tinker - Type C - Romany Cob
Tinker - Type C - Romany Cob
Type C - Romany Cob:
Strikt genomen bestaat de Sectie C Romany Cob langer dan de Vanner.
Voordat de Roma zigeuners de Vardo als "leef wagens" gingen gebruiken, waarmee ze sindsdien werden geassocieerd, reisden de Zigeuners over de wegen van Britannië met karren waarop ze hun bezittingen en tenten vervoerden.
Voor deze klus was een kleiner paard gewenst.
Eerst werden de Dales en Fell pony's, overvloedig aanwezig op veilingen en paardenmarkten in het Noorden van Engeland, gebruikt en af en toe gekruist met zwart of anderszins bonte paarden.
Al snel werden de bonte exemplaren de favoriete kleur van de toch al kleurrijke Zigeuners.
Toen de Roma overstapten op het gebruik van woonwagens waren de kleinere Romany Cobs nog steeds in de meerderheid. Ze waren niet alleen goedkoper en beter te verhandelen, maar ook werden zij gebruikt om van het (zigeuner-) kamp naar de stad te rijden, om waren van deur tot deur uit te venten.
Toen eenmaal de Bow Top wagens in de mode kwamen, werden de Romany Cobs weer voor hun oorspronkelijke doel gebruikt, omdat ze sterk genoeg waren om de met canvas huif bedekte wagens te trekken.
De Romany Cob's waren werklieden onder de pony's, waren zelden groter dan 1.45 M., en konden zelfs 1.33M. klein zijn
Spoedig ontwikkelden ze zich tot hét werkpaard onder alle andere reizigers, lompenhandelaars, straatventers en rondreizende handelaars in heel Groot Brittanië.
In sommige delen van landelijk Engeland en Ierland worden deze paarden nog steeds gebruikt om met lichte karren, lompen en rommel in te zamelen, zoals dat zo populair was in de dagen van mijn Grootvader, toen hij zo'n 20 paarden per dag verhuurde aan dergelijke lompenhandelaars.
Deze Cobs zijn veruit de meest voorkomende onder de Roma paardentypes, en de voordeligste in aanschaf. In Groot Brittanië worden ze verhandeld door de Roma, Didikais ( "niet" zigeuners) en overige paardenhandelaren.
Hoewel veel Ierse reizigers (let wel: geen zigeuners!!) de oversteek waagden en naar Engeland kwamen, zijn om de één of andere reden de Zigeuners NOOIT de andere kant op gegaan.
Toen sommige Ierse reizigers terugkeerden naar hun thuisland namen ze dit Cob- type als werkpaard mee terug. Zoals zo vaak echter kunnen alle theorieën en verhalen rond de Zigeuners nooit echt hard worden gemaakt en zal alles altijd wel tot speculaties blijven leiden.
Het C-type, de Romany Cob, mag dan van alle Roma types het voordeligst in de aanschaf zijn, het is dit type dat het meeste werk verricht en ook het paard waarop de Zigeunerkinderen leren rijden.
Type C - Romany Cob:
Strikt genomen bestaat de Sectie C Romany Cob langer dan de Vanner.
Voordat de Roma zigeuners de Vardo als "leef wagens" gingen gebruiken, waarmee ze sindsdien werden geassocieerd, reisden de Zigeuners over de wegen van Britannië met karren waarop ze hun bezittingen en tenten vervoerden.
Voor deze klus was een kleiner paard gewenst.
Eerst werden de Dales en Fell pony's, overvloedig aanwezig op veilingen en paardenmarkten in het Noorden van Engeland, gebruikt en af en toe gekruist met zwart of anderszins bonte paarden.
Al snel werden de bonte exemplaren de favoriete kleur van de toch al kleurrijke Zigeuners.
Toen de Roma overstapten op het gebruik van woonwagens waren de kleinere Romany Cobs nog steeds in de meerderheid. Ze waren niet alleen goedkoper en beter te verhandelen, maar ook werden zij gebruikt om van het (zigeuner-) kamp naar de stad te rijden, om waren van deur tot deur uit te venten.
Toen eenmaal de Bow Top wagens in de mode kwamen, werden de Romany Cobs weer voor hun oorspronkelijke doel gebruikt, omdat ze sterk genoeg waren om de met canvas huif bedekte wagens te trekken.
De Romany Cob's waren werklieden onder de pony's, waren zelden groter dan 1.45 M., en konden zelfs 1.33M. klein zijn
Spoedig ontwikkelden ze zich tot hét werkpaard onder alle andere reizigers, lompenhandelaars, straatventers en rondreizende handelaars in heel Groot Brittanië.
In sommige delen van landelijk Engeland en Ierland worden deze paarden nog steeds gebruikt om met lichte karren, lompen en rommel in te zamelen, zoals dat zo populair was in de dagen van mijn Grootvader, toen hij zo'n 20 paarden per dag verhuurde aan dergelijke lompenhandelaars.
Deze Cobs zijn veruit de meest voorkomende onder de Roma paardentypes, en de voordeligste in aanschaf. In Groot Brittanië worden ze verhandeld door de Roma, Didikais ( "niet" zigeuners) en overige paardenhandelaren.
Hoewel veel Ierse reizigers (let wel: geen zigeuners!!) de oversteek waagden en naar Engeland kwamen, zijn om de één of andere reden de Zigeuners NOOIT de andere kant op gegaan.
Toen sommige Ierse reizigers terugkeerden naar hun thuisland namen ze dit Cob- type als werkpaard mee terug. Zoals zo vaak echter kunnen alle theorieën en verhalen rond de Zigeuners nooit echt hard worden gemaakt en zal alles altijd wel tot speculaties blijven leiden.
Het C-type, de Romany Cob, mag dan van alle Roma types het voordeligst in de aanschaf zijn, het is dit type dat het meeste werk verricht en ook het paard waarop de Zigeunerkinderen leren rijden.
Tinker - Type D - Scudders
Tinker - Type D - Scudders
Type D - Scudders:
Het meest recente Zigeunerpaarden type is de Scudder.
De Scudder onderscheidt zich van de andere Romapaarden in het feit dat het niet gecreëerd werd als werkpaard.
Het woord "Scudder" is Bargoens voor draver.
Dit paard werd gefokt om zijn snelheid in draf. De voorliefde van de Roma voor het racen met paarden en snelheid resulteerde als vanzelf in het inbrengen van Dravers bloed.
Oorspronkelijk werd de Scudder gefokt voor het racen op de openbare weg.
De hoogte van de inzetten die tijdens de weddenschappen werden ingezet liepen en lopen nog steeds sterk uiteen, maar soms ging en gaat het om enorme bedragen. Weer een voorbeeld van de status die Romapaarden aan hun eigenaar verlenen.
Een Grai, die al een goede "draver" was, werd gekruist met elke kleine tot middelgrote Draver die beschikbaar was. Vaak betrof het een gepensionéérde draver.
Navraag van de redactie leverde op dat er verhalen bekend zijn van Zigeuners uit Engeland, die aan het eind van het draf- en ren seizoen naar Duindigt komen om Dravers voor een prikkie op te kopen die of met pensioen gingen, of te weinig prijzengeld hadden opgeleverd. Vaak werden ze nog gekocht met sulky en al.
Dit type is veel verschuldigd aan de Draver, en wordt door de Roma beschouwd als één van de beste all rounders van de paardenwereld, maar met behoud van een rustig temperament.
Scudders zijn fijner gebouwd dan de andere types, met weinig tot zeer weinig behang, en lijken vaak erg veel op een bonte variant van een draver, maar dan met steviger beenwerk en meer substantie.
Wederom wordt als ideale maat ongeveer 1.45M gezien, maar kan ook weer variëren.
Scudders hebben een onmiskenbaar Dravers achtige draf, met ruime lange passen die "de grond lijken op te eten".
Type D - Scudders:
Het meest recente Zigeunerpaarden type is de Scudder.
De Scudder onderscheidt zich van de andere Romapaarden in het feit dat het niet gecreëerd werd als werkpaard.
Het woord "Scudder" is Bargoens voor draver.
Dit paard werd gefokt om zijn snelheid in draf. De voorliefde van de Roma voor het racen met paarden en snelheid resulteerde als vanzelf in het inbrengen van Dravers bloed.
Oorspronkelijk werd de Scudder gefokt voor het racen op de openbare weg.
De hoogte van de inzetten die tijdens de weddenschappen werden ingezet liepen en lopen nog steeds sterk uiteen, maar soms ging en gaat het om enorme bedragen. Weer een voorbeeld van de status die Romapaarden aan hun eigenaar verlenen.
Een Grai, die al een goede "draver" was, werd gekruist met elke kleine tot middelgrote Draver die beschikbaar was. Vaak betrof het een gepensionéérde draver.
Navraag van de redactie leverde op dat er verhalen bekend zijn van Zigeuners uit Engeland, die aan het eind van het draf- en ren seizoen naar Duindigt komen om Dravers voor een prikkie op te kopen die of met pensioen gingen, of te weinig prijzengeld hadden opgeleverd. Vaak werden ze nog gekocht met sulky en al.
Dit type is veel verschuldigd aan de Draver, en wordt door de Roma beschouwd als één van de beste all rounders van de paardenwereld, maar met behoud van een rustig temperament.
Scudders zijn fijner gebouwd dan de andere types, met weinig tot zeer weinig behang, en lijken vaak erg veel op een bonte variant van een draver, maar dan met steviger beenwerk en meer substantie.
Wederom wordt als ideale maat ongeveer 1.45M gezien, maar kan ook weer variëren.
Scudders hebben een onmiskenbaar Dravers achtige draf, met ruime lange passen die "de grond lijken op te eten".
Tinker - Inleiding
Tinker - Inleiding
Inleiding:
De laatste tijd is er veel gepubliceerd over de paarden van de Zigeuners, als gevolg van de toegenomen populariteit van deze paarden in de USA en andere delen van de wereld. Het meeste daarvan, hoewel niet alles, is gebaseerd op onnauwkeurig "van horen zeggen".
De paarden worden vaak onder één gemeenschappelijke noemer geveegd en worden Gypsy Vanners of Tinker paarden genoemd. Maar voor een echte Roma/ zigeuner zijn er verschillende cob types, die binnen één oogopslag herkend kunnen worden. In deze serie artikelen, wil ik proberen zaken recht te zetten en in het kort uitleg geven over de paarden, die wij, de Roma, misschien nogal gemakkelijk of nonchalant Cobs noemen.
Roma paarden bestaan al vele generaties. Terwijl deze paarden zich ontwikkelden hebben ze zich in vier hoofdtypes uitgekristaliseerd, elk duidelijk herkenbaar voor het kundige oog van de Roma. De zigeuners, of zoals ze liever genoemd worden Roma of Reizigers, registreren deze paarden niet als zodanig. Zoals in alle aangelegenheden waar het zigeuners betreft, wordt niets opgeschreven of vastgelegd. Veel publicaties zijn er recentelijk verschenen over de paarden van de Roma.
En experts schijnen, zomaar komend vanuit het niets, tot toonaangevende kenners in hun respectievelijke landen van herkomst te kunnen worden. Geen van hen zijn Roma, of zelfs maar engels van herkomst.
Ons volk voelt niet de behoefte om boeken bij te houden of bewijsstukken op papier te bezitten, maar met de groeiende populariteit en daarmee samenhangend een toename van verkeerde informatie, vooral verspreid op het Internet, wordt het van groot belang te zorgen voor een andere juiste inbreng.
Aanvankelijk bood ik alleen goede paarden te koop aan, maar na herhaalde verzoeken heb ik besloten te proberen uit te leggen waar het bij deze paarden om draait. Nu al is het zo ver, dat velen denken dat Ierland het land van herkomst is van de Roma paarden. Hopelijk zullen deze artikelen voor kopers, fokkers en liefhebbers van deze prachtige kleurrijke paarden, verheldering brengen. Vastleggen en beschrijven van deze paarden zal ook bijdragen aan het behoud in de vorm waarin ze oorspronkelijk werden gecreëerd.
Zigeuners, Roma, reizigers, noem ze hoe u wilt, kunnen niet langer oogluikend toezien hoe mensen die weinig of niets over deze paarden weten, registraties opzetten en nieuwe bloedlijnen starten, zonder, of met maar amper, inbreng van het Roma volk. Gelukkig, en veel lof aan hun adres daarvoor, zijn sommigen, zoals het Nederlands Stamboek voor Tinkers, uitermate geïnteresseerd om de dingen op de goede manier te willen doen, en staan zij open voor inbreng van hen die verstand van deze paarden hebben en ze al generaties lang houden.
Samen met mensen zo als zij (van het Nederlands Stamboek voor Tinkers) ben ik er zeker van dat het ras over de hele wereld zal floreren en alleen maar sterker zal worden.
Om nu te zeggen dat deze Gypsy Vanners of Ierse Tinkers alle kleuren en stokmaten variërend van 1.33 tot 1.60 bevatten, doet geen recht aan de moeite die besteed is aan het ontwikkelen van deze Cobs, zoals ze heden ten dage bestaan. Ik ben erg blij dat enkele betrokken mensen bereid zijn te doen wat het beste voor deze paarden is, en ze niet alleen zien als een manier om snel winst te maken. Ik ben bereid iedereen naar mijn beste vermogen te helpen, maar alleen als mijn hulp gewenst is. Het is heel jammer dat al veel goedkope paarden uit Engeland en Ierland geëxporteerd zijn. Kwaliteit is niet goedkoop. Top exemplaren van deze paarden kunnen vel duizenden Engelse Ponden opbrengen, maar ik hoop alleen maar dat de mensen paarden kopen van eerlijke paardenliefhebbers, en niet van gewetenloze handelaren. Deze paarden kunnen alles zijn wat je maar wilt, ze zullen uitblinken op elk gebied of evenement. Persoonlijk zie ik ze het liefst zodanig getoond en mee gewerkt worden, als waar ze oorspronkelijk voor waren bedoeld, met zigeunertuig en kleurrijke Roma woonwagens en karren. Voor veel Reizigers, Roma/ zigeuners zijn de Roma-paarden de laatste link met vroeger. Zij moeten ook een rol in hun toekomst blijven spelen!
Inleiding:
De laatste tijd is er veel gepubliceerd over de paarden van de Zigeuners, als gevolg van de toegenomen populariteit van deze paarden in de USA en andere delen van de wereld. Het meeste daarvan, hoewel niet alles, is gebaseerd op onnauwkeurig "van horen zeggen".
De paarden worden vaak onder één gemeenschappelijke noemer geveegd en worden Gypsy Vanners of Tinker paarden genoemd. Maar voor een echte Roma/ zigeuner zijn er verschillende cob types, die binnen één oogopslag herkend kunnen worden. In deze serie artikelen, wil ik proberen zaken recht te zetten en in het kort uitleg geven over de paarden, die wij, de Roma, misschien nogal gemakkelijk of nonchalant Cobs noemen.
Roma paarden bestaan al vele generaties. Terwijl deze paarden zich ontwikkelden hebben ze zich in vier hoofdtypes uitgekristaliseerd, elk duidelijk herkenbaar voor het kundige oog van de Roma. De zigeuners, of zoals ze liever genoemd worden Roma of Reizigers, registreren deze paarden niet als zodanig. Zoals in alle aangelegenheden waar het zigeuners betreft, wordt niets opgeschreven of vastgelegd. Veel publicaties zijn er recentelijk verschenen over de paarden van de Roma.
En experts schijnen, zomaar komend vanuit het niets, tot toonaangevende kenners in hun respectievelijke landen van herkomst te kunnen worden. Geen van hen zijn Roma, of zelfs maar engels van herkomst.
Ons volk voelt niet de behoefte om boeken bij te houden of bewijsstukken op papier te bezitten, maar met de groeiende populariteit en daarmee samenhangend een toename van verkeerde informatie, vooral verspreid op het Internet, wordt het van groot belang te zorgen voor een andere juiste inbreng.
Aanvankelijk bood ik alleen goede paarden te koop aan, maar na herhaalde verzoeken heb ik besloten te proberen uit te leggen waar het bij deze paarden om draait. Nu al is het zo ver, dat velen denken dat Ierland het land van herkomst is van de Roma paarden. Hopelijk zullen deze artikelen voor kopers, fokkers en liefhebbers van deze prachtige kleurrijke paarden, verheldering brengen. Vastleggen en beschrijven van deze paarden zal ook bijdragen aan het behoud in de vorm waarin ze oorspronkelijk werden gecreëerd.
Zigeuners, Roma, reizigers, noem ze hoe u wilt, kunnen niet langer oogluikend toezien hoe mensen die weinig of niets over deze paarden weten, registraties opzetten en nieuwe bloedlijnen starten, zonder, of met maar amper, inbreng van het Roma volk. Gelukkig, en veel lof aan hun adres daarvoor, zijn sommigen, zoals het Nederlands Stamboek voor Tinkers, uitermate geïnteresseerd om de dingen op de goede manier te willen doen, en staan zij open voor inbreng van hen die verstand van deze paarden hebben en ze al generaties lang houden.
Samen met mensen zo als zij (van het Nederlands Stamboek voor Tinkers) ben ik er zeker van dat het ras over de hele wereld zal floreren en alleen maar sterker zal worden.
Om nu te zeggen dat deze Gypsy Vanners of Ierse Tinkers alle kleuren en stokmaten variërend van 1.33 tot 1.60 bevatten, doet geen recht aan de moeite die besteed is aan het ontwikkelen van deze Cobs, zoals ze heden ten dage bestaan. Ik ben erg blij dat enkele betrokken mensen bereid zijn te doen wat het beste voor deze paarden is, en ze niet alleen zien als een manier om snel winst te maken. Ik ben bereid iedereen naar mijn beste vermogen te helpen, maar alleen als mijn hulp gewenst is. Het is heel jammer dat al veel goedkope paarden uit Engeland en Ierland geëxporteerd zijn. Kwaliteit is niet goedkoop. Top exemplaren van deze paarden kunnen vel duizenden Engelse Ponden opbrengen, maar ik hoop alleen maar dat de mensen paarden kopen van eerlijke paardenliefhebbers, en niet van gewetenloze handelaren. Deze paarden kunnen alles zijn wat je maar wilt, ze zullen uitblinken op elk gebied of evenement. Persoonlijk zie ik ze het liefst zodanig getoond en mee gewerkt worden, als waar ze oorspronkelijk voor waren bedoeld, met zigeunertuig en kleurrijke Roma woonwagens en karren. Voor veel Reizigers, Roma/ zigeuners zijn de Roma-paarden de laatste link met vroeger. Zij moeten ook een rol in hun toekomst blijven spelen!
Tinker - vragen en antwoorden
Tinker - vragen en antwoorden
Vragen&Antwoorden:
Wat doet het stamboek?
Het geven van voorlichting, het bijhouden van registers, het houden van keuringen, het promoten van de Tinker, het uitgeven van een stamboekblad genaamd "Battie".
Krijg je een keuringcertificaat na een keuring?
Ja, iedereen krijgt een certificaat met vermelding van de behaalde premie en het boek waarin de tinker is opgenomen.
Hoe werkt het stamboek?
Voor alle merries, ruinen en hengsten die nu geregistreerd worden bij het stamboek geldt het volgende:
Merries en ruinen van drie jaar en ouder moeten ter keuring worden aangeboden dit jaar. Op de keuring worden ze eerst bekeken door een veterinair die zal kijken of uw Tinker vrij is erfelijke afwijkingen en van de navolgende gebreken: de monden (overbijters en onderbijters), de knieën (patella luxatie naar lateraal, habitueel en stationair), open fontanellen, extreem afwijkende beenstanden.
Door juryleden worden gekeken of uw Tinker voldoet aan de rasomschrijving. Is dit het geval dan wordt de Tinker Registermerrie of Registerruin. Wanneer de Tinker op haar of zijn exterieur Sterwaardig wordt dan heeft u een Sterregistermerrie of Sterregisterruin. De merries, ruinen en hengsten jonger dan drie jaar worden opgenomen in het Register-veulenboek mits voldaan wordt aan de voorwaarden die gesteld zijn.
Een Registermerrie die een veulen krijgt van een bij het Nederlands Stamboek voor Tinkers goedgekeurde hengst dan wordt dit veulen opgenomen in het veulenboek Wanneer dit veulen drie jaar oud is wordt deze gekeurd en wanneer het vrij is van gebreken worden dit deze opgenomen als Stamboekmerrie, Stamboekruin of Stamboekhengst. Wanneer de Stamboekhengst ingezet gaat worden voor de dekdienst zal deze weer de zware keuring moeten ondergaan om aangemerkt te worden als Goedgekeurde Stamboekhengst.
Moeten de hengsten ieder jaar gekeurd worden?
Als er weer nieuwe hengsten worden aangeboden, die op 1 januari 3 jaar of ouder zijn, worden deze uitgenodigd voor een veterinair-, sperma- en DNA-onderzoek.
Wordt er ieder jaar een hengstenshow georganiseerd?
Ja, Dat zal vermoedelijk altijd begin april zijn.
Hoeveel maal per jaar wordt het stamboekblad uitgegeven?
De "Battie" verschijnt 4 keer per jaar.
Worden er dit jaar nog voorlichtingsavonden georganiseerd?
Ja, er zal dit jaar aandacht besteed worden aan het voorbrengen en keuringsklaar maken van uw tinker.
Hoe kan ik mij aanmelden voor het stamboek?
Aanmelden voor het stamboek kunt u doen via het internet, klik daarvoor op "Inschrijven" in het menu "Organisatie" op deze pagina, of neem contact op met het Secretariaat voor het aanvragen van een inschrijfformulier (zie de Adres-pagina in het menu Organisatie). U wordt dan op de hoogte gehouden van de activiteiten van het stamboek en ontvangt u het stamboekblad "Battie".
Ik heb geen Tinker, maar wil toch op de hoogte worden gehouden van het stamboek?
U kunt contribuant worden van het stamboek. U wordt dan op de hoogte gehouden van de activiteiten van het stamboek en ontvangt u het stamboekblad "Battie". Klik op "Inschrijven" in het menu "Organisatie" op deze pagina, of neem contact op met het Secretariaat voor het aanvragen van een inschrijfformulier.
Waar kan ik het stamboek in levende lijve ontmoeten?
Het stamboek staat regelmatig met een stand op diverse evenementen.
Welke erkenning heeft het stamboek?
Het stamboek heeft de Europese erkenning als moederstamboek.
Hoeveel dekkingen zijn er in 2001 geweest?
In 2001 zijn er 123 dekkingen geweest van goedgekeurde registerhengsten.
Hoeveel contribuanten heeft het stamboek?
Het stamboek heeft op dit moment (eind 2003) ruim 600 contribuanten.
Met wat voor letter begint het stamboek voor de nu geboren veulens?
Je mag met elke willekeurige letter beginnen. Veel mensen vinden het leuk om een Ierse of Engelse naam te gebruiken, maar dat is niet makkelijk voor elke letter.
Hoe kan ik losse nummers van het blad Battie bestellen?
Die kun je kopen op de beurzen waar het stamboek staat en natuurlijk op de keuringen en hengstenshows.
Wat moet ik doen als er bij mij dit jaar een stamboekveulen geboren wordt?
Wordt er dit jaar bij u een stamboekveulen geboren dan dient u het geboortebericht op te sturen naar het Secretariaat van het Nederlands Stamboek voor Tinkers, afdeling Stamboekzaken, Caro van Eyckstraat 71, 7558 NK Hengelo. Het geboortebericht dient binnen 14 dagen na de geboorte opgestuurd te worden. Bij de geboorteaangifte wordt diegene die de eigenaar van de merrie is op het moment van de geboorte van het veulen, door het Stamboek als fokker van het veulen beschouwd. Het geboortebericht dus altijd terug sturen. Ook als de merrie gust is gebleven of bij doodgeboorte of spontane abortus.Tijdens de keuringen wordt het veulen gechipt naast de moeder. Opname in het veulenboek kan alleen geschieden als u naar keuring bent geweest
Kan ik mij ook vanuit het buitenland aanmelden voor het stamboek?
Ja, het is ook mogelijk om met een buitenlands adres contribuant te worden.
De contributie bedraagt dan EUR 47,65 en inschrijfgeld EUR 11,34
http://www.tinkerstamboek.nl/
Vragen&Antwoorden:
Wat doet het stamboek?
Het geven van voorlichting, het bijhouden van registers, het houden van keuringen, het promoten van de Tinker, het uitgeven van een stamboekblad genaamd "Battie".
Krijg je een keuringcertificaat na een keuring?
Ja, iedereen krijgt een certificaat met vermelding van de behaalde premie en het boek waarin de tinker is opgenomen.
Hoe werkt het stamboek?
Voor alle merries, ruinen en hengsten die nu geregistreerd worden bij het stamboek geldt het volgende:
Merries en ruinen van drie jaar en ouder moeten ter keuring worden aangeboden dit jaar. Op de keuring worden ze eerst bekeken door een veterinair die zal kijken of uw Tinker vrij is erfelijke afwijkingen en van de navolgende gebreken: de monden (overbijters en onderbijters), de knieën (patella luxatie naar lateraal, habitueel en stationair), open fontanellen, extreem afwijkende beenstanden.
Door juryleden worden gekeken of uw Tinker voldoet aan de rasomschrijving. Is dit het geval dan wordt de Tinker Registermerrie of Registerruin. Wanneer de Tinker op haar of zijn exterieur Sterwaardig wordt dan heeft u een Sterregistermerrie of Sterregisterruin. De merries, ruinen en hengsten jonger dan drie jaar worden opgenomen in het Register-veulenboek mits voldaan wordt aan de voorwaarden die gesteld zijn.
Een Registermerrie die een veulen krijgt van een bij het Nederlands Stamboek voor Tinkers goedgekeurde hengst dan wordt dit veulen opgenomen in het veulenboek Wanneer dit veulen drie jaar oud is wordt deze gekeurd en wanneer het vrij is van gebreken worden dit deze opgenomen als Stamboekmerrie, Stamboekruin of Stamboekhengst. Wanneer de Stamboekhengst ingezet gaat worden voor de dekdienst zal deze weer de zware keuring moeten ondergaan om aangemerkt te worden als Goedgekeurde Stamboekhengst.
Moeten de hengsten ieder jaar gekeurd worden?
Als er weer nieuwe hengsten worden aangeboden, die op 1 januari 3 jaar of ouder zijn, worden deze uitgenodigd voor een veterinair-, sperma- en DNA-onderzoek.
Wordt er ieder jaar een hengstenshow georganiseerd?
Ja, Dat zal vermoedelijk altijd begin april zijn.
Hoeveel maal per jaar wordt het stamboekblad uitgegeven?
De "Battie" verschijnt 4 keer per jaar.
Worden er dit jaar nog voorlichtingsavonden georganiseerd?
Ja, er zal dit jaar aandacht besteed worden aan het voorbrengen en keuringsklaar maken van uw tinker.
Hoe kan ik mij aanmelden voor het stamboek?
Aanmelden voor het stamboek kunt u doen via het internet, klik daarvoor op "Inschrijven" in het menu "Organisatie" op deze pagina, of neem contact op met het Secretariaat voor het aanvragen van een inschrijfformulier (zie de Adres-pagina in het menu Organisatie). U wordt dan op de hoogte gehouden van de activiteiten van het stamboek en ontvangt u het stamboekblad "Battie".
Ik heb geen Tinker, maar wil toch op de hoogte worden gehouden van het stamboek?
U kunt contribuant worden van het stamboek. U wordt dan op de hoogte gehouden van de activiteiten van het stamboek en ontvangt u het stamboekblad "Battie". Klik op "Inschrijven" in het menu "Organisatie" op deze pagina, of neem contact op met het Secretariaat voor het aanvragen van een inschrijfformulier.
Waar kan ik het stamboek in levende lijve ontmoeten?
Het stamboek staat regelmatig met een stand op diverse evenementen.
Welke erkenning heeft het stamboek?
Het stamboek heeft de Europese erkenning als moederstamboek.
Hoeveel dekkingen zijn er in 2001 geweest?
In 2001 zijn er 123 dekkingen geweest van goedgekeurde registerhengsten.
Hoeveel contribuanten heeft het stamboek?
Het stamboek heeft op dit moment (eind 2003) ruim 600 contribuanten.
Met wat voor letter begint het stamboek voor de nu geboren veulens?
Je mag met elke willekeurige letter beginnen. Veel mensen vinden het leuk om een Ierse of Engelse naam te gebruiken, maar dat is niet makkelijk voor elke letter.
Hoe kan ik losse nummers van het blad Battie bestellen?
Die kun je kopen op de beurzen waar het stamboek staat en natuurlijk op de keuringen en hengstenshows.
Wat moet ik doen als er bij mij dit jaar een stamboekveulen geboren wordt?
Wordt er dit jaar bij u een stamboekveulen geboren dan dient u het geboortebericht op te sturen naar het Secretariaat van het Nederlands Stamboek voor Tinkers, afdeling Stamboekzaken, Caro van Eyckstraat 71, 7558 NK Hengelo. Het geboortebericht dient binnen 14 dagen na de geboorte opgestuurd te worden. Bij de geboorteaangifte wordt diegene die de eigenaar van de merrie is op het moment van de geboorte van het veulen, door het Stamboek als fokker van het veulen beschouwd. Het geboortebericht dus altijd terug sturen. Ook als de merrie gust is gebleven of bij doodgeboorte of spontane abortus.Tijdens de keuringen wordt het veulen gechipt naast de moeder. Opname in het veulenboek kan alleen geschieden als u naar keuring bent geweest
Kan ik mij ook vanuit het buitenland aanmelden voor het stamboek?
Ja, het is ook mogelijk om met een buitenlands adres contribuant te worden.
De contributie bedraagt dan EUR 47,65 en inschrijfgeld EUR 11,34
http://www.tinkerstamboek.nl/
Tinker - Hengsten en het stamboek
Tinker - Hengsten en het stamboek
Hengsten en het stamboek.
Als je een Tinkerhengst bezit dan kun je hem naast het rijden en/of voor de wagen spannen, ook inzetten voor de dekdienst. Dit kan voor je eigen merries of voor die van vrienden en kennissen. Maar je kunt ook professioneel dekken met je hengst. En natuurlijk wil je dit op een goede manier doen. Een van de doelstellingen van het Nederlands Stamboek voor Tinkers is het bevorderen van de fokkerij van Tinkers. Daarom stelt het stamboek een aantal regels en voorwaarden als je met een hengst wilt gaan dekken.
Naast het voldoen aan de raskenmerken van het NST en een veterinaire goedkeuring, moeten de hengsten ook voldoen aan een aantal sperma-eisen. Deze sperma-eisen zijn opgesteld in overleg met de Diergeneeskundige Faculteit in Utrecht. De reden dat het NST erg veel waarde hecht aan de spermakwaliteit van hun dekhengsten is het simpele feit dat een lage kwaliteit sperma kan duiden op een hoog inteelt percentage. Het sperma van door het NST goedgekeurde hengsten moet voldoen aan de volgende eisen:
50% bewegende spermiën;
50% normaal gebouwde spermiën van het totaal aantal levende, 600 TNB (Totaal aantal Normaal Bewegende cellen)
Deze criteria zijn niet alleen nodig om o.a. de merriehouders te beschermen, maar ook omdat wij als stamboek met een goede kwaliteit hengsten willen werken. Als startend stamboek, waarvan in het grootste deel van de gevallen geen ouders van de ingeschreven en in te schrijven bekend zijn, is het noodzakelijk dat we met goed en gezond fokmateriaal beginnen voor het verdere bestaan van het ras.
http://www.tinkerstamboek.nl/
Hengsten en het stamboek.
Als je een Tinkerhengst bezit dan kun je hem naast het rijden en/of voor de wagen spannen, ook inzetten voor de dekdienst. Dit kan voor je eigen merries of voor die van vrienden en kennissen. Maar je kunt ook professioneel dekken met je hengst. En natuurlijk wil je dit op een goede manier doen. Een van de doelstellingen van het Nederlands Stamboek voor Tinkers is het bevorderen van de fokkerij van Tinkers. Daarom stelt het stamboek een aantal regels en voorwaarden als je met een hengst wilt gaan dekken.
Naast het voldoen aan de raskenmerken van het NST en een veterinaire goedkeuring, moeten de hengsten ook voldoen aan een aantal sperma-eisen. Deze sperma-eisen zijn opgesteld in overleg met de Diergeneeskundige Faculteit in Utrecht. De reden dat het NST erg veel waarde hecht aan de spermakwaliteit van hun dekhengsten is het simpele feit dat een lage kwaliteit sperma kan duiden op een hoog inteelt percentage. Het sperma van door het NST goedgekeurde hengsten moet voldoen aan de volgende eisen:
50% bewegende spermiën;
50% normaal gebouwde spermiën van het totaal aantal levende, 600 TNB (Totaal aantal Normaal Bewegende cellen)
Deze criteria zijn niet alleen nodig om o.a. de merriehouders te beschermen, maar ook omdat wij als stamboek met een goede kwaliteit hengsten willen werken. Als startend stamboek, waarvan in het grootste deel van de gevallen geen ouders van de ingeschreven en in te schrijven bekend zijn, is het noodzakelijk dat we met goed en gezond fokmateriaal beginnen voor het verdere bestaan van het ras.
http://www.tinkerstamboek.nl/
tinker - geschiedenis
tinker - geschiedenis
Geschiedenis
De Tinker ook wel Irish cob ,of gypsy horse genoemd,komen uit Ierland en Engeland.
Het woord Tinker was en is in Ierland en Engeland een scheldnaam voor ketellappers. Het ketellappersvolk was vroeger een rondzwervend volk die zich bezig hielden met het repareren van ketels, het waren zeker niet de braafste.
Het woord Tinker verwijst naar het Ierse woord"tinceard": In het Nederlands vertaald betekend het tinsmid.
Zigeuners noemen zichzelf "travellers"en zo willen ze dan ook graag genoemd worden. Deze naam wordt gebruikt in Nederland, België, Duitsland.
De Tinker komt van oorsprong uit Ierland en het noorden van Engeland.
Het paard is vaak tweekleurig: zwartbont, vosbont. schimmelbont of bruinbont. ook bestaan er driekleurige Tinkers die verschillen in het bruinbont doordat ze zwarte manen hebben en er zijn driekleurige die op de huid al drie kleuren hebben. Het zwarte deel zit vaak in de overgang van wit naar bruin op de voorbenen en achterbenen.
Deze laatste komen in Nederland, naar verhouding,niet veel voor, omdat de driekleurige de geluksbrengers zijn, tenminste dat zeggen de zigeuners zelf.
Hebben Tinkers ook nog een witte pluk in een zwarte staart of een zwarte pluk in een witte staart dan zijn het, volgens de zigeuners, de echte geluksbrengers. Ook de Tinkers met één wit oor kan bij het rijtje worden geplaatst.
De paarden variëren qua type en stokmaat sterk. De stokmaat schommelt tussen de 1.35 en de 1.60 m. Er zijn echter ook exemplaren die de stokmaat van 1.60 m ruimschoots overschrijden. Waarschijnlijk zit er dan veel Clydesdale of Shire bloed in het voorgeslacht.
Vaak hebben Tinkers zware witte benen met veel behang.
De paarden hebben veel massa en hebben een hard, droog en zwaar beenwerk. De hoofden zijn sprekend en hebben over het algemeen een brede bles. Als de ogen in de witte bles liggen zijn ze vaak blauw gekleurd en worden ze maanoog of glasoog genoemd.
Ramshoofden en halframshoofden komen ook voor.
Met dank aan Jos de Boer, Miranda Souter, Jan linker www.tinkerstamboek.nl
Ontstaan van het type Tinker
Omtrent de afstammeling van de Tinker kan ik u melden dat er heel veel verschillende bloedlijnen zijn gebruikt in het verleden.
Meest voorkomende zijn: Shire, Dales, fell, clydesdale. Maar ik kijk er niet gek van op dat er waarschijnlijk meer rassen in zullen voor komen.
http://www.tinkerwereld.com/
Geschiedenis
De Tinker ook wel Irish cob ,of gypsy horse genoemd,komen uit Ierland en Engeland.
Het woord Tinker was en is in Ierland en Engeland een scheldnaam voor ketellappers. Het ketellappersvolk was vroeger een rondzwervend volk die zich bezig hielden met het repareren van ketels, het waren zeker niet de braafste.
Het woord Tinker verwijst naar het Ierse woord"tinceard": In het Nederlands vertaald betekend het tinsmid.
Zigeuners noemen zichzelf "travellers"en zo willen ze dan ook graag genoemd worden. Deze naam wordt gebruikt in Nederland, België, Duitsland.
De Tinker komt van oorsprong uit Ierland en het noorden van Engeland.
Het paard is vaak tweekleurig: zwartbont, vosbont. schimmelbont of bruinbont. ook bestaan er driekleurige Tinkers die verschillen in het bruinbont doordat ze zwarte manen hebben en er zijn driekleurige die op de huid al drie kleuren hebben. Het zwarte deel zit vaak in de overgang van wit naar bruin op de voorbenen en achterbenen.
Deze laatste komen in Nederland, naar verhouding,niet veel voor, omdat de driekleurige de geluksbrengers zijn, tenminste dat zeggen de zigeuners zelf.
Hebben Tinkers ook nog een witte pluk in een zwarte staart of een zwarte pluk in een witte staart dan zijn het, volgens de zigeuners, de echte geluksbrengers. Ook de Tinkers met één wit oor kan bij het rijtje worden geplaatst.
De paarden variëren qua type en stokmaat sterk. De stokmaat schommelt tussen de 1.35 en de 1.60 m. Er zijn echter ook exemplaren die de stokmaat van 1.60 m ruimschoots overschrijden. Waarschijnlijk zit er dan veel Clydesdale of Shire bloed in het voorgeslacht.
Vaak hebben Tinkers zware witte benen met veel behang.
De paarden hebben veel massa en hebben een hard, droog en zwaar beenwerk. De hoofden zijn sprekend en hebben over het algemeen een brede bles. Als de ogen in de witte bles liggen zijn ze vaak blauw gekleurd en worden ze maanoog of glasoog genoemd.
Ramshoofden en halframshoofden komen ook voor.
Met dank aan Jos de Boer, Miranda Souter, Jan linker www.tinkerstamboek.nl
Ontstaan van het type Tinker
Omtrent de afstammeling van de Tinker kan ik u melden dat er heel veel verschillende bloedlijnen zijn gebruikt in het verleden.
Meest voorkomende zijn: Shire, Dales, fell, clydesdale. Maar ik kijk er niet gek van op dat er waarschijnlijk meer rassen in zullen voor komen.
http://www.tinkerwereld.com/
Abonneren op:
Posts (Atom)
